Uit opportunisme geboren alliantie 'bevrijdt' Oost-Zaire

NAIROBI, 13 DEC. Ook een sceptische bezoeker ondergaat een gevoel van bevrijding in het door rebellen gecontroleerde gebied van Oost-Zaïre. Losgeslagen regeringssoldaten persten hier tot enkele maanden geleden routineus en onbeschaamd burger en bezoeker af. Bij wegversperringen en de grensposten diende stevig te worden betaald aan soldaten. Een weigering werd niet geaccepteerd, daarop volgde een hard pak slaag of detentie. De militairen waren de enige wet in deze jungle. Zaïre onder het regeringsleger was een uiterst onaangename en dure plaats om te verkeren.

“We zijn zo verschrikkelijk gelukkig met het vertrek van de regeringssoldaten”, zegt de jezuïeten priester Didier de Failli in de 'rebellenhoofdstad' Bukavu. Waarna hij onmiddellijk vervolgt: “Maar wat kunnen we verwachten van deze opstandelingen?” Om argwaan onder de bevolking weg te nemen, zijn de nieuwe machthebbers begonnen bestuurders te benoemen, zoals voor de politie, scholen en de gezondheidszorg. Zij geven daarbij de voorkeur aan degenen die in het gebied geboren zijn. Achtergebleven ambtenaren mogen hun posten behouden, evenals voormalige regeringssoldaten. Bij hun aanstellingen kregen zij allen één overduidelijke waarschuwing: Vraag niet om smeergeld.

De bevolking keert voorzichtig terug naar de steden, de markten functioneren weer en boeren leveren produkten aan, winkels heropenen hun deuren en de sigarettenindustrie van Goma gaat binnenkort weer draaien. Op het vliegveld van deze stad landde enkele weken geleden voor het eerst weer een vliegtuig, met onbekende lading. Buitenlandse mijnbouwbedrijven in rebellengebied mogen blijven opereren als ze belastingen afdragen aan de nieuwe autoriteiten. De oostelijke provincies Noord- en Zuid-Kivu behoren tot de meest vruchtbare van Zaïre. Het gebied kan op eigen kracht verder als de nieuwe machthebbers er de orde, die al jaren niet meer bestond, weten te herstellen.

De herkenningsmelodie van het radiostation van de rebellen in Bukavu is In the mood van Glenn Miller. Maar de positieve stemming kan gemakkelijk omslaan. De Tutsi's van de Banyamulenge - die nu de kern vormen van de rebellenbeweging - waren tot voor kort weinig geliefd bij andere bevolkingsgroepen in Oost-Zaïre. Vele bewoners van Bukavu en Goma uiten de vrees dat hun land is bezet door een coalitie van Tutsi's uit Rwanda en Oost-Zaïre. Zij wijzen richting Rwanda als hen wordt gevraagd wie de rebellen zijn. In werkelijkheid vormen de Tutsi's inmiddels een kleine minderheid in het rebellenleger. Ze vallen op door discipline en kennis van militaire strategie, maar hebben grove misdaden door soldaten niet kunnen voorkomen.

Het rebellenverbond, de Alliantie voor Democratische Krachten voor de Bevrijding van Congo-Zaire (ADFL), werd op 16 october in Lemera opgericht. Het bestaat uit vier revolutionaire Zaïrese partijen uit de jaren zestig. De 56-jarige Zairese guerrillaleider Laurent Desiré Kabila, afkomstig uit de veel zuidelijker gelegen provincie Shaba, kwam aan het hoofd te staan. Che Guevara deed Kabila's hoofdkantoor in de jungle aan in de dagen van de Congo-crisis, maar de Cubaanse vrijheidsstrijder keerde destijds diep teleurgesteld over de kansen op een revolutie uit Zaire terug. Kabila noemt zijn strijdkrachten nu het Congolese Bevrijdingsleger en hij belooft geheel Zaïre te gaan bevrijden.

Aanvankelijk met Banyamulenge-strijders maar later met andere Zaïrese verzetsgroepen veroverde het ADFL in enkele weken een gebied van ruim 500 km langs de grenzen met Burundi, Rwanda en Oeganda. De rebellen-alliantie kwam snel tot stand. Vermoedelijk lieten de Oegandese en Rwandese leiders Yoweri Museveni en Paul Kagame hun invloed gelden. Volgens de priester Didier de Failli in Bukavu recruteerden het ADFL huurlingen. “Er vechten huurlingen uit Oeganda, Rwanda en Zaire mee”, stelt hij. “Ook de Zairese verzetsgroep Mai Mai liet zich kopen. De Mai-Mai strijders willen nu geld voor hun diensten.”

De Mai-Mai is vermoedelijk de meest bizarre groep van de Zäirese rebellenbeweging. De naam is een verbastering van het Kiswahili woord maji, dat water betekent. In 1905 en 1906 bestreden de Duitse kolonisten in Tanzania de Maji-Maji-rebellie. Gelijksoortige rebellengroepen vochten in de jaren zestig in Zaïre tijdens de opstand in Kisangani van Pierre Mulele, aanhanger van Mobutu's rivaal Patrice Lumumba. De Mai-Mai maakt ruimschoots gebruik van ceremonie en magie. Kogels op hen afgevuurd veranderen in water als de Mai-Mai strijder eerst een speciale kruidenthee heeft gedronken, geen zeep heeft gebruikt en goeddeels naakt ten strijde trekt.

Er bestaan in de Oostzaïrese regio's verscheidene Mai Mai milities. Ze begonnen te mobiliseren onder de Zairese bevolkingsgroepen de Hunde, Nande en Mayogo toen deze in 1993 slaags raakten met immigranten uit Rwanda. Deze immigranten - zowel Hutu's als Tutsi's - leven al vele generaties in Oost-Zaïre en overtreffen in sommige streken in aantal de orginele bevolking. Na de komst van anderhalf miljoen Rwandese Hutu-vluchtelingen in 1994 richtten de Mai-Mai hun speren en geweren op de Hutu-vluchtelingen maar sommige Mai-Mai groepen bleven ook Tutsi-immigranten aanvallen.

De alliantie van de Banyamulenge-Tutsi's en de Mai-Mai is gebouwd op opportunisme. De Hunde Mai Mai vochten in de jaren zestig met Pierre Mulele tegen het leger van president Mobutu. De Banyamulenge streden toen eveneens met Mulele tegen Mobutu maar lieten zich later met wapens door de president omkopen. Banyamulenge en Mai-Mai hebben elkaar nu weer gevonden in hun gemeenschappelijke vijand Mobutu. Bewoners van Oost-Zaïre vragen zich af hoelang dit tactische verbond kan standhouden. De competitie en strijd tussen de talrijke militia's, verzetsgroepen en regeringen in het Gebied van de Grote Meren draait in grote mate om landbouwgrond. Hutu's en Tutsi's uit het overbevolkte Rwanda en Burundi zoeken al veel langer naar levensruimte in de maagdelijke heuvels en bergen van Oost-Zaïre. De oorspronkelijke bewoners van Oost-Zaïre vrezen straks een prijs te moeten betalen door veel grond kwijt te raken aan een nieuwe stroom van immigranten.