Spoorwegnet

Naar aanleiding van de brieven van E. van der Does (29 november) en P.C. van der Eerden (3 december), wil ik het volgende opmerken.

Deelnemen aan de bouw van het toekomstige Europese hogesnelheids-spoorwegnet is wel degelijk zinvol. Men kan zich natuurlijk, vanuit een attitude van cultuurpessimisme, met hand en tand blijven verzetten tegen deze technische vooruitgang, maar het nuchtere feit is dat het Europa van morgen efficiënte middelen van vervoer nodig zal hebben, zèlfs al zouden wij op korte termijn een economische nulgroei kunnen realiseren.

Afhankelijk van de basis van vergelijking, heeft de rail een twee- à achtmaal zo grote vervoerscapaciteit als de weg, per ton per kilometer eenvierde à eenvijfde van het energieverbruik daarvan, is hoe dan ook veiliger, maar legt ook een veel geringer beslag op het 'milieu', in de wijdste zin des woords. Het spoor is een door en door beproefde techniek, die vanwege haar bruikbaarheid en haar onvervangbaarheid volledig van deze tijd is. Laten wij daar dus in investeren, zonder mopperen.