Tweede kwartet van Jeths: sterk, indrukwekkend

Concert: Orpheus Kwartet. Werken van Brahms, Jeths en Beethoven. Gehoord 1/12 Beurs van Berlage Amsterdam. Herhaling 2/12 Nieuwe Kerk Den Haag, 11/12 Muziekcentrum Enschede, 12/12 De Speeldoos Vught, 11/5 97 Wijngracht Theater Kerkrade en 13/5 97 De Vereeniging Nijmegen

Eigenlijk had het concert van zondagmiddag in de Beurs van Berlage niet met Brahms, maar met Schumann geopend moeten worden. Want Willem Jeths' ...Un vago ricordo... is een vage herinnering aan Schumann's Strijkkwartet in A op. 41 nr. 3. Jeths' ...Un vago ricordo... in feite zijn tweede strijkkwartet, benut uit Schumanns kwartet de dubbelslag uit de eerste maat, voorts een springend ritme en enkele harmonische progressies. Maar niet zoals bij Ives, Berio of Schnittke in herkenbare flarden muziek, want het blijven puur technische uitgangspunten. Het zijn gegevens die onder de loep worden gelegd om in het compositorische proces hun plaats te vinden.

De onherkenbare uitvergroting van dit materiaal vindt tevens een weerspiegeling in de toepassing van nog drie extra strijkinstrumenten die anders gestemd zijn. Slechts aan de klank van de cello wordt niets toegevoegd. Maar dat is dan wèl het belangrijkste instrument! Al meteen na een krachtig tutti neemt hij de leiding en niet zelden klinkt het hoge strijktrio als een soort verpakking van dit solo-instrument.

Indrukwekkend is het onttakelingsproces waarin alle voorgaande hoog oplopende spanningen dan uiteindelijk hun ontlading vinden. Dit geschiedt door de snaren steeds meer te ontspannen, waardoor lange kale tonen ontstaan de steeds verder naar omlaag glijden, over verontrustend hobbelige pizzicati heen, getokkeld op die extra instrumenten, een geheimzinnig uitstervend slot tegemoet. De bedoeling was dat allen op één toon zouden uitkomen, wat nu veiligheidshalve in handen werd gelegd van slechts één musicus. Maar ook zó uitgevoerd was het al indrukwekkend genoeg.

Niet altijd is bij Jeths de ontlading het sterkste deel, het zijn eerder de aanlopen die de adem doen inhouden, maar hier valt alles op zijn plaats. ...Un vago ricordo... is een sterke compositie, maar niet strijkkwartetachtig. Maar een concert voor cello en drie strijkers is overigens niet ongebruikelijk, gehoord De Falla's concert voor klavecimbel en vijf spelers, waarbij de componist nadrukkelijk verbood de strijkers te verdubbelen.

Het Orpheus Kwartet speelde Jeths' uiterst veeleisende muziek alsof het die al jaren op het repertoire heeft, de gevaarlijke hoge noten trefzeker en glaszuiver. Het kwartet musiceert rijk en gecultiveerd, elegant en doorzichtig. Hooguit ietwat onhandig klonk in Brahms Romanze de zuchtende triolen-passage, vrij letterlijk overgenomen uit Beethovens Cavatine, want niet alleen in onze tijd speelde men leentjebuur! Ook het erop volgend Allegretto miste logica, maar meer kwartetten hebben moeite met het vereiste 'semplice', waar Brahms ook nog eens maniëristische marcato-tekens noteert.

In Beethovens op een na laatste strijkkwartet in cis op. 131 miste ik kracht en gloed. Technisch was het respectabel, zilverachtig transparant en erg flexibel, maar te weinig donkergekleurd, eerder Mozartiaans dan Beethoveniaans.