Verbouwing biedt Drents Museum twee keer zo veel tentoonstellingsruimte; Een schatkamer met felblauwe muren

ASSEN, 30 NOV. In Assen is vandaag het Drents Museum heropend, dat de afgelopen twee jaar voor 16 miljoen gulden is verbouwd. Het provinciale museum aan de Brink kreeg twee nieuwe expositiezalen, waardoor de tentoonstellingsoppervlakte verdubbelde tot 8000 vierkante meter, een museumcafé en een winkel. Dankzij een meevaller van 2,3 miljoen kon ook een restauratiewerkplaats worden ingericht.

Het Drents Museum bestaat uit drie gebouwen, de dertiende-eeuwse Abdijkerk, het negentiende-eeuwse 'oude' Provinciehuis en de voormalige ambtswoning van de Commissaris der Koningin, het Drostenhuis. Mooie panden, een indrukwekkende collectie en een bezoekersaantal - gemiddeld 70.000 per jaar - waarmee het koploper was in Noord-Nederland. Toch waren er handicaps. De monumentale panden waren onderling gebrekkig verbonden. Bezoekers stuitten op talloze doodlopende gangetjes en moesten de buitenlucht in om de stijlkamers te bekijken. Bovendien kampte het museum met ruimtegebrek. Architect G. Schuif (van Team 4 uit Groningen) overkapte twee binnenplaatsen, waardoor de Abdijkerk met het Drostenhuis werd verbonden. Aan de achterzijde van het daartussen gelegen Provinciehuis zijn nu twee grote expositiezalen gesitueerd. Een transparante, glazen gevelwand scheidt de ruimtes van de buitenwereld. Het Ontvangershuis met de stijlkamers is via een onderdoorgang verbonden met het provinciehuis. Hier ligt ook de Ontdekkingskamer voor kinderen tussen de 8 en 14 jaar. Als ontdekkingsreizigers beleven ze de prehistorie, zo is de bedoeling. Ze kunnen vuur maken, meel malen, over een wiebelige houten 'veenbrug' lopen of een 150 kilogram zware 'hunebedsteen' verplaatsen.

Niet alleen de verbindingen zijn verbeterd, ook de concepten zijn aangepast. Directeur G.G. Horstmann vindt dat een bezoeker zich 'happy' moet voelen in een museum. Hij moet er iets ontdekken en meemaken, een “stap terug in de tijd zetten”. Het Drents Museum bestaat nu uit tien 'eilanden': naast de Ontdekkingskamer zijn dat de afdeling geologie, tijdelijke tentoonstellingen, de specialiteit van het museum Kunst rond 1900, kostuums en textiel, kunstnijverheid, archeologie, stijlkamers, Drentse geschiedenis en de historisch topografische atlas. Op de nieuwe afdeling kunstnijverheid staan diverse voorwerpen die niet eerder te zien waren zoals meubels, glas, keramiek, metalen, munten, penningen en Drents zilver.

Opmerkelijk is er het gebruik van gedurfde kleuren - rood, felblauw, geel en goud. In het nieuwe zilverkabinet springt de vloer, die bestaat uit roestvrijstalen platen, in het oog.

“We wilden een schatkamer-effect creëren”, vertelt conservator H. Tupan. Het buitenlicht is gedimd, de kleur blauw doet het zilver extra schitteren. “De vloer roept een haast klinische sfeer op, maar de belichting en de blauwe wanden geven de zaal toch een warme uitstraling.” Tupan en zijn collega J. Brakke bezochten 45 musea in de Verenigde Staten en Canada om ideeën op te doen over verrassende presentaties. In het kleine, donkere Munten- en Penningenkabinet loopt de bezoeker over een glazen 'zwevende' vloer, waar munten in vierkanten vitrines staan uitgestald. Afgekeken van het Historisch Museum in Montreal, zegt Tupan. Muziek - Money - wordt afgewisseld met het ratelen van een kassa.

De archeologie-afdeling bezit een uitgebreide collectie bodemvondsten. In 1854 ging de voorloper van het huidige Drents Museum, het Provinciaal Museum voor Oudheden, open en het museum verloochent haar oorsprong niet. Een bordje verwijst de gehaaste bezoeker direct naar het pronkstuk, het veenlijk van het meisje van Yde. Haar donkere, zeemleren voetjes steken onder een bruine deken uit. Rond het begin van de jaartelling moet ze zijn geofferd; in 1897 werd ze in het veen bij Yde gevonden. Het Drents Museum wil in de toekomst nauwer en structureler samenwerken met het Fries Museum, Het Princessehof en het Groninger Museum. “Dit om dubbelingen te voorkomen”, zegt Horstmann. “De musea waren lange tijd kopieën van elkaar. Samenwerking levert zakelijke voordelen op en biedt de kans tot specialisaties.”

    • Karin de Mik