Sorgdrager: gedoogbeleid was geen moment in gevaar

BRUSSEL/ DEN HAAG, 30 NOV. Het Nederlandse drugsbeleid is nooit in gevaar geweest. “Juridisch bekeken” zou het gedoogbeleid ook hebben gepast binnen de eerdere, omstreden ontwerptekst voor een gemeenschappelijke Europees optreden inzake het drugsbeleid.

Dit zei minister Sorgdrager gisteren in Brussel nadat in de vergadering van ministers van Justitie van de Europese Unie overeenstemming was bereikt over een nieuwe ontwerptekst voor het drugsbeleid. Sorgdrager verklaarde dat Nederland desondanks een serie amendementen heeft ingediend “omdat het document politiek ook helder moet zijn”.

De eerdere versie van de ontwerptekst, die door alle Europese ambassadeurs was aanvaard, betrof een door hoge justitieambtenaren van de lidstaten overeengekomen versie van een in oorsprong Frans voorstel. Over deze tekst is in Nederland grote opschudding ontstaan, omdat werd verondersteld dat het Frankrijk de mogelijkheid bood om Nederland te dwingen een eind te maken aan het gedoogbeleid.

Sorgdrager verzekerde dat Nederland alles zal doen om te voorkomen dat het gedoogbeleid een nadelige invloed heeft op andere landen. “Ik geloof er niet in dat ons beleid schadelijk is voor andere landen”, aldus de minister. Ze voegde eraan toe dat “bonafide coffeeshops hun bestaansrecht bewezen hebben”.

De Franse minister Toubon vertelde gisteren dat een doorbraak was bereikt tijdens een persoonlijk onderhoud met Sorgdrager. Van Nederlandse zijde was dat onderhoud aanvankelijk voor donderdagavond aangekondigd en vervolgens voor gistermorgen. Maar Toubon kwam pas bij de bijeenkomst van de ministers van Justitie in Brussel opdagen toen deze al enige tijd aan de gang was. Daardoor konden de Franse en de Nederlandse minister elkaar pas onder vier ogen spreken nadat Sorgdrager eerst was geconfronteerd met het feit dat zij geen steun kreeg voor de amendementen die zij aan haar Europese collega's had voorgelegd.

De gisteren bereikte overeenstemming betekent dat een probleem uit de weg is geruimd dat zeer nadelig was geweest voor het Nederlandse voorzitterschap van de EU in het komende halfjaar. Nederland was er veel aan gelegen om te voorkomen dat de drugsdiscussie zou worden voortgezet tussen premier Kok en de Franse president Chirac op de top van Europese staats- en regeringsleiders in Dublin op 13 december. Toen afgelopen woensdag het drugsdebat uitliep op een flinke botsing tussen de Nederlandse en de Franse permanente vertegenwoordigers bij de EU, bemoeide premier Kok zich er persoonlijk mee om te voorkomen dat de zaak verder zou escaleren. De regeringsleiders kunnen nu in Dublin de overeenstemming over de drugsaanpak bekrachtigen, als tenminste voor die tijd het Nederlandse parlement zijn goedkeuring geeft aan de ontwerptekst.

Volgens bronnen bij het Nederlandse ministerie van Justitie is het aan een gebrek aan coördinatie in Den Haag te wijten dat in Nederland verwarring is ontstaan over de eerdere versie van het document over de gemeenschappelijke Europese drugsaanpak. Voor Justitie was het oorspronkelijke stuk aanvaardbaar, maar niet voor Volksgezondheid. Dat departement heeft niet met de Europese onderhandelingen, maar wel met het Nederlands drugsbeleid te maken.

De vraag wie als eerste heeft gezegd dat Nederland een voorbehoud had gemaakt bij de aanvaarding van de eerdere versie van het Europese document, wordt in Den Haag verschillend beantwoord. Volgens één lezing bedacht directeur-generaal Demmink van Justitie dit, volgens een andere staatssecretaris van Europese Zaken Patijn. Maar volgens alle lezingen was dit voorbehoud voor minister Sorgdrager een verrassing. Zij heeft in de Kamer verklaard dat het Nederlandse voorbehoud door een vergissing begin november niet in de toen voorliggende tekst is vermeld. Maar de huidige Ierse voorzitter van de EU weet niets van een vergissing en heeft ook nooit gehoord van een Nederlands verzoek om een vergissing te herstellen.

Minister-president Kok zei gisteravond na afloop van de ministerraad in Den Haag dat hij tevreden was met het akkoord. Volgens Kok zijn de Fransen “tegemoet gekomen” aan het belangrijkste Nederlandse bezwaar tegen de oorspronkelijke tekst voor het gemeenschappelijke optreden. Dat zou te weinig ruimte openlaten voor een nationaal drugsbeleid. “Dit geeft ruimte aan de lidstaten om op grond van eigen overwegingen een eigen beleid te voeren”, zo interpreteerde Kok de nieuwe tekst.

De premier zei dat de EU-overeenkomst ertoe moet leiden dat de “Europese samenwerking bij de bestrijding van grensoverschrijdende criminaliteit zal verbeteren.” Kok zei verder niet te verwachten dat het onderwerp tijdens het komende Nederlandse EU-voorzitterschap van de agenda is. “Ik zou niet wensen dat dit onderwerp nu voor een half jaar achter de gordijnen verdwijnt”, aldus de minister-president.

Over de wijze waarop Nederlandse onderhandelaars, onder anderen de permanente vertegenwoordiger Bot en directeur-generaal Demmink van Justitie, hebben gemanoeuvreerd in de aanloop naar de Justitie-raad in Brussel wilde Kok niets kwijt. Wel zei hij dat de coördinatie tussen de betrokken ministeries van Justitie, Volksgezondheid en Buitenlandse Zaken zal worden “geëvalueerd”. In de Tweede Kamer is kritiek geuit omdat Nederland op ambtelijk niveau zou hebben ingestemd met een tekst die grote gevolgen kon hebben gehad voor het Nederlandse gedoogbeleid voor softdrugs.

Volgens Kok was er de afgelopen maanden geen sprake van een slechte verstandhouding met de Fransen inzake het drugsbeleid. “Het was al pais en vree tussen Parijs en Den Haag. Het laatste half jaar hebben we grote vooruitgang geboekt in de bestrijding van de grensoverschrijdende criminaliteit.”

De grote fracties in de Tweede Kamer reageerden voorzichtig op het bereikte akkoord. Voor de Kamer staat voorop dat Nederland het eigen gedoogbeleid, inclusief de coffeeshops, kan handhaven. Het Kamerlid Korthals (VVD) sprak gisteravond van een “zinvol compromis”. Hij vindt het vooral van belang dat het Nederlandse drugsbeleid niet door Parijs wordt gedicteerd. Van Oven (PvdA) houdt nog een “slag om de arm”. De D66-fractie liet via een woordvoerder weten het akkoord “een goede stap” te vinden. De tekst komt pas later in het Nederlands beschikbaar.