Steeds die gepoetste schoenen; Gesprek met Liza May Post

Liza May Post heeft internationaal succes met haar foto's en video's. Ze exposeert nu in Londen. Op haar geënsceneerde foto's zijn meestal vrouwen te zien, vaak alleen hun benen. “Het heeft te maken met het ziekenhuis”, zegt Post. “Ik zat onder het bed van mijn moeder, en dan zag je die benen. Het beeld is ingebrand.”

Anthony d'Offay Gallery, Dering Street 9, Londen. T/m 6 dec.

Boek: Liza Post: 'Post', 36 blz. Prijs ƒ 15,-

Een Nederlandse galerie heeft ze niet. Wél een in Londen, en meteen maar de beste. Liza May Post, 31 jaar, heeft tot 7 december in Londen een solo-tentoonstelling bij Anthony d'Offay. Voor een beginnende Nederlandse kunstenaar is dat uitzonderlijk, want d'Offay geldt internationaal als een van de meest prestigieuze galeries voor hedendaagse kunst.

De uitnodigingskaart voor de expositie toont een bizar tafereel van een in een wit ruimtepak geklede vrouw die, zittend op een witleren poef, zichzelf bekijkt in een kapspiegel. De poef, de witte kunststof kaptafel en het schuimrubberen Michelin-pak van de vrouw ademen een nostalgische sfeer van moderniteit: sober, functioneel, futuristisch. Het gezicht van de vrouw is onzichtbaar door een hoofddeksel dat het midden houdt tussen een ruimte-helm en een nonnenkap. Alleen een stukje kin blijft vrij. Een onbedekte hand rust in de schoot en een rij blote roze tenen steekt uit een glimmend wit laarsje. Post: “De vrouw gaat op in haar spiegelbeeld, het is een soort gesloten circuit. Ik vind haar eigenlijk verschrikkelijk. Je kijkt ernaar, en je wilt dat het anders is, dat je erbij kan komen.”

“Je kunt tegenwoordig niets lezen over hedendaagse kunst of het gaat over communicatie. Vooral over 'de kunst van de nieuwe media'. Hoe meer technische middelen er zijn, hoe meer je je realiseert dat we zo slecht in staat zijn tot communicatie.”

Het werk van Post bestaat voor een belangrijk deel uit foto's van geënsceneerde situaties, 'in kleur, zodat het zo dicht mogelijk bij de echte wereld zit'. De foto's zijn groot, variërend van 1,66 x 1,47m tot 1,25 x 2,94 m. De uitnodigingskaart is een afdruk van zo'n fotowerk. Ook maakt ze korte video's en 16 mm filmpjes. Haar werk was onlangs te zien op de Manifesta-tentoonstelling in Rotterdam. Post was ook een van de deelnemers aan de presentatie van jonge Nederlandse en Vlaamse kunst op de Biennale van Venetië.

In haar atelier in Amsterdam vertelt Liza May Post dat ze zich in Londen op haar gemak voelt. Zij woonde ooit samen met haar ouders en haar broer in het Londense wassenbeeldenmuseum Madame Tussaud's. Haar vader, de grafisch ontwerper en illustrator Waldemar Post, ontwierp een huisstijl voor het museum.De kinderen liepen dagelijks vanuit het appartement door een lange gang met lachspiegels en speelden in het wassenbeeldenmuseum. Post herinnert zich dat Brigitte Bardot gemaakt werd en alleen een spijkerjasje aan had. Niet lang na terugkeer naar Nederland werd haar moeder ziek. Ze overleed toen Liza May negen jaar oud was.

Wanhopig

Post is, naar haar zeggen, “laat naar de academie gegaan'. “Pas op mijn 23ste. Daarvoor ben ik vooral wanhopig geweest: niet weten wat ik met mijn leven aan moest.” Na de Rietveld academie in Amsterdam volgde de Rijksakademie. Tijdens een excursie naar Londen legde ze contact met een assistente van galerie d'Offay, Kirsty Bell. Bell nodigde Post uit voor een groepstentoonstelling in de etalages van een aantal leegstaande winkels in Exmouth Market. En tenslotte volgde 'het gesprek met mister d'Offay Himself'. “Het eerste wat hij vroeg was: wat is er gebeurd met de zeventiende-eeuwse tolerantie van Nederland? Denk je dat die nog steeds bestaat?” Ze antwoordde dat we tolerant zijn in Nederland, zolang er niets op de stoep voor ons eigen huis gebeurt. “Daarna hebben we het over Thomas Moore gehad.”

In de stal van d'Offay bevinden zich tal van beroemde kunstenaars, zowel dode als levende: Andy Warhol, Joseph Beuys, Gilbert & George, Richard Long, Bill Viola, en ook jongeren als Sarah Lucas. Legt dit geen zware druk op een beginnend kunstenaar? “Ja, het is heel raar. Je weet wel dat er een druk is, maar je probeert het niet te voelen. Je moet gewoon doorgaan. Je moet door de berg heenkijken, net doen of hij niet bestaat.”Vorige week is in boekhandel Artbook in Amsterdam een boekje van Post gepresenteerd. Het bevat afbeeldingen van werken van 1992 tot nu, met teksten van Aernout Mik, Camiel van Winkel en Gregor Muir. Het boekje is opvallend in zijn onnadrukkelijkheid: het ziet eruit alsof het fragment is van een tijdschrift waarvan stukken zijn afgeknipt. Hier en daar valt de tekst gedeeltelijk weg, en ook de letters POST op de voorkant zijn aangesneden. Nog ongebruikelijker is dat de illustraties afwisselend werken van Post én door haar gekozen anonieme foto's uit tijdschriften zijn, zonder dat direct duidelijk wordt wat wat is. Zo staat op de cover een fragment van het werk Duwen, met lange rijen bakjes voorverpakt vlees en een meisjeshand die een pakje bieflappen beetpakt, en op de achterkant een reclame uit een oud, gehavend Frans tijdschrift voor een roestvrijstalen hogedrukpan. Naast de glanzende pan staat een vuurrood hartje met de tekst: 'pour vos cadeaux, pensez à elle'.

Er figureren voornamelijk vrouwen in dit boek. Een greep uit de 'ready mades': een triomfantelijke stuntvrouw poseert, extatisch lachend, naast haar over de kop geslagen auto. Een vrouw in mantelpakje springt met haar handtasje uit de bovenverdieping van een brandend huis en ligt daarna innig tevreden met de handtas in een ziekenhuisbed. Een keurige dame poetst met het hoofd onder een droogkap gezeten aandachtig een geweer. De jonge vrouwen op de kleurenfoto's van Post zijn nog raadselachtiger. Ze lijken iets af te wachten, en ze houden altijd het hoofd afgewend - behalve dan de jonge vrouw die met gesloten ogen op de grond ligt op de parfum-afdeling van de Bijenkorf, bedwelmd door de geuren om haar heen. Vreemde, verstilde foto's zijn het. Een meisje, gekleed in een bloemenjurk en smetteloos witte kniekousen verstopt haar hoofd onder de schoolbank. Of ze zit, dit keer met een roze plissérokje aan, geknield en in strafhouding, met de handen op de rug, op de grond en staart schuldbewust naar de rode plas die voor haar ligt. Diezelfde verstilling zit ook in de video's. Alleen die ene als middeleeuwse page uitgedoste vrouw, in een kostuum gemaakt van oosters tapijt, slaat terug naar een voor ons onzichtbare vijand. Maar het zwaard dat zij vastberaden vooruit steekt is van slap karton.

Nylonkousen

In het atelier hangen een paar van de merkwaardige kostuums die Post vervaardigde, het ruimtepak, en een herenkostuum van degelijke ruitjesstof, met opblaasbare onderdelen. De kostuums laten op kwetsbare plekken stukjes huid bloot, op de bovenbenen bijvoorbeeld, of aan de bovenarm. Ze verhullen en bieden bescherming, maar net niet helemaal. En steeds weer zijn er die glanzend gepoetste schoenen, witte kniekousen, en enkels met nylonkousen. Op veel van de foto's in het boek zijn alleen maar onderbenen te zien. Post: “Het heeft te maken met het ziekenhuis. Ik zat onder het bed van mijn moeder, en dan zag je die benen. Het beeld is ingebrand.” In Misprint zijn het een soort kunstbenen, ze glimmen op een onnatuurlijke manier. Er moet het lijf van een verpleegster aan vast zitten, verstopt achter het gordijn waar zij onzichtbare handelingen verricht. “Deze benen hadden een verkeerde mal, het past niet helemaal. Ze zijn ook niet af, aan de voorkant zit nog wat wasachtigs, het is alsof die benen geboetseerd en geschilderd zijn. Ik stelde me vaak voor dat de mensen geschilderd waren.'

'Hunt ... for the best!' schreeuwt een knalrode reclame voor Hunt's tomatenketchup in Post's boek. Op de bladzijde ernaast pakt een meisje twee koffers op, ze staat op het punt te vertrekken. Ze is in het wit gekleed, en ook haar kamer is helemaal wit, met ruches van witte stof aan het hemelbed en aan de stoelen. Of zet ze de koffers juist neer? Post: “Mijn werk gaat vaak over de poging er te willen zijn, terwijl je er ook weer niet wil zijn. Over de keuze tussen komen en gaan, zoals op deze foto. En over de onherroepelijkheid van keuzes doen. Je weet dat als je geen keuzes doet, het allemaal nog gruwelijker wordt. Maar eigenlijk wil je het liefste niets doen, en gewoon afwachten.'

Haar video's, waarvan er ook een in Londen is te zien, hebben dezelfde thematiek als haar foto's. Op een ervan zien we een secretaresse met een kaal hoofd - volgens Post het gevolg van een teveel aan mannelijk hormonen veroorzaakt door stress op het werk - die haar kantoor verlaat. In een donkere kamer stookt ze op de grond een vuurtje om een haas te braden. Ze strekt haar eindeloos lange gekouste benen, ontspant zich, en staart in de vlammen. Post: “Wat zij doet, dat is goed. Sublieme momenten creëren, daar gaat het om. Je moet af en toe hele rare dingen doen om die momenten te forceren - om even uit de tijd getild te worden.”

    • Janneke Wesseling