'Slet'

Wie de biografie van Wim Kan wil gaan schrijven, kan terecht bij het Theaterinstituut, dat dinsdagavond voor 15.000 gulden eigenaar werd van het privé-archief van Nederlands grootste cabaretier. En wie te zijner tijd het leven van Gerard Reve te boek gaat stellen, kan voor een onderzoek naar diens debuutroman De avonden het manuscript inzien in het Letterkundig Museum in Den Haag.

Zo hoort het ook. Manuscripten, correspondentie en andere interessante documenten waar belangrijke kunstenaars afstand van doen, horen in openbare instellingen thuis. Daar kunnen ze worden geconserveerd, daar zijn ze toegankelijk voor wetenschappelijke onderzoekers.

Maar zal dat in de toekomst zo blijven? Niet als zulke curiosa onbetaalbaar worden voor instituten met een doorgaans op de aanschaf van paperclips en postzegels afgestemd budget. Dinsdagavond werd tijdens de veiling van Bubb Kuyper in Haarlem opgelucht geapplaudisseerd toen de directeur van het Letterkundig Museum, Anton Korteweg, voor 160.000 gulden het manuscript van De avonden had verworven. Het had immers erger gekund, want de prijsstijging van literaire documenten is zorgwekkend. Korteweg vindt het weliswaar 'niet moreel verwerpelijk' dat manuscripten worden verhandeld als daar een markt voor is, maar hij zou er de voorkeur aan geven dat mensen dit soort dingen aan zijn museum schonken. Een kwestie van beschaving.

Wat betreft De avonden zag Korteweg zich echter voor het blok gezet: “Het zou ons kwalijk zijn genomen als we er niet de hand op hadden weten te leggen, als het naar een particuliere verzamelaar in het buitenland was gegaan.” Met andere woorden: als de aanbieder van het manuscript, Reves levensgezel Joop Schafthuizen, een Amerikaanse miljonair bereid had gevonden een bod te doen dat boven het budget van het Letterkundig Museum uitgaat, was 'dit even beroemde als onvervangbare literaire kleinood' zoals Gerard Reve het manuscript noemt, voor literatuuronderzoekers verloren gegaan.

Het is wat de gek ervoor geeft. Schafthuizen, die zich pontificaal achter in de veilingzaal had opgesteld, kon zijn teleurstelling nauwelijks verbergen toen kavel 99, het manuscript van De avonden voor 'slechts' 160.000 gulden van eigenaar was veranderd. “Veels te weinig”, riep hij tegen een langslopende kennis. Het belang van het manuscript interesseert hem al even weinig als de roman zelf, die hij naar eigen zeggen nooit heeft gelezen.

Vandaar dat hij wat de meester hem geschonken had moeiteloos veil gaf. Een televisiejournaliste die hem na afloop vroeg of het geen pijn deed afstand te doen van zo'n dierbaar bezit kreeg te horen dat ze een 'slet' was. Als ik de dame in kwestie was geweest, had ik daar maar eens een ferme jij-bak tegenaan gegooid.

    • Elsbeth Etty