Na zijn straf maakt Rosa garages schoon

AMSTERDAM, 29 NOV. Cedric Rosa (21 jaar) is pas anderhalf jaar in Nederland. Het grootste gedeelte van deze tijd heeft hij doorgebracht in de gevangenis. Al snel na aankomst vanuit Cura,cao beroofde hij iemand op straat: negen maanden cel was het gevolg. Na een tweede gevangenisstraf vond hij het mooi geweest. “Ik wilde werken.” Rosa hoorde van vrienden over het project Keerpunt en meldde zich aan. Sinds 11 november houdt hij de parkeergarages bij winkelcentrum 't Hoefje schoon.

Twee maanden geleden is Keerpunt begonnen. Het project heeft als doel jongeren die dreigen af te glijden in de criminaliteit aan een baan te helpen. Een heel scala aan instanties werkt mee. De jongeren worden geselecteerd door politie, reclassering en medewerkers van Nieuwe Perspectieven, een lang lopend project voor de opvang van voornamelijk allochtone jonge criminelen.

In samenwerking met onder meer de sociale dienst wordt vervolgens een 'traject' voor de kandidaten uitgestippeld om ze uiteindelijk via arbeidsvoorziening aan het werk te krijgen. Het is de bedoeling dat komend jaar vijfhonderd jongeren aan een baan worden geholpen, daarna moeten dat er duizend per jaar worden. De gemeente Amsterdam financieert het project met 875.000 gulden.

Het grootste gedeelte van de kandidaten wordt geleverd door de politie. “Wij zijn 24 uur per dag open, hè”, zegt medewerker C. Rameau. Twee groepen jongeren komen in aanmerking voor het project. Enerzijds gaat het om criminele jongeren in de leeftijd van zestien tot dertig jaar die in aanraking zijn geweest met politie en justitie. Anderzijds gaat het om leeftijdsgenoten die door sociale omstandigheden neigen naar criminaliteit. In termen van de arbeidsmarkt zijn ze 'onbemiddelbaar'.

Kandidaten worden toegelaten tot het project onder twee voorwaarden; ze mogen niet verslaafd zijn en ze moeten zèlf motivatie tonen. Eenmaal toegelaten tot Keerpunt bekijken de medewerkers welk traject een kandidaat gaat volgen. Zonodig springt de sociale dienst bij om huisvesting te kunnen financieren of een regeling voor schuldensanering te treffen.

Medewerker G. de Vries van de sociale dienst benadrukt de noodzaak van intensieve begeleiding. “We moeten voorkomen dat kandidaten voortijdig ophouden. Afhakers hebben dan al veel gekost.” De Sociale Dienst werkt hierin nauw samen met het Centrum Ontwikkelings Projecten (COP). Hun medewerkers kijken of taal- en sollicitatiecursussen nodig zijn en zorgen voor scholing van de kandidaten in beroepen waar vraag naar is.

Cedric Rosa is de uitzondering op de regel. Hij is niet door de politie aangeleverd - hij heeft zichzelf aangemeld. Bovendien kon hij al snel aan het werk bij het dienstencentrum van het COP. Nu prikt hij papier en houdt hij parkeergarages schoon. Uiteindelijk wil hij schilder worden. En hij weet zeker dat het gaat lukken: “Alles kan lukken als je wilt.” Rosa zou graag zien dat zijn Antilliaanse vrienden, met wie hij vroeger op straat hing, ook aan het werk gaan. “Zolang ze geen werk hebben, blijven ze domme dingen doen.”