Acteurs Toetssteen worden sterren van Oranje-formaat

AMSTERDAM, 29 NOV. Op de persbijeenkomst, die het theatergezelschap Toetssteen gistermiddag belegde voorafgaand aan de première van Emily, of het geheim van Huis ten Bosch, werd weer eens duidelijk dat overheden de kunst niet alleen met subsidies een handje kunnen helpen. Een officieel blijk van afkeuring is een minstens even probaat middel. Vorig seizoen plaatste kritiek van het ministerie van Defensie het toneelstuk Srebrenica! van Guus Vleugel en Ton Vorstenbosch in het brandpunt van de belangstelling, precies dezelfde eer valt nu het stuk van schrijvers Ger Beukenkamp, Dick van den Heuvel en Mark Walraven te beurt.

Het is althans hoogstwaarschijnlijk dat er een verband bestaat tussen de weigering van staatssecretaris Aad Nuis om, ondanks een positief advies van de Raad voor de Kunst, een schrijfsubsidie van zesduizend gulden toe te kennen en de media-gebeurtenis die de première van een amateur-theatergezelschap gisteren werd. Een tiental televisieploegen en een groot aantal fotografen en verslaggevers van de meest uiteenlopende tijdschriften en kranten waren aanwezig. Zowel de hoofdredacteur van De Groene Amsterdammer, Martin van Amerongen, als die van het roddelblad Weekend, Hummie van der Tonnekreek, had gehoor gegeven aan de uitnodiging van Toetssteen om kennis te komen maken met de acteurs en een drietal scènes te zien spelen.

Emily gaat, in de woorden van de makers, over “de mogelijkheden en onmogelijkheden van een erfelijke monarchie in de fin de siècle van de 20ste eeuw”. Het conflict in dit koningsdrama, dat zich afspeelt in de huiskamer van de Oranjes, is de verliefdheid van kroonprins Willem-Alexander op 'een burgerjuf'. Staatssecretaris Nuis achtte het voornemen “een well-made play te maken over een onderwerp als dit een slechte keuze”. Naar zijn mening zou “de indruk kunnen postvatten dat het toneelstuk op ware feiten is gebaseerd, terwijl dat niet zo is”.

Beukenkamp zei de beslissing van Nuis “niet als censuur” ervaren te hebben en ook niets gemerkt te hebben van enige druk van de zijde van de overheid. Hij benadrukte dat de schrijvers geen satire of soap hadden willen maken en dat Emily ontsproten was aan hun fantasie. Hij noemde “ware feiten voor het toneel oninteressant”.

Ironisch genoeg leek het niettemin, toen Ineke Veenhoven (de actrice die koningin Beatrix speelt) binnenkwam, alsof de koningin zelf haar entree maakte. Flitslichten en zoemende camera's begeleidden haar gang naar een opzichtige bank in het decor, waar haar onderonsje met prins Claus (gespeeld door Chris Redmeijer) vanzelf de allure kreeg van een staatsieportret. Ook toen later, terzijde van het toneel, haar schmink werd bijgewerkt, was het alsof de pers de gelegenheid geboden werd een intimiteit in de koninklijke badkamer vast te leggen.

De acteurs van Toetssteen werden ter plekke sterren, ter grootte van de door hen gespeelde personages. 'Emily' (Roos Schlikker) gaf stralend wel drie interviews tegelijk weg, terwijl de drie prinselijke broers goedmoedig lachend nog eens en nog eens poseerden. Hun nabijheid leek een buitenkansje. Het verzoek aan de fotografen en de cameramannen om het door kunstenaar Peter Struycken ontworpen vloerkleed in de 'koninklijke' huiskamer te ontzien, werd dan ook op grote schaal genegeerd. Staatssecretaris Nuis, die toegezegd had te zullen komen kijken, liet tot teleurstelling van de makers van Emily verstek gaan op de première. Hij had 'verplichtingen elders': hij moest de opening verrichten van het International Documentary Filmfestival Amsterdam.

Enkele citaten uit Emily, of het geheim van Huis ten Bosch

Beatrix: “'Gewoon zijn' kan een gunstig predikaat zijn; voor mijn part een soort geuzennaam; (...) Maar als gewoon zijn niets méér betekent dan: gewoon zíjn, dan is mij dat niet voldoende (...).”

Friso (tegen Beatrix): In jouw schaduw, in de schaduw van dat monument dat je van je zelf maakt, valt iedereen in het niet.''

Juliana: “Ik heb in mijn leven wel zo'n twintig mensen zien sterven aan...gescheiden slaapkamers.”

Claus (tegen Beatrix): “Mening en gebod zijn bij jou één en hetzelfde.”

Bernhard: “Jullie hebben me een keer eerder gevraagd om iemand 'in te werken'. (...) En vervolgens kreeg ik de schuld van zijn problemen; werd het mijn schuld dat Claus niet mee kon komen, dat ie z'n benen brak omdat ie ze niet mocht gebruiken (...).”

Beatrix: “Die Emily lijkt mij een buitengewoon spontane, hartstochtelijke echtgenote. Een vrouw die elke man zich zou wensen. (...) Als toekomstig koningin echter lijkt ze me het meest afschuwelijke wat ons kan overkomen. (...) Haar spontaniteit namelijk grenst aan het pathologische (...) en het ergst daarbij...dat is haar intelligentie. Die combinatie (...) is een permanent ontploffende bom.”

Beatrix: “'t Is niet de kleur Oranje waar men opgetogen van raakt, het is 't Rood van ons bloed, dat ons 'populair' maakt. (...) En nu weet ik niet goed waarom ik Alex niet op de troon wil. Omdat hij niet geschikt is, of omdat ik hem de bloeddorst van het volk wil sparen”.

Juliana: “Als niet mijn eigen dochter koningin zou zijn, dan werd ik republikeins.”

    • Pieter Kottman