PECUNIA

Bankpapier wordt sinds kort op nog bescheiden schaal gerecycled. Niet dat het geld weer geld wordt - nee, het bankpapier ondergaat een metamorfose tot enveloppe, een kerstkaart, briefpapier, de omslag van een jaarverslag of wie weet een kapitaal behangetje.

Het is maar waar de markt om zal vragen. In elk geval kan de groothandelaar Grafisch Papier in Andelst het papier, genaamd Pecunia, leveren. Papier dat bestaat uit in duizenden stukjes versnipperde bankbiljetten. Ze zijn afkomstig van De Nederlandsche Bank (DNB) in Amsterdam. Daar komen wekelijks vele beschadigde of andere biljetten terecht die uit circulatie worden genomen. Vervolgens gaan ze naar Joh. Enschedé in Haarlem, waar de biljetten worden versnipperd. Dat is minder eenvoudig dan het klinkt, want bankpapier is een taai goedje, omdat het onder meer wordt gemaakt van katoenvezels.

De bankbiljetten worden met behulp van een shredder vernietigd; de snippers van ongeveer een halve centimeter worden vervolgens door een pijp gewerkt. Zo ontstaan er geperste rollen papier die voor een groot deel worden verbrand. Met behulp van dit verbrandingsproces voorziet Enschedé voor een deel in zijn energiebehoefte.

Sinds april van dit jaar gaat een deel van de snippers, met toestemming van DNB, richting Heelsum. Daar staat de papierfabriek Schut die in opdracht van Grafisch Papier van de snippers, in combinatie met houtvrije cellulosevezel, pecunia maakt.

De snippers worden in zakken naar de papierfabriek vervoerd. Een volle zak weegt 600 kilo - ongesnipperd zou de inhoud hiervan miljoenen guldens bedragen.

In het papier zijn de kleuren blauw (ƒ 10), rood (ƒ 25), geel (ƒ 50), bruin (ƒ 100) en groen (ƒ 1.000) te herkennen. Ook de kleur paars komt in mindere mate voor; van het biljet van ƒ 250 zijn er nog niet zoveel in omloop.