Bewogen beelden

European Sculpture and Works of Art: Sotheby's Amsterdam (Rokin 102) 2 dec, kijkdagen 28 nov t/m 1 dec.

Overige veilingen:

- Bij Glerum wordt op maandag 2 december moderne en hedendaagse kunst en grafiek geveild.

- Bij hetzelfde veilinghuis wordt op maandagavond 2 december en op dinsdag 3 december een grote collectie kunstnijverheid en design uit de periode 1840 tot 1990 geveild. Glerum Auctioneers, Westeinde 12, 2512 HD Den Haag, tel 070-3560165.

Op kunstveilingen in Nederland wordt beeldhouwkunst vrijwel altijd aangeboden als onderdeel van een grotere collectie. De veiling van sculptuur en oude kunstnijverheid die Sotheby's Amsterdam op 2 december organiseert, vormt een uitzondering op deze regel. De belangstelling voor oude sculptuur is, aldus Herbert van Mierlo van Sotheby's, de laatste jaren 'ook in het nog altijd wat iconoclastische Noord-Nederland', sterk toegenomen. Daarom wijdt het veilinghuis nu voor het eerst een aparte veiling goeddeels aan deze kunstvorm. Blikvangers zijn enkele houten beelden en reliëfs uit de vijftiende en zestiende eeuw, maar ook de periode daarna is goed vertegenwoordigd met onder meer een collectie negentiende-eeuwse bronssculptuur op klein formaat.

Uit de middeleeuwen en de vroege renaissance wordt een aantal fraaie werken aangeboden, zoals een houten reliëf van de Kruisafneming. Het stamt uit het eerste kwart van de zestiende eeuw en is gemaakt door een Vlaamse beeldsnijder die, zoals destijds veel van zijn vakgenoten, in Spanje werkte. Het reliëf is nog grotendeels voorzien van zijn oorspronkelijke beschildering en vergulding. Van een vijftiende-eeuwse Italiaanse kunstenaar, misschien de Donatello-navolger Giovanni da Pisa, is er een anderhalve meter hoge, terracotta buste van Maria met het Christuskind.

Bijzonder is een aantal kleine laat-middeleeuwse houten beelden die in de Noordelijke Nederlanden tot stand zijn gekomen. Zo is er een vrijstaand beeld van de Heilige Catharina van Alexandrië, van de hand van een anonieme Utrechtse meester uit omstreeks 1480, getaxeerd op 25.000 tot 40.000 gulden. In dezelfde periode en ook in Utrecht tot stand gekomen, is een mooi gedetailleerd beeld van een geestelijke, dat een richtprijs heeft van 40.000 tot 60.000 gulden. Het werk wordt toegeschreven aan Adriaen van Wesel of een kunstenaar uit diens atelier. Wie dit beeld precies voorstelt, is onduidelijk. De figuur, met gevouwen handen blijkbaar in aanbidding, heeft vrijwel zeker deel uitgemaakt van een grotere beeldengroep - een adoratie van het Christuskind bijvoorbeeld, of een bewening van de gestorven Maria.

Eenzelfde fragmentarisch karakter heeft een vijftiende-eeuwse terracotta-sculptuur uit Noord-Oostenrijk, die met een taxatieprijs van 60.000 tot 100.000 gulden een van de kostbaarste stukken op de veiling is. Het werk toont de zogenaamde Drie Maria's. Deze groep vrouwen - de moeder van Christus, geflankeerd door Maria Magdalena en Maria Cleophas - figureert normaal gesproken in voorstellingen van de kruisiging of de bewening van Christus. Misschien is de behoefte aan dit soort achtergrondinformatie die veel oude sculptuur oproept, wel een reden waarom dergelijk werk bij kunstliefhebbers en verzamelaars vaak minder belangstelling trekt dan bijvoorbeeld schilderkunst.

Inderdaad gaan veel van de beelden die nu worden aangeboden pas leven als iets meer bekend is over niet alleen hun voorstelling, maar ook hun oorspronkelijke plaats of gebruik. Een goede illustratie daarvan is een grote Madonna met kind die aan het einde van de vijftiende eeuw in het westelijk Balkangebied tot stand is gekomen. Op het eerste oog zijn de proporties weinig overtuigend: het bovenlichaam en het gezicht zijn onnatuurlijk verlengd en bijvoorbeeld de geloken ogen lijken verhoudingsgewijs te groot. Dit beeld was duidelijk bedoeld voor een plaats hoog boven de grond. De proporties vallen al heel wat beter op hun plaats als de toeschouwer door de knieën zakt.

Ook andere, op het eerste gezicht raadselachtige voorwerpen worden met wat extra informatie over hun oorspronkelijke omgeving en gebruik ineens een stuk interessanter. Wat bijvoorbeeld te denken van een manshoge, knoestige boomstam met een soort slinger eromheen gedraaid, die ondanks beschadigingen 4.000 tot 6.000 gulden moet opbrengen? Er is niet veel fantasie voor nodig om te zien dat het gaat om de Boom des Levens. In veel voorstellingen van de Zondeval staan Adam en Eva immers ter weerszijden van een boom waaromheen zich de slang heeft gekronkeld die Eva zou verleiden. In dit geval ontbreken de twee figuren en er zijn zelfs geen aanwijzingen dat ze ooit deel hebben uitgemaakt van de sculptuur. Deze boom wordt pas opwindend voor wie zich realiseert dat het een rekwisiet moet zijn geweest dat in de zestiende eeuw is gebruikt bij toneel-opvoeringen van bijbelverhalen.

Overigens zijn niet alleen kandelaars en Madonna's met kind, maar ook cherubijntjes, putti en engelen opvallend goed in het aanbod vertegenwoordigd. Het lijkt wel alsof de komende kersttijd de aanleiding vormt voor de veiling. Blijkbaar moet de sculptuur zich in deze branche toch nog bewijzen.