Bekerdrama Ajax in 'des gaten gats'

ALMELO, 28 NOV. De houten hoofdtribune schudde van genot toen de spelers van Heracles een ereronde liepen. Zevenduizend kelen hadden de nummer dertien van de eerste divisie naar voren geschreeuwd in het bekerduel tegen de pas onttroonde wereldkampioen. Met een daverende knal bezorgde Jörg Smeets, woonachtig te Amsterdam, zijn illustere stadgenoten een 1-0 nederlaag. De spelersbus van Ajax reed bijna onopgemerkt uit de Bornsestraat, nagewoven door twee uitgelaten tienermeisjes met een hondje aan de lijn.

Een stoplicht springt op rood, een ander weer op groen, in Almelo is altijd wat te doen. De tekst van cabaretier Herman Finkers werd in diens geboortestad met gemengde gevoelens ontvangen. Er gebeurt misschien niet veel in Almelo, waar de Blokkers, de HEMA's en de Zeemans het straatbeeld bepalen, maar het zwart en wit van Heracles straalt genoeg allure uit. Vraag sterspeler Folkert Velten aan de bar van het spelershome naar zijn clubliefde en hij hoeft niet lang na te denken. “Heracles heeft de charme van een amateurclub. Soms is er na de training niet eens koffie. Gewoon vergeten. Moet kunnen toch?”

Vraag de voetbalsupporters in Almelo naar een fusie met FC Twente en je wordt op hoongelach getracteerd. Geen Almeloër die zijn club ziet samensmelten met die arrogante Enschedeërs. De woede over de vermeende annexatie door de provincie (FC Twente) is nooit helemaal verstomd in het oude bolwerk van de textielindustrie.

Heracles werd opgericht in 1903 en mocht zich twee keer de sterkste club van Nederland noemen: in 1927 en tijdens de bezetting door de Duitsers in 1941. Hoewel de Ajax-spelers bij het stadion met bloemen werden verwelkomd, merkten sommige bezoekers hoe argwanend Almeloërs kunnen zijn tegen westerlingen. “Rot op naar Amsterdam of waar je ook vandaan komt”, schreeuwde een oudere suppoost bij de toegangspoort nadat hij geconfronteerd werd met een ongeldig toegangsbewijs van een Ajax-supporter.

De bekerstunt tegen Ajax riep herinneringen op aan 1974, toen het pijpenstelen regende maar de meeste Heraclieden hun natte jassen niet eens hadden opgemerkt. Hans Polko, net als Velten afkomstig van Enter Vooruit, zorgde destijds voor een 4-2 overwinning op Ajax. De Molukse aanvaller Hannes Lalopula hield aan zijn uitblinkersrol een lucratief contract over bij Fortuna Düsseldorf. Het verhaal wil dat Heracles met zijn transfersom de nieuwe tribune aan de lange overzijde heeft bekostigd.

De zogeheten Lalopula-tribune staat haaks op de vorig jaar omgedoopte Steve Mokone-laan, een onopvallend stuk asfalt tussen een rijtje wilgen. De naam Mokone is onlosmakelijk verbonden met het kampioensfeest van 1957, toen Heracles promoveerde naar de eerste divisie en het publiek op de banken stond voor de Zuidafrikaanse dribbelaar. In het locale nieuws werd Mokone omschreven als de 'Zwarte Parel' en de 'Tovenaar van Transvaal'.

Televisieverslaggever Tom Egbers groeide op in Almelo en raakte een paar jaar geleden gefascineerd door de voetballegende uit de jaren vijftig. Niemand kon hem vertellen waar zijn jeugdidool zich na diens voetbalperiode in Almelo had gevestigd. Mokone was na een meningsverschil met de toenmalige trainer van Heracles met de noorderzon vertrokken. Journalistiek speurwerk leverde een bijzondere ontmoeting en een bijzonder levensverhaal op.

In De Zwarte Meteoor beschrijft Egbers Mokone, tegenwoordig woonachtig in de Verenigde Staten en voorzien van drie academische titels. Het boekje vertelt op filmische wijze de levenswandel van een zwarte sportman in een typisch Nederlandse, naoorlogse provinciestad. De bekrompen geesten in het Almelo van de jaren vijftig zagen Mokone als een soort van zwarte Piet op voetbalschoenen.

De geest van Mokone waart nog altijd rond op het Gemeentelijk Sportpark. In de bestuurskamer van Heracles hangen oude elftalfoto's van een kleine zwarte speler temidden van tien blonde reuzen. Op de tribune zaten gisteravond vier jonge landgenoten, die op advies van Mokone bij Heracles onder contract staan. Het kwartet Zuidafrikanen keek bewonderend toe hoe Ajax met gedurfd aanvalsspel op de tweede bekernederlaag sinds 1974 werd getracteerd.

Almelo, des gaten gats, dichtte J.C. Bloem over zijn geboorteplaats. Aan Gerard Marsman, de trainer van Heracles, is poëtisch taalgebruik niet besteed. “Om zo'n mooie wedstrijd te spelen heb je twee ploegen nodig. Wij hebben risico genomen en geluk gehad.” Met blosjes op de wangen mengde Marsman zich vervolgens in het feestgedruis. “Laat Feyenoord zijn borst maar natmaken.”

    • Jaap Bloembergen