Geld voor onderzoek naar klapschaats

ROTTERDAM, 27 NOV. Bewegingswetenschappers van de Vrije Universiteit in Amsterdam hebben nog ten minste vier jaar om de klapschaats te perfectioneren. De Stichting Technische Wetenschappen heeft het schaatsonderzoek aan de faculteit bewegingswetenschappen tot 2000 veiliggesteld door een subsidie voor vier jaar te verstrekken.

Het benodigde geld is afkomstig van de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO). Bij de eerste wereldbekerwedstrijden van het seizoen, afgelopen weekeinde in Berlijn, baarde de vinding van de Amsterdamse onderzoekers voor het eerst internationaal opzien. Tonny de Jong en Carla Zijlstra brachten op de nieuwe schaatsen de Duitse Gunda Niemann, die het vrouwenschaatsen jarenlang beheerste, een nederlaag toe.

De in september begonnen nieuwe fase van het onderzoek richt zich op een vergelijking van de verschillende klapschaatsen (Rotrax en Viking) en de orthodoxe ijzers. Bekeken wordt onder meer de zuurstofopname van schaatsers die hetzelfde trainingsschema volgen.

Onderzoeker G.J. van Ingen Schenau veronderstelt dat een klapschaatser meer zuurstof moet opnemen omdat hij meer spieren gebruikt. Maar, denkt hij, de klapschaatser wordt minder gauw moe omdat zijn bewegingen natuurlijker zijn.

Van Ingen Schenau wil na de successen van afgelopen zondag nog niet spreken van een doorbraak van de klapschaats. Daar was volgens hem alleen sprake van geweest als de Nederlandse rijdsters in Berlijn hun persoonlijke records hadden verbeterd. De Jong en Zijlstra bleven in de hal van Hohenschönhausen ieder zes seconden van hun toptijd verwijderd.

De biochemicus gaat ervan uit dat ook psychologische factoren een rol hebben gespeeld in de machtsgreep van de kernploegvrouwen. De verslagen veelvoudig kampioene Gunda Niemann haalde zondag zelfs haar schouders op over de klapschaats: “Ik zal er niet eerder dan na de grote kampioenschappen mee experimenteren”.

Op grond van filmanalyses uit 1983 kwam Van Ingen Schenau tot de conclusie dat het schaatsers helpt als hun beweging meer op lopen zou lijken. Daartoe construeerde hij de klapschaats. De eerste tests, met ex-kernploegsprinter Ron Ket, waren positief.

De conservatieve schaatswereld stond echter jarenlang huiverig tegenover de opvattingen van wetenschappers, waarvoor nu veel internationale belangstelling bestaat.