Zes jaar cel en tbs geëist tegen scholier voor doodslaan man

AMSTERDAM, 26 NOV. De Amsterdamse officier van justitie B. Broers heeft gisteren zes jaar gevangenisstraf en tbs met dwangverpleging geeïst tegen de 21-jarige scholier Ritchard L. wegens doodslag op de 26-jarige Joes Kloppenburg in de nacht van 16 op 17 augustus in de Voetboogstraat in het centrum van de stad. Wegens zijn aandeel in de nachtelijke vechtpartij eiste de officier drie jaar gevangenisstraf tegen de evenoude neef van L., Kenneth M.L.

De officier nam de conclusie van twee psychiatrisch deskundigen over dat Ritchard minder toerekeningsvatbaar moet worden geacht en de kans op herhaling niet mag worden uitgesloten. Aan het einde van de zitting las L. een verklaring voor waarin hij spijt betuigde voor zijn optreden. “Ik ben mij ervan bewust dat ik onherstelbaar leed heb aangericht. Het is niet in woorden uit te drukken. Ik zal er in de toekomst alles aan doen om dit zinloze geweld te voorkomen.” De moeder van het slachtoffer sprak voor de rechter van een nachtmerrie. “Het is alsof ons leven door een aardbeving is getroffen. Over onze toekomst hangt een grauwsluier.”

Op de avond van 16 augustus reed L. met drie neven en een vriend naar Hoofddorp waar zij zich in een plaatselijk etablissement vermaakten met drank en muziek. L. was wel opgefokt, aldus diens neef gisteren tegenover de rechtbank, maar een handgemeen bleef uit. De alcohol vloeide die avond rijkelijk, variërend van jenever-cola, wodka tot champagne. Na enige tijd besloten de vijf jongens terug te rijden naar Amsterdam, waar ze een café aan het Rembrandtsplein bezochten . Er was weinig te beleven en het vijftal ging wat eten in de nabijgelegen Voetboogstraat waar op dat moment, vier uur in de ochtend, nog één cafetaria open was. Kloppenburg had, zoals vrijdags te doen gebruikelijk, een deel van de avond kaartspelend in café De Schutter doorgebracht en was vervolgens naar een gelegenheid verderop in de Voetboogstraat gegaan. Toen dit café sloot liep hij in de richting van de snackbar.

Daarbinnen had het eerste treffen plaats. De neef van L. gaf een klant een klap omdat die hem vreemd zou hebben aangekeken. Weer buiten viel L. een student van achteren aan en trapte hem tegen zijn scheenbeen. De student kon van pijn niet meer staan en ging op het trapje naast de snackbar zitten. L. liep met zijn vrienden verder in de richting van de Heiligeweg. De student hoorde een van de jongens roepen: “Nu zijn je kniebanden eraan”, zei hij tijdens het getuigenverhoor bij de rechter-commissaris.

Tegenover de rechtbank verklaarde L. gisteren dat hij toen hij richting Heiligeweg liep, werd aansproken door een zwerver die hem om geld vroeg. “Ik had geen geld bij me. Toen hij me wilde aanraken heb ik hem geschopt.” Vanuit de Voetboogstraat riep een 27-jarige omstander: “Waar zijn jullie mee bezig?” L. draaide zich om, liep naar de man toe en sloeg hem een aantal malen met zijn vuist in het gezicht. Volgens een getuige had de man geen schijn van kans. “Ik zag dat hij onmiddellijk gestrekt neerging. Hij bewoog niet meer, daarom dacht ik dat hij bewusteloos was”. De weerloze man werd nog een aantal keren door L. tegen het achterhoofd geschopt. Getuigen verklaren dat de neef van L. het bovenlichaam van dit slachtoffer bewerkte. De vriend van de 27-jarige omstander probeerde tussenbeide te komen maar werd door de neef van L. weggeduwd. Hij deed nóg een poging waarop de agressie zich op hem richtte. Het handgemeen verplaatste zich richting snackbar, waarop de eigenaar de deur op slot deed.

De twee neven bleven doorgaan met slaan en schoppen en Joes Kloppenburg riep 'kappen nou'. Daarop kregen zij hèm in het vizier. L. kwam op Kloppenburg af, die achteruitlopend probeerde weg te komen. Op een gegeven moment stond hij op het trapje met zijn rug tegen de deur van de snackbar en voelde of de deur nog open was. Kloppenburg werd in zijn gezicht gestompt. Een vriend van hem zag dat Kloppenburg wankelde en in elkaar zakte.

Tegenover de rechtbank verklaarde L. dat hij niet had gezien dat Kloppenburg in elkaar was gezakt. “Toen ik weg liep stond hij nog overeind. Ik dacht dat die andere man was overleden in plaats van Kloppenburg. We hebben ons niet gerealiseerd hoe erg het was”, zei hij. Van het groepje van vijf waren op dat moment alleen L. en zijn neef over.

De officier van justitie sprak van een dieptreurige gebeurtenis. “Er was geen aanleiding, geen sprake van provocatie. Er valt geen reden te bedenken waarom dit moest gebeuren”, aldus Broers. Volgens de advocaat van L., G. Knoops, had zijn cliënt de dood niet voor ogen gehad en heeft hij dat ook niet gewild. Maar volgens Broers moet iemand “die zo hard slaat en zo hard doorslaat er rekening mee houden dat dit de dood tot gevolg kan hebben”.

Knoops bestreed het tbs-advies van de twee getuigen-deskundigen door erop te wijzen dat wetenschappelijk gezien nimmer is aangetoond dat zo'n maatregel de kans op herhaling uitsluit. Ook achtte Knoops de maatregel overbodig omdat uit de rapportages blijkt dat L. “wel degelijk inzicht heeft in de ernst van hetgeen hij heeft aangericht, alsmede dat hij er alles aan wenst te doen om dit in de toekomst te voorkomen”, zei hij. Op haar beurt stelde Broers dat vanaf de geboorte van de verdachte iets mis is gegaan wat op een onverwacht moment naar buiten komt. “Dat stuk waar u zich niet van bewust bent, moet behandeld worden”, aldus Broers.