Olie-export Irak is nog geen probleem voor Opec-beraad

ROTTERDAM, 26 NOV.Het ministerscomité van Opec, de organisatie van elf olie-exporterende landen, beraadt zich vanaf morgen in Wenen op de gevolgen van hervatting van de Iraakse olie-export. Als gevolg van het akkoord tussen Irak en de VN over een 'olie-voor-voedsel'-ruil, moet Opec in het eerste kwartaal van volgend jaar rekening houden met een bijdrage van Irak die, afhankelijk van de prijs, zo'n 500.000 tot 750.000 vaten van 159 liter per dag zal belopen.

Irak mag volgens de betreffende VN-resolutie die al kort na de Golfoorlog door de Veiligheidsraad werd aanvaard, het eerste halfjaar voor 2 miljard dollar aan olie op de wereldmarkt aanbieden. Daarna kan de Veiligheidsraad besluiten tot verlenging. De aankondiging van het akkoord door de Iraakse ambasadeur bij de VN, Nizar Hamdoon, leidde gisteravond op de termijnmarkt in New York tot een verlaging van de olieprijs met 42 dollarcent tot 22,61 dollar per vat. De openingsnotering in Londen was nog 20 dollarcent lager. Deze beperkte daling is volgens handelaren te wijten aan de krappe voorraden aan ruwe olie en olieprodukten in de Verenigde Staten en West-Europa.

Voor het eerst in jaren kunnen de olieministers van Opec in een zorgeloze sfeer vergaderen, want de prijs beweegt zich ondanks het akkoord tussen Irak en de VN ruim boven de richtprijs van 21 dollar per vat die het kartel hanteert. Door de lage voorraden in de industrielanden wordt pas in het tweede kwartaal van 1997 een prijsdaling van betekenis verwacht. Opec profiteert dubbel, omdat de elf landen nu samen bijna 1 miljoen vaten per dag meer op de markt brengen dan het plafond dat ze vorig jaar vaststelden: 25,03 miljoen vaten per dag, tegen een relatief hoge prijs.

In Opec-kringen wordt verwacht dat de overproduktie, waarin Venezuela het grootste aandeel heeft, de komende maanden zal doorgaan en dat het produktieplafond van 25,03 miljoen vaten per dag niet wordt gewijzigd. De extra produktie van Irak kan volgens de meeste olieministers de komende maanden door de markt worden opgenomen zonder dat de prijs instort. Het debat tussen de ministers zal zich concentreren op de periode daarna. Want in het tweede kwartaal zullen de grootste producenten van het kartel - Venezuela en de Golfstaten Saoedi-Arabië, Iran, Koeweit en de Verenigde Arabische Emiraten - hun produktie moeten matigen om ruimte te maken voor Irak.