Massale demonstratie; Oppositie in Servië voert de druk op

BELGRADO, 26 NOV. De Servische oppositie is gisteren in Belgrado opnieuw in woede de straat opgegaan uit protest tegen de annulering van de resultaten van de recente gemeenteraadsverkiezingen door het bewind van president Milosevic.

De betoging van 150.000 opposanten van Milosevic was de grootste sinds deze in 1987 aan de macht kwam.

De betogers scholden het bewind van Milosevic in spreekkoren uit voor 'dieven' en voor 'rode bende' en bekogelden een aantal gebouwen met eieren. De gevels van Milosevic' regeringszetel, het stadhuis, de staatstelevisie en het door het bewind gecontroleerde blad Politika zagen na de betoging geel van de struif.

Een van de leiders van de oppositiecoalitie Zajedno, Zoran Djindjic, zei in een toespraak tot de betogers dat zij “de voorhoede van de revolutie” vormen. “Dit is geen verkiezingsbijeenkomst of een protestbijeenkomst meer. Dit is een democratische revolutie waarop Servië al vijftig jaar wacht”, aldus Djindjic. De demonstranten scandeerden terug: “Servië is opgestaan, Servië is opgestaan.” Een andere spreker hield de menigte voor dat het niet langer gaat om verkiezingen tussen partijen, maar om “verkiezingen tussen de democratie en de duisternis”.

De oppositie won bij de gemeenteraadsverkiezingen van negen dagen geleden een meerderheid in de meeste grote steden van Servië. Maar die meerderheid is haar door de heersende socialistische partij van Milosevic afgepakt met het argument dat zich bij de verkiezingen onregelmatigheden voordeden. De socialisten hebben voor morgen in alle betrokken districten en wijken nieuwe verkiezingen uitgeschreven, die evenwel door de oppositie worden geboycot.

Djindjic maakte gisteren duidelijk het bewind van president Slobodan Milosevic met demonstraties en stakingen ten val te willen brengen. Voor vandaag staat een nieuwe massabetoging bij het parlementsgebouw op het programma. De manifestatie van gisteren was al heel wat groter dan de enige grote massabetoging tegen Milosevic' regime in het verleden, op 9 maart 1991, waaraan door 90.000 mensen werd deelgenomen en die door Milosevic met tanks werd uiteengejaagd. Daarbij vielen twee doden.

De leiders van Zajedno spraken gisteren in Belgrado met ambassadeurs van de landen van de Europese Unie en een aantal andere landen. Na het overleg is niets afgesproken.

Wel mengde gisteren de Amerikaanse regering zich in de Servische crisis, bij monde van een woordvoerder van het ministerie van Buitenlandse Zaken in Washington. De woordvoerder, Glyn Davies, noemde de annulering van de verkiezingsuitslagen in Servië “totaal onaanvaardbaar”. “Die stap ondermijnt het verkiezingsproces en maakt de Servische aanspraak, een zich in democratische richting ontwikkelende staat te zijn, ongeldig”, aldus Davies. “Servië respecteert de Westerse democratische principes niet.”

De ministers van Buitenlandse Zaken van de Europese Unie hebben gisteren in Brussel besloten de handelsconcessies aan Joegoslavië (Servië en Montenegro) uit te stellen met het oog op de annulering van de lokale verkiezingen in Servië. De EU acht de tijd niet rijp om op dit moment een gebaar naar Belgrado te maken. (Reuter, AP, AFP)