CAO-worsteling NS is na eerste akkoord nog niet af

ROTTERDAM, 25 NOV. Het was schuiven op de vierkante millimeter. Het akkoord dat de Nederlandse Spoorwegen en de vakbonden zaterdagmorgen na bijna vijftien uur onderhandelen hebben bereikt lijkt op het eerste gezicht nauwelijks af te wijken van het NS-voorstel waarvoor de bonden een maand geleden woedend de onderhandelingstafel verlieten. Het management van de spoorwegen heeft toch zeggenschap gekregen over een deel van de ATV-dagen en de verfoeide korte vieruursdienst komt er ook.

De NS hebben hun zin gekregen: de gewenste extra flexibilisering is overeind gebleven. “Ik ben een tevreden mens. De essenties van wat wij wilden zijn overeind gebleven”, zei NS-onderhandelaar R. Lantain zaterdagmiddag. De bonden hebben getracht te redden wat er te redden viel en de flexiblisering voor machinisten en conducteurs met garanties laten omkleden. “Wij hebben op bepaalde punten water bij de wijn moeten doen”, gaf L. Vlek van de Vervoersbond FNV na afloop van de onderhandelingen toe. Of hun achterban daar genoegen mee neemt, zal de komende weken moeten blijken.

Vast staat dat vooral de onderhandelaars van de Vervoersbond FNV en de spoorwegbond FSV het op de ledenvergaderingen zwaar te verduren zullen krijgen. Het militantere deel van de leden (bij de Vervoersbond FNV vooral conducteurs, bij de FSV machinisten) had zich al flink warmgelopen voor een staking bij NS Reizigers. Zij zullen nu de indruk hebben dat de onderhandelaars zich voor het karretje van de NS-directie laten spannen. Om die leden niet voor het hoofd te stoten zijn de stakingen nog niet definitief afgeblazen. Ook leggen de bestuurders het akkoord niet met een 'positief' advies aan de leden voor, maar slechts 'neutraal'; daarmee geven ze hun achterban te kennen dat ze het enthousiasme van de NS over het resultaat niet delen.

De NS mogen dan tevreden zijn, tijd om op de lauweren te rusten heeft de ondernemingsleiding niet. De onrust en de onzekerheid onder het personeel - factoren die in belangrijke mate hebben bijgedragen aan de explosieve sfeer rondom de onderhandelingen - zijn ontstaan doordat de werknemers zich door het management in de steek gelaten voelen.

De leiding verdedigt de vele veranderingen met de op zichzelf legitieme argumenten dat de concurrentie nadert en dat de NS een relatief zwakke financiële positie hebben, maar ze slaagt er niet in dit bij de werknemers goed over te laten komen.

Het offensief dat de NS-leiding de afgelopen weken heeft ingezet om het publiek duidelijk te maken dat de schuld voor het conflict volledig bij de vakbonden ligt, zal het de vakbondsbestuurders niet gemakkelijker maken de leden weer in het gareel te krijgen. Bestuursvoorzitter R. den Besten beschuldigde de vakbonden een week geleden in deze krant nog van misleidend gedrag en het verspreiden van leugens. Bij het bedrijfsonderdeel NS Reizigers was zelfs sprake van een “verziekt overlegklimaat”, zei Den Besten. Andere leden van het topkader lieten in de media gelijksoortige geluiden horen.

De harde toon van de NS-top is wel te begrijpen. Bij de Nederlandse Spoorwegen is in de loop van de decennia een starre en tijdrovende overlegcultuur gegroeid. Over ieder detail moet steeds opnieuw met een reeks van overlegorganen worden gesproken.

Het management, waarvan de afgelopen jaren veel mensen buiten de NS zijn geworven, ziet dit als frustrerende obstakels op weg naar een modern, efficiënt spoorwegbedrijf.

Vorig jaar leek aan de starre overlegcultuur, waarbij iedere punt en komma moet worden vastgelegd, juist een einde te komen. Op aandringen van de toenmalige FNV-onderhandelaar W. Korteweg besloten NS en vakbonden na vijf geheime besprekingen 'op de hei' dat de verhoudingen binnen het bedrijf drastisch zouden veranderen. Bonden en NS zouden samen de verantwoordelijkheid nemen voor de koers van de NS, zo lieten betrokken partijen na het 'heide-overleg' euforisch weten.

Uitvloeisel van die nieuwe verhoudingen was de raam-CAO die begin dit jaar voor alle 27.000 NS-werknemers werd afgesloten. Belangrijkste elementen van dat akkoord: een 36-urige werkweek per 1 oktober 1997 en een loonsverhoging van 4,5 procent, verdeeld over 1996 en 1997. Om de NS de kans te geven de arbeidsvoorwaarden in het bedrijf beter op de verschillende activiteiten toe te spitsen, zou per bedrijfsonderdeel worden afgesproken hoe de 36-urige werkweek wordt ingevoerd. De vakbonden wilden de 36-urige werkweek omdat het banen zou opleveren (al wilden de leden van de FSV eigenlijk liever meer geld), de NS dachten in ruil extra flexibiliseringsmaatregelen te kunnen doorvoeren. Harde afspraken hierover werden echter niet gemaakt.

Toen deze zomer bij NS Reizigers (met 11.000 werknemers het belangrijkste bedrijfsonderdeel) de 36-urige werkweek aan de orde kwam, bleek van de 'nieuwe' verhoudingen niets meer over. Wantrouwen en machtsspelletjes beheersten het overleg als vanouds. De NS beschuldigden de bonden ervan dat zij hun leden opzettelijk niet hadden verteld dat de kortere werkweek gepaard zou gaan met meer flexibiliteit, de vakbonden ontkenden in alle toonaarden dat het onderwerp op de hei “in die context” aan de orde was geweest.

In het akkoord dat de vakbonden en de directie van NS Reizigers zaterdag hebben gesloten is niets meer aan de vrije interpretatie overgelaten. Pas na zes uur praten besloten de partijen om half drie vrijdagnacht dat er een basis was om te onderhandelen. Aan het eind van de zaterdagmorgen waren alle 24 punten tot in detail besproken.

In totaal hebben de onderhandelingen voor NS Reizigers een half jaar in beslag genomen. Een benauwend vooruitzicht voor de NS-managers die nu bij de andere twaalf bedrijfsonderdelen een CAO moeten afsluiten.

    • Marcella Breedeveld