Waalse minister blijft aan; Politie België onderzoekt rechtscollege

BRUSSEL, 23 NOV. De Belgische politie heeft afgelopen dinsdag een huiszoeking gehouden bij de Raad van State, het hoogste administratieve rechtscollege van het land. Dat is pas gisteren bekend geworden.

De huiszoeking is verricht in opdracht van de Brusselse onderzoeksrechter Van Espen. Hij wilde gisteren niets zeggen over de reden voor deze actie van justitie, de jongste van een golf schandalen die België de afgelopen maanden overspoelt.

Volgens geruchten zou de huiszoeking verband houden met een rechter van de Raad van State die van corruptie wordt verdacht. Het zou om een christen-democratische magistraat gaan die in de jaren tachtig voor het kabinet van de toenmalige premier Martens werkte. Het is niet duidelijk of de man ervan verdacht wordt zichzelf te hebben verrijkt of dat het gaat om een geval van illegale financiering van een politieke partij.

Magistraten van de Raad van State zijn benoemd voor het leven. De Belgische politieke partijen hebben tot nu toe een doorslaggevende stem bij hun benoemingen gehad. Als ze van misdrijven worden verdacht, kunnen ze niet door een lagere rechtbank worden berecht dan het Hof van Beroep, dat te vergelijken is met het Nederlandse Gerechtshof.

Minister van Onderwijs Jean-Pierre Grafé van de Waalse deelregering, die evenals vice-premier Di Rupo beschuldigd is van seksuele omgang met minderjarigen, mag voorlopig aanblijven. Een speciale commissie van het Waals parlement in Namen vraagt het Hof van Cassatie, het hoogste Belgische rechtscollege, net als bij Di Rupo eerst nader onderzoek te plegen.

Justitie baseert zich bij Di Rupo tot op heden slechts op de verklaring van een 22- of 24-jarige man uit Belgisch Limburg, die vanuit de gevangenis in Hasselt tegenstrijdige verklaringen heeft afgelegd over de vice-premier. Ook van Grafé heeft hij gezegd dat deze hem heeft misbruikt. Het is onduidelijk of er over Grafé nog andere verklaringen bestaan.

Een speciale commissie van het Belgische nationale parlement vond in meerderheid de bewijzen te mager om de socialist Di Rupo in staat van beschuldiging te stellen. Dat zou tevens zijn ontslag hebben betekend. Hetzelfde geldt voor de Waalse christen-democraat Grafé.

Het parlement in Namen is verder van mening dat Cassatie de bewindsman ook niet per se hoeft te verhoren. Datzelfde vond het nationale parlement over Di Rupo. Alleen het Hof van Cassatie mag ministers strafrechtelijk verhoren. Binnen twee weken moet nu duidelijk worden of tegen beide bewindslieden ook daadwerkelijk klachten worden ingediend en of eventueel verhoor nodig is. (AFP)