Politiek als boekenclub

Het CDA bespreekt vandaag tijdens zijn partijraad in Utrecht plannen om het partijlidmaatschap met behulp van 'clubkortingen' en andere voordeeltjes aantrekkelijker te maken. Gaat de politieke partij de boekenclub achterna?

DEN HAAG, 23 NOV. Vandaag is de gloriedag voor marketing-mensen en pr-adviseurs binnen het CDA. Op de najaars-partijraad in Utrecht denkt de oudste georganiseerde politieke stroming van het land na over modernisering van haar omgangsvormen met potentiële leden. Hoe trek je mogelijk geïnteresseerden over de drempel zonder het verwijt te krijgen als de eerste de beste encyclopedieverkoper te werk te gaan? Is het wel zo hoffelijk om nieuwe aanwas met een acceptgirootje welkom te heten?

De partij die haar ledenaantal zag teruglopen van 95.000 in 1995 tot 91.000 dit jaar, bespreekt negen voorstellen die zijn uitgedokterd door de werkgroep Politieke partij-nieuwe stijl, en die de zegen kregen van het partijbestuur. Het opvallendste voornemen is om nieuwe leden kortingsvoordelen te bieden bij politiek bevriende reisorganisaties, boekwinkels, autodealers of verzekeringsfirma's. “Kortingen bij bakkers of slagers tikken niet aan”, licht werkgroepsecretaris en organisatie-adviseur Theo Camps toe. “Die kunnen hoogstens 5 cent korting geven. Bij primaire levensbehoeften zijn de marges voor klantenkortingen te klein.”

Een beetje moe wordt Camps van de clichés - 'politiek is geen zeep, en zeker christelijke politiek niet' - die de ronde doen in de discussie over deze aanpak. “Het gaat erom mensen te trekken die toch al geïnteresseerd zijn in onze boodschap, maar die een laatste duwtje over de drempel nodig hebben. Met die boodschap zit het wel goed. Mogen we ook eens naar de verkoopmethoden kijken? Een paar jaar geleden werd iemand bij mij in de straat lid van een vakbond, omdat ze daarmee een gratis aluminium trap kreeg. Ze sympathiseerde al met de vakbond, maar dat voordeel gaf het beslissende duwtje.” Of de straatgenoot van Camps nog lid is, weet hij niet. Camps is verhuisd.

Om leden aan te trekken en vast te houden, ligt bij het CDA nog een ander opvallend voorstel ter tafel, namelijk om de hoogte van de contributie te laten variëren met de interesse en de betrokkenheid van nieuwe leden. Camps: “Sommige mensen willen alleen via de ledenkrant op de hoogte gehouden worden van wat er leeft. Anderen willen actief worden in een werkgroep, en weer anderen willen bij ons carrière maken als bestuurder. Die laatste groep carrièristen is overigens wat minder groot dan vroeger.” Om recht te doen aan deze verschillende motieven zou de contributie moeten variëren, zo luidt het voorstel.

Eén van de opdrachten aan de werkgroep was te inventariseren wat voor mensen lid willen worden van het CDA. Dat de CDA-leden niet beantwoorden aan het beeld dat PvdA-politica Hedy d'Ancona er in 1994 van schetste - uit de provincie, van christelijke huize en lager opgeleid - wist de werkgroep natuurlijk allang. Bij haar inventarisatie stuitte ze op andere verrassingen. Het CDA mag dan minder leden hebben dan vorige jaren, ze zijn ook minder oud. Camps: “De vergrijzing in het ledenbestand is aan het verdwijnen. De nieuwe leden zijn evenwichtiger over leeftijdscategorieën verspreid dan vroeger het geval was. Ook in andere categorieën zijn er geen onevenwichtigheden.”

Andere voorstellen die vandaag ter tafel liggen zijn het ontwikkelen van een mooi welkomspakket voor nieuwe leden, het vinden van nieuwe vormen van ledenraadplegingen, modernisering van de politieke bijeenkomsten, en scholingsexperimenten.

Camps realiseert zich het relatieve gewicht van alle inspanningen. Eén slechte grap van fractievoorzitter Heerma tijdens een televisieprogramma op prime-time, en de winst op marketing-terrein is weg.

Op dat punt heeft Camps enige zorgen. “De communicatie en presentatie van de Tweede-Kamerfractieleden kunnen beter, al zijn ze vooruitgegaan. In het begin probeerden ze als bestuurders oppositie te voeren, en dat gaat natuurlijk niet. Presentatie blijft bij ons het zwakke punt.”

    • Kees Versteegh