'Terugkeer vluchtelingen is Rwanda's overwinning'

KIGALI, 22 NOV. Paul Kagame, Rwanda's vice-president en minister van Defensie, toont zich uiterst tevreden over de uitkomst van het offensief tegen de Hutu-extremisten in Oost-Zaïre. “De resultaten zijn uitstekend”, zegt hij. Na dit offensief, vorige week, keerde een geschatte half miljoen Rwandese vluchtelingen naar hun vaderland terug.

Seth Kamanzi, politiek adviseur van president Bizimungu, verkeert eveneens in euforische stemming. “We hebben een prachtig kerstcadeau gekregen. De terugkeer van de vluchtelingen is onze overwinning. We hebben altijd gezegd dat de vluchtelingen werden gegijzeld. De wereld ziet nu dat we gelijk hadden.”

De Rwandese machthebbers blijven volhouden de Zaïrese rebellen alleen 'moreel te steunen', de talrijke ooggetuigen ten spijt die wel degelijk zagen hoe enkele Rwandese regeringssoldaten aan de gevechten deelnamen. De uiterst gecompliceerde militaire tactiek die vorige week werd toegepast om de honderdduizenden vluchtelingen te scheiden van de tienduizenden leden van de Hutu-militie Interahamwe en de Rwandese voormalige regeringssoldaten (ex-FAR) draagt alle kenmerken van de briljante militaire strateeg Kagame. Na deze operatie brak de dam en begonnen de vluchtelingen naar Rwanda te stromen. “De hulporganisaties hebben twee jaar lang, direct of indirect, de vluchtelingen aangemoedigd in de kampen in Oost-Zaïre te blijven”, aldus Kagame. “Er was een stevige duw nodig.”

Amerikaanse diplomaten in Kigali betoogden ruim twee weken geleden dat een buitenlandse interventiemacht, waarover nog steeds wordt gesproken, niet nodig was. “Je moet de problemen oplossen met de strijdkrachten ter plaatse die controle over het gebied (in Oost-Zaïre) uitoefenen”, betoogde de Amerikaanse ambassadeur. De Amerikanen bleken daarmee het groene licht te geven aan de rebellen en de Rwandezen om de extremisten in de vluchtelingenkampen te verdrijven. Vlak vóór de interventiemacht zou komen - zonder een mandaat om de vluchtelingen van de extremisten te scheiden - is dat scenario in werking gesteld.

“Ik heb altijd mijn twijfel gehad over het mandaat van de interventiemacht”, betoogt Kagame. “Volgens mij zou de interventiemacht het meer gaan opnemen tegen de rebellen dan tegen de ex-FAR en de Interahamwe.” Daarna concludeert hij in heel diplomatieke taal: “Er bestaat een beetje een verband tussen de naderende komst van de interventiemacht en wat de rebellen deden.” Het karwei is geklaard, het is nauwelijks verbazingwekkend dat Rwanda geen noodzaak meer ziet voor een buitenlandse interventie.

Een Westerse diplomaat in de Zaïrese hoofdstad Kinshasa opperde enkele dagen geleden dat het moment nu was aangebroken voor Rwanda om druk te gaan uitoefenen op de Zaïrese rebellen. “Rwanda heeft zijn doel bereikt. Nu moet het uiteenvallen van Zaïre worden voorkomen. Rwanda moet daarom zijn hulp aan de rebellen stopzetten.” Seth Kamanzi wijst die suggestie onmiddellijk van de hand. “Ja, we hebben een goede verstandhouding met de rebellen, maar we mogen hun positie niet verzwakken. Laat de Zaïrezen eerst de rechten van de Banyamulenge erkennen en laat ze met de rebellenleider Kabila gaan praten. Maar we zien nog geen enkele positieve instelling bij de Zaïrese regering en blijven daarom sympathiseren met de rebellen.”

De door Frankrijk en Amerika gevreesde fragmentatie van Zaïre is in Kamanzi's zienswijze toch al onvermijdelijk geworden. “De Amerikanen en Fransen kunnen hier geen controle meer over uitoefenen. En wat kunnen wij dan nog doen?” Met een verwijzing naar de rebellen antwoordt Kamazi op zijn eigen vraag: “We moeten het stellen met degenen die dicht bij ons staan. Eerst beschermen we onze eigen nationale belangen.” Vrij vertaald, betekent dit: Als Zaïre uiteenvalt in verscheidene staten, dan zal Rwanda goede relaties onderhouden met de nieuwe machthebbers in Oost-Zaïre.

De victorie van Rwanda moet in de komende weken nog worden bestendigd. Duizenden Rwandese vluchtelingen zijn nog 'zoek' in Oost-Zaïre en honderdduizenden die terugkeerden, moeten worden opgevangen. De terugkeer verloopt volgens de eerste aanwijzingen zonder al te veel fricties. Plaatselijke bestuurders hebben opdracht gekregen voorlopig geen enkele arrestatie te verrichten, noch onder soldaten van de ex-FAR, noch onder burgers die verdacht worden van deelname aan de genocide in 1994. Burgers die twee jaar geleden woningen innamen van vluchtelingen, dienen deze binnen vijftien dagen terug te geven. Maar deze vergevingsgezinde houding valt op de iets langere termijn nauwelijks vol te houden. Onder de teruggekeerde vluchtelingen bevinden zich duizenden moordenaars van 1994 en de nabestaanden van de slachtoffers eisen gerechtigheid.

Over de in Oost-Zaïre achtergebleven vluchtelingen is inmiddels een conflict uitgebroken tussen de Rwandese machthebbers en de buitenlandse hulporganisaties. De vluchtelingenorganisatie van de Verenigde Naties (UNHCR) spreekt over nog ruim 700.000 Rwandese vluchtelingen in Oost-Zaïre. Volgens Rwanda schroefde het UNHCR in het verleden bewust het aantal op, om meer fondsen te kunnen inzamelen. Degenen die nog in Oost-Zaïre ronddwalen, zijn in de Rwandese visie tienduizenden extremisten en hun aanhangers. “We dagen het UNHCR uit ons te laten zien waar de vluchtelingen zich dan bevinden”, zegt Kamanzi. “Amerikaanse satellietfoto's tonen nergens grote concentraties vluchtelingen.”

De opvang van de teruggekeerde vluchtelingen is tot ergernis van de buitenlandse hulporganisaties vrijwel geheel overgenomen door de Rwandese autoriteiten. Vrachtauto's van hulporganisaties werden geconfisqueerd. Rwanda wil haast zetten achter de operaties om de teruggekeerden naar hun dorp te brengen. “Er bestaan enkele meningsverschillen over de manier waarop de vluchtelingen moeten worden gehuisvest”, drukt Kagame het uit. “Sommige hulporganisaties willen opnieuw kampen oprichten. Wij daarentegen willen de vluchtelingen zo snel mogelijk naar hun huizen sturen.” Rwanda vreest dat in dergelijke kampen extremisten zich kunnen hergroeperen om opnieuw invloed uit te oefenen op de vluchtelingen.

Een zelfverzekerd Rwanda gaat de confrontaties met de buitenlandse hulpverleners niet uit de weg. Een hulpverlener zegt: “De Rwandese machthebbers zeggen het karwei beter te kunnen opknappen dan wij.” De afgelopen twee weken hebben Rwanda vooralsnog gelijk gegeven.

    • Koert Lindijer