Verzamelaars bieden grif op Christina-veiling

AMSTERDAM, 21 NOV. De veiling van de boedel van prinses Christina bij Sotheby's in Amsterdam heeft 2,3 miljoen gulden opgebracht, waarmee de geschatte opbrengst ruim is overtroffen. De kopers waren vooral verzamelaars die hun collecties completeerden en nauwelijks echte Oranje-fans.

De veiling van Christina's boedel kan een succes worden genoemd. Al na de eerste sessie op dinsdag was de geschatte opbrengst van twee miljoen gulden bijna gehaald. Bij de veiling van het tweede gedeelte, op woensdagochtend, vielen vooral de hoge bedragen op die werden geboden voor een verzameling miniatuur-grachtenpanden van porselein.

In deze tweede sessie werd een combinatie aangeboden van antiquiteiten, keramiek, oude prenten en bric-à-brac. Naast kostbaar zilverwerk en tapijten, werd voor de liefhebber met een smallere beurs aanzienlijk goedkoper serviesgoed en vaatwerk aangeboden. Het is ongebruikelijk dat dergelijke voorwerpen, in prijs variërend van een paar tientjes tot enkele honderden guldens, bij een groot veilinghuis als Sotheby's worden aangeboden. Als om dit te compenseren prees de veilingmeester ze aan met kwalificaties die ook hemzelf niet erg leken te overtuigen: 'vier schattige bordjes' (550 gulden) en 'twee handige mixkommen' (120 gulden).

Toch waren deze persoonlijke gebruiksvoorwerpen niet erg in trek. Enkele malen werd, omdat het bieden niet op gang kwam, de inzetprijs zelfs verlaagd in plaats van opgevoerd. Blijkbaar ging het de potentiële kopers niet zozeer om een persoonlijk aandenken aan de prinses. Dat bleek wel uit de relatief lage bedragen die werden geboden voor echte Christina-parafernalia, zoals een koperen gedenkplaat met de namen van de prinses en haar toenmalige echtgenoot Jorge Guillermo, of de lege flessen van de champagne die bij hun bruiloft in 1975 werd geschonken. De nog volle exemplaren met Tattainger Brut uit 1947 trokken meer belangstelling. Een compleet Ginori-servies met de initialen C en J deed het, met een prijs van 2.600 gulden, daarentegen wel goed.

Verrassend was de aandacht voor drie sets van elk zeventig flesjes van porselein in de vorm van grachtenpanden die de KLM haar eerste-klaspassagiers aanbiedt. Deze huisjes waren getaxeerd op 250 tot 350 gulden, maar de maximum-richtprijs werd ruim vertienvoudigd tot bedragen tussen de 4.000 en 5.500 gulden. De drie sets werden het eigendom van drie verschillende verzamelaars. Een verzamelaar die vergeefs deelnam aan het bieden van deze lots, zei desgevraagd dat hij er vooral op uit was zijn eigen verzameling te completeren. Een liefhebber dus en geen oranjeklant.

    • Bram de Klerck