Advocaat mag niet als rechter in eigen arrondissement

DEN HAAG, 21 NOV. Minister Sorgdrager (Justitie) vindt dat advocaten niet meer kunnen fungeren als rechter-plaatsvervanger in het arrondissement waar zij werken.

De minister zei dit vanochtend tijdens de behandeling van de begroting van het ministerie van Justitie in de Tweede Kamer. In Nederland zijn er ongeveer 1.300 mensen die kunnen worden ingezet als rechter-plaatsvervanger. Van hen zijn er ongeveer zeshonderd advocaat van beroep. Sorgdrager schat dat driekwart van deze advocaten in hun eigen arrondissement werken als rechter-plaatsvervanger.

Sorgdrager vindt dat deze combinatie van beroepen “onverenigbaar” is. “Het voorkomen van de schijn van partijdigheid is van het grootste belang voor het vertrouwen in de rechtspraak”, zei de minister vanochtend.

De minister zal binnenkort met de Nederlandse Vereniging voor Rechtspraak (NVvR) overleggen over een wettelijke maatregel die deze combinatie van beroepen uitsluit. Een aantal rechtbanken heeft dit overigens zelf al besloten. Sorgdrager zei vanmorgen dat zij er geen bezwaar tegen heeft als een “advocaat uit Amsterdam als rechter-plaatsvervanger werkt in bijvoorbeeld Arnhem”. De minister verwacht wel dat door de nieuwe maatregel “gaten” zullen vallen in het bestand van rechter-plaatsvervangers.

Sorgdrager erkende verder dat de rechterlijke macht door de hoge werklast onder druk is komen te staan. De afgelopen maanden zijn verschillende rapporten verschenen waarin de organisatie en de werkwijze van de rechtbanken werd bekritiseerd. Eén van de klachten is dat de wachttijden veel te lang zijn.

Toch zei Sorgdrager dat er “niet te klagen valt over de kwaliteit” van de rechterlijke macht. “Het accent moet de komende jaren komen te liggen op de invoering van verbeteringen in de organisatie.” Zij wees het plan van D66'er Dittrich af om een speciale commissie een grootscheeps onderzoek te laten instellen naar de problemen. Die zijn volgens haar duidelijk.