Voetbalvandalisme groeit buiten stadions in verharde gedaante

ROTTERDAM, 20 NOV. Voetbalvandalisme verhardt, komt vaker in georganiseerde vorm voor en speelt zich steeds meer buiten de stadions af. Dat schrijft het Centraal Informatiepunt Voetbalvandalisme (CIV) in de gisteren in Utrecht gepubliceerde evaluatie van het voetbalseizoen 1995-1996. Volgens het CIV is een ander type voetbalvandaal aan het ontstaan, niet clubgebonden maar er gewoon op uit om rotzooi te trappen.

Het voetbalvandalisme blijkt nauwelijks afgenomen. Afgelopen seizoen is de politie-inzet bij wedstrijden slechts 2,8 procent minder geworden, beoogd was tien procent. “De doelstelling politie-inzet bij wedstrijden in de eredivisie binnen vijf jaar met de helft terug te brengen, wordt op deze manier niet gehaald”, zei J. Siepel, voorzitter van Adviesgroep voetbal Raad van Hoofcommissarissen.

Volgens het rapport heeft de politie in 1995-'96 ruim tweehonderdduizend uren in voorbereiding en begeleiding van betaald voetbal moeten investeren. De kosten daarvan bedragen bijna dertien miljoen gulden. Tegen 1550 supporters is een proces-verbaal opgemaakt. Dit is een daling vergeleken met vorig seizoen, toen nog 1900 supporters werden gearresteerd. Vergeleken met voorafgaande jaren is het echter extreem veel, toen werden gemiddeld duizend supporters opgepakt. Volgens het CIV is de politie een aantal malen onvoldoende in staat geweest georganiseerd opererende supportersgroepen in toom te houden. Zelfs dwangmiddelen en toepassing van geweld waren niet toereikend. Sommige groepen supporters zoeken de laatste maanden steeds vaker doelbewust een gewelddadige confrontatie met de politie.

Een van de redenen waarom de politie nog steeds zelf zoveel mensen inzet is omdat ze weinig vertrouwen heeft in degenen die hun werk in en rondom de stadions zouden moeten overnemen. De door clubs ingestelde stewards zijn niet in staat politietaken uit te voeren. Omdat het grootste deel van de politie-inzet plaatsvindt bij wedstrijden van Ajax, Feyenoord, PSV, FC Twente en FC Utrecht zal daar in de toekomst de grootste besparing te halen zijn, meent het CIV. Siepel: “Van deze grote clubs kan een grotere professionelere medewerking worden verlangd.”