Premier verdedigt ministers; Kok: kritiek op Sorgdrager overtrokken

DEN HAAG, 20 NOV. Premier Kok heeft vanmorgen minister Sorgdrager in bescherming genomen tegen de zware kritiek die voorzitter Korthals Altes van de VVD-fractie in de Eerste Kamer gisteren op haar uitte tijdens de Algemene politieke beschouwingen.

Korthals Altes zei dat hij minister Sorgdrager te kort vindt schieten in het herstel van de loyaliteit van het justitieel apparaat. Ook toonde hij zich zeer bezorgd over de spanningen tussen Sorgdrager en het openbaar ministerie.

Volgens Kok oordeelt de VVD te snel. “Het vertrouwen in politie en justitie is niet binnen een paar maanden terug te winnen”, zei hij vanmorgen in zijn antwoord. “Het zou onzuiver en onjuist zijn om te doen alsof dat wel kan. Dat vergt een inspanning die over deze kabinetsperiode heenstrekt.” Volgens Kok is de verhouding van Sorgdrager met het openbaar ministerie minder problematisch dan de VVD gisteren schetste. “In de verhouding tussen de minister en het openbaar ministerie is het uitgangspunt dat de minister volledig verantwoordelijk is voor al het doen en laten van het openbaar ministerie, maar dat terughoudendheid van de minister gepast is in de behandeling van individuele zaken. Dat is nodig om recht te doen aan het vertrouwen van de burger in het OM als een op recht georiënteerd lichaam. Er zit op dit punt geen enkel licht tussen de opvattingen van het kabinet en van het OM”, aldus Kok.

Korthals Altes hield echter voet bij stuk. “De premier verwijst naar de ministeriële verantwoordelijkheid. Maar die heeft betrekking op ambtenaren van de uitvoerende macht. Bij het OM werken ambtenaren van de rechterlijke macht. Er is wel degelijk frictie tussen de opvatting van de minister en die van de Nederlandse Vereniging van Rechtspraak. De VVD-fractie vindt dat de vereniging het gelijk aan haar kant heeft.”

Tijdens zijn antwoord nam premier Kok ook minister Ritzen (Onderwijs) in bescherming. E. Schuyer, fractieleider van D66 in de Eerste Kamer, had begin deze week gezegd het beleid van Ritzen als mislukt te beschouwen. Volgens de D66-senator is de bewindsman er niet in geslaagd de wachtgeldproblematiek in het onderwijs terug te dringen. Bovendien zouden bezuinigingen op de studiefinanciering de deelname aan het hoger onderwijs hebben verminderd.

“Die toonzetting doet onvoldoende recht aan de feiten”, zei Kok. Volgens hem kan het Nederlandse systeem de toets der kritiek, ook in internationaal verband, “zeer wel doorstaan”. Met name de gelijkheid van kansen op hoger onderwijs is in Nederland aanzienlijk groter dan elders, aldus Kok.

In antwoord op kritiek van onder meer GroenLinks op het sociaal beleid van het paarse kabinet, zei Kok dat het beleid van de huidige coalitie juist moet worden beoordeeld op de mate waarin de sociale samenhang is verbeterd. Als voorbeelden van pogingen die samenhang te vergroten noemde hij de terugdringing van het aantal jongeren dat zonder diploma de school verlaat en verbetering van de situatie in “probleemwijken” in de grote steden. Om mensen met lage inkomens mee te laten delen in de economische groei, wil Kok toe naar een structurele koppeling van de uitkeringen aan de lonen.