'Liesblessures bij Ajax wijzen op overbelasting'

In tegenstelling tot voorgaande jaren wordt Ajax vanaf het begin van dit seizoen achtervolgd door blessures. Fysiotherapeut en ex-voetballer Pim van Dord zoekt naar oorzaken.

AMSTERDAM, 20 NOV. Ajax lijkt dit seizoen tol te moeten betalen voor de inspanningen van de afgelopen twee jaar, waarin de Ajacieden op vele fronten in actie kwamen. Spelers die zelden geblesseerd waren zijn maanden uit de roulatie. Dat heeft mede een negatieve uitwerking op de prestaties. Binnen de medische staf is gezocht naar oorzaken van de blessuregolf die naarmate het kalenderjaar vorderde steeds heviger werd.

“Wat mij het meest opviel waren al die liesblessures”, zegt fysiotherapeut Pim van Dord van Ajax. “Normaal is er toch een grote verscheidenheid aan kwetsuren. Blind, de broers De Boer, Juan, Litmanen en Veldman kregen allemaal last van hun lies. Dat duidt op overbelasting. Toch is onze trainingsopbouw niet anders geweest dan andere jaren. ”

Van Dord had vooral werk na het Europees kampioenschap. Maar de oorzaak van de schade moet volgens hem al worden gezocht in de wintermaanden. “Toen de velden bevroren waren door de vorst, moest Ajax als een van de weinige ploegen spelen. Want de KNVB had geen uitwijkdata voor ons. Die periode is heel slecht geweest. De wedstrijd bij Heracles was voor het publiek mensonterend bij 20 graden vorst. Maar ook de spelers hadden er onder te lijden, want als je steeds dreigt weg te glijden met misschien nog stijve spieren van de kou, loop je snel aanhechtings- en spierblessures op.”

Met een uitgedunde groep, mede door de ongelukken die Overmars en Reuser overkwam, haalde Ajax de Champions League-finale. Op de spelers die nog gezond waren, werd een zware wissel getrokken. “Te veel is het afgelopen jaar op de schouders van dertien, veertien spelers terecht gekomen. Terwijl die groep in het eerste jaar dat we de Europa Cup wonnen nog bestond uit een man of achttien, negentien. De jongens die overbleven zijn één voor één door hun hoeven gezakt.”.

Kluivert was intussen geopereerd aan een meniscus. Hij had ruim een maand niet gespeeld. De dag voor de finale tegen Juventus trainde hij 's ochtends met Haarms en 's avonds met de groep. Zijn knie hield zich goed, er was geen reactie. In het hotel gaven Van Dord, clubarts Bon én chirurg Bakker toestemming voor een invalbeurt als pinchhitter. Kluivert verving al in de rust Musampa, maar moest ook nog de verlenging meedoen en dát was niet ingecalculeerd. “Als de finale echt de laatste wedstrijd van het seizoen was geweest, had dat nog gekund. Maar er kwam ook een EK achteraan en dat is bij elkaar te veel geweest voor die knie.”

In Engeland trainde Kluivert volop mee met de selectie. Om de pijn te onderdrukken kreeg hij van Kessel een onstekingsremmer, catavlam. Van Dord: “Dat zou ons beleid niet zijn geweest. Met pijnstillers neem je een signaal weg. We geven dit soort pillen weleens, maar dan passen we de belasting aan. Wij zouden dat middel nooit vier weken hebben toegediend. Voor mij staat de persoon voorop en niet het teambelang.”

Na een nieuwe revalidatieperiode lijkt Kluivert genezen. “Het gewricht houdt zich rustig. De tijd zal leren hoe lang. Ik ben optimistisch, want de MRI-foto zag er goed uit. Maar het blijft een gewricht dat geopereerd is.”

Na het EK kreeg Van Gaal problemen. Vier van de negen spelers waren geblesseerd teruggekeerd en gingen op vakantie zonder aan de revalidatie te denken. “Daarover zijn nu afspraken gemaakt met de medische staf in Zeist. Het was een communicatiefout geweest. Wij hebben de nazorg niet geëist, zij hebben het niet gedaan. Dan kun je wel je praktijk openstellen, zoals Kessel deed, maar spelers gaan daar nooit vrijwillig naar toe.”

Op een trainingskamp in Duitsland kwam een chronische overbelasting bij verschillende spelers aan het licht. “Een voor een raakten ze geblesseerd. Het oefenduel tegen HSV was funest. De EK-gangers waren toen pas een week bezig. Zij hadden misschien de eerste twee weken van de competitie niet moeten spelen. Maar dan moet je over een groep beschikken van een man of 25.”

Kessel vroeg zich onlangs af of Ajax zijn trainingsopbouw in het begin van het seizoen niet eens tegen het licht moet houden. De landskampioen werkt sinds drie jaar zonder duurtraining. Met hulp van sportfysioloog Geysel wordt een specifiek op voetbal gericht programma opgesteld. Kessel meent dat er altijd een bepaalde duurtraining als basis moet worden gehanteerd. Van Dord: “Wij geloven er nog steeds in. Pas over een paar jaar kun je zeggen of onze methode niet werkt. Het duurvermogen verbetert net zo goed als je kort loopwerk doet. Een voetballer is afhankelijk van de snelle vezels in zijn lichaam, een marathonloper van langzame vezels. Als voetballer ben ik in het seizoen '76/'77 onder trainer Ivic een keer naar het bos geweest om een lange afstand te lopen. Aan het einde van de dag zei hij: 'Dit doe ik niet meer, dat vind ik zonde van de tijd'. Daarna hebben we alleen nog met de bal getraind. We werden dat jaar kampioen, we hadden plezier op de training en voelden ons op het einde van het seizoen allemaal heel fit.”

Van Dord vindt dat Ajax bij de hartaandoening die zich openbaarde in het lichaam van Kanu geen blaam treft. “Een keuring zegt niet alles. Neem Danny Nelissen die werd afgekeurd maar na een second opinion wereldkampioen werd op een hoogte dat je je afvraagt hoe iemand daar nog zuurstof krijgt. Als je een hartcardiogram maakt, glipt er misschien weer iets anders tussendoor. Dit is eigenlijk pas het eerste incident in de laatste 27 jaar. Toen ik in '73 bij de selectie kwam, werd voor het eerst getest op een fietsergometer. Je moest net zo lang trappen tot je niet meer kon, en dan werd je hartslag gemeten. Op een dag hoorden we naar aanleiding van dat onderzoek in het trainingskamp: Neeskens moet naar huis, hij mag nooit meer voetballen. Bij een tweede onderzoek bleek dat de arts gegevens verkeerd had geïnterpreteerd.”