Een hutspot van gestolen horrormotieven en plotlijnen

Fear. Regie: James Foley. Met: Mark Wahlberg, Reese Witherspoon, William Petersen, Alyssa Milano, Amy Brenneman. In 11 theaters.

Dat de thriller Fear opent met onheilspellende muziek en een jonge vrouw onder de douche, is op zichzelf geen doodzonde; per slot van rekening is de klassieke scène uit Hitchcocks Psycho al door tientallen filmers effectvol gekopieerd en geciteerd. Maar regisseur James Foley en scenarioschrijver Christopher Crowe lieten het niet bij een verwijzing naar een van hun grote voorbeelden. Fear is een hutspot van gestolen plotlijnen en motieven uit beroemde horror- en geweldfilms, van Strawdogs tot Taxi Driver en van The Shining tot Cape Fear. Vooral de laatste film werd flink geplunderd, tot en met de titel toe.

Het is jammer dat Foley (de regisseur van Glengarry Glen Ross en het gisteren op tv vertoonde Madonna-vehikel Who's That Girl?) niet meer heeft vertrouwd op het basisgegeven van zijn film: een strenge, onhandige vader moet toezien hoe zijn zestienjarige dochter zich verslingert aan een schimmige jongen die zich uiteindelijk ontpopt tot een gevaarlijke psychopaat. De scènes die de in haat overlopende rivaliteit tussen de jongen (de B-popster Mark Wahlberg) en de vader (William Petersen) laten zien, behoren tot de beste van de film. Er zijn momenten waarop je werkelijk meevoelt met de vernederingen en de machteloze angsten die de vader moet ondergaan - bijvoorbeeld wanneer hij constateert dat de jonge engerd ook op zijn vrouw seksuele aantrekkingskracht uitoefent.

Spanning is Fear niet te ontzeggen, maar het is het soort spanning dat een vieze smaak in de mond achterlaat, of liever een misselijk gevoel in de maagstreek. De film wemelt van de cheap thrills: de liefdesscènes tussen de psychopaat en het meisje worden gekenmerkt door soft-pornotrucjes waar David Hamilton zich voor zou schamen, de gruweleffecten zijn overbekend (man slaat bijl door deur) of buitenproportioneel onsmakelijk. Zelfs de in aanleg sterke achtergrondmuziek (van de vaste Coen Brothers-componist Carter Burwell) wordt in veel te dikke en onnodige lagen over de handeling uitgesmeerd.

En dan is er de voorspelbaarheid. Als het meisje in het begin van de film van haar boezemvriendin te horen krijgt 'Doesn't it feel good to be wanted?', dan voel je dat de toekomstige begeerde iets vreselijks te wachten staat. Als de poeslieve vrijer zegt dat de meeste dingen niet zijn wat ze lijken, dan weet je allang hoe laat het is. En zo gaat het door, tot aan het bittere happy end.

'Vaders houd uw dochters binnen' lijkt Foley, in 1985 nog de regisseur van de geruchtmakende Madonna-video 'Papa Don't Preach', te willen zeggen. En: 'wat vader doet is meestal goed'. Het is een boodschap die in angstig Amerika een gevoelige snaar kan raken - maar o wat is ze ditmaal doorzichtig en smoezelig uitgewerkt.