Moorden Srebrenica: 'strafvermindering'

DEN HAAG, 19 NOV. De straf voor de moord, in juli vorig jaar, op ruim honderd Bosnische moslims uit Srebrenica door de Bosnische Kroaat Drazen Erdemovic kan lager uitvallen dan gewoonlijk voor vergrijpen van deze omvang, wegens uitgebreide verzachtende omstandigheden.

Dat schrijft de aanklager van het VN-tribunaal voor oorlogsmisdaden in voormalig Joegoslavië in een notitie over deze zaak waarover vandaag een hoorzitting is begonnen. Op deze zitting moet de straf van Erdemovic worden vastgesteld. Het onderzoek van de aanklager is overigens nog niet afgerond, hetgeen vanochtend tot irritatie bij de rechters leidde.

Erdemovic bekende na de val van de enclave Srebrenica tientallen moslimmannen te hebben gedood bij Pilica, zo'n 70 kilometer van Srebrenica. De moslims, mannen en jongens, gevangen genomen na de val van Srebrenica, werden aangevoerd in bussen en vervolgens geëxecuteerd. Erdemovic maakte deel uit van het executiepeloton, als soldaat van het Bosnisch-Servische leger.

Erdemovic maakte in dat leger deel uit van een sabotage-eenheid die rechtstreeks viel onder het opperbevel. In juli vorig jaar werd de eenheid naar Pilica verplaatst. Op 17 juli werd ze ingezet bij de massamoord. Weigering zou worden bestraft met de dood. Bij de executies werden in totaal ruim 1.200 Bosnische moslims vermoord.

Erdemovic vertelde zijn omgeving (en het blad Le Figaro) van de executies en werd gearresteerd door Servische autoriteiten. In maart van dit jaar werd hij naar Den Haag overgebracht, aanvankelijk als getuige. In mei werd hij aangeklaagd.

De aanklager heeft van Erdemovic zoveel “waardevolle informatie” gehad over de val van Srebrenica en de massamoorden, dat zijn straf 'aanzienlijk verlaagd' kan worden. Verdere verzachtende omstandigheden zijn de dwang waaronder hij stond, het feit dat hij zichzelf ter beschikking van het tribunaal heeft gesteld en zijn 'oprecht berouw' over zijn misdaden. De rechtbank doet over ongeveer twee weken uitspraak.