Homo-huwelijk

Zoals bij de aankondiging (7 november), als in het verslag op (9 november) van de triosynode van protestantse kerken in Alphen werd in deze krant gesproken over 'homo-huwelijk'. Dat is nu net de vlag die de lading niet dekt.

De discussie besloeg nadrukkelijk een breder terrein dan de homoseksuele relatie aangeeft. De kerken hebben zich gebogen over het dilemma huwelijk en àndere relaties en daarvoor gebruik gemaakt van de term 'levensverbintenissen' die al of niet 'gezegend' dienen te worden in 'andere diensten van gelofte, voorbede en zegen'. De discussie oversteeg het heikele punt van de homoverbintenis waarover binnen de kerk nog geen consensus is.

Juist op deze synode werd duidelijk dat de term 'huwelijk' voor de wettelijk vastgelegde man-vrouw verhouding dient te worden gereserveerd en dat er ten aanzien van het zegenen van andere vormen van samenleven naar adequatere formuleringen en mogelijk een plek in de kerkorde moet worden gezocht in het kader van de eredienst en liturgie. In de discussie lag voor sommige sprekers de spits eerder bij notarieel omschreven heteroseksuele levensverbintenissen (anders dan het wettig huwelijk) die (niet) 'gezegend' zouden moeten kunnen worden, dan bij de verbintenis tussen mensen van dezelfde sekse. De vraag werd gesteld hoe de kerk in de wereld de 'eigenheid van het Evangelie' kan bewaren, enerzijds zonder te vervallen in wereldgelijkvormigheid en anderzijds zonder de relatie met de maatschappij te verliezen.

In elk geval was er op deze vergadering vol 'groeiend besef' (door sommigen toegejuicht en door anderen betreurd) meer aan de orde dan een reprise van de bezinning op homoseksualiteit.

    • Lid Herv. Synode
    • B.H. Weegink