Gouden handdruk

In het artikel 'Gouden handdruk wekt ergernis' (8 november), noemt de heer Hansma (ABN Amro-bank) een voorbeeld van een 36-jarige vrouw die van de kantonrechter een hoge vergoeding meekrijgt, terwijl zij acht jaar lang 'getreiterd en gezeurd' zou hebben.

Mede op basis van dat voorbeeld oordeelt de heer Hansma dat de kantonrechters hun vergoeding toekennen terwijl daar eigenlijk geen reden voor is.

Ik begrijp de heer Hansma niet. Wanneer die vrouw acht jaar 'treitert en zeurt', waarom laat hij haar dan zolang bij De Bank zitten? Het ligt voor de hand in dit soort gevallen onmiddellijk afscheid te nemen van dit soort werknemers. Bovendien heeft de kantonrechter in deze zaak overwogen dat er sprake is van zodanige tekortkomingen aan de zijde van De Bank, dat een aanmerkelijk hogere vergoeding is geïndiceerd dan De Bank heeft aangeboden. Anders dan de heer Hansma lijkt te veronderstellen, heeft de kantonrechter wel degelijk nagedacht toen hij de vergoeding vaststelde.

Die 36-jarige vrouw overigens, ben ik.

    • A. Mustert