Een Vestdijk-bon voor de liefhebber

Een boekenbon ten geschenke geven is moeilijk, vind ik. Het is alsof ik als gever bij benadering niet wist wat ik moest kopen, of me er al te makkelijk van heb afgemaakt.

In elk geval betekent een boekenbon dat ik niet de moeite heb genomen of niet in staat ben geweest iets persoonlijks, iets bijzonders uit te zoeken. Het lijkt een machteloos en gemakzuchtig gebaar. Het merkwaardige is alleen dat ik wèl graag een boekenbon ontvang. Weinig dingen zijn leuker dan er een boekwinkel mee te betreden en te weten dat ik nu mijn eigen cadeau mag uitzoeken. Te luid en te nadrukkelijk zeg ik dan ook altijd tegen boekenbongevers hoe blij ik ermee ben; ik herken immers hun gêne.

“Dat is een lastig probleem”, beaamt directeur Ari Doeser van de BV Boekenbon, “maar we hopen natuurlijk dat we het geven van een boekenbon nu iets aantrekkelijker hebben gemaakt.” Hij doelt op de nieuwe boekenbonnen die zojuist in roulatie zijn gebracht en die sprekend op bankbiljetten lijken: negen verschillende coupures met negen verschillende schrijversportretten. Roald Dahl staat op de bon van ƒ 5,- W.G. van de Hulst op ƒ 7,50,- Louis Couperus op ƒ 10,- Godfried Bomans op ƒ 15,- Simon Carmiggelt op ƒ 20,- Annie M.G. Schmidt op ƒ 25, Simon Vestdijk op ƒ 35,- Martinus Nijhoff op ƒ 50,- en Gerrit Achterberg op ƒ 100,-. Elk portret gaat vergezeld met een uitspraak van de betrokkene over schrijven of lezen, afkomstig uit diens oeuvre of uit een interview. Erg puntig zijn die citaten overigens niet. Ik kan me bijvoorbeeld niet voorstellen dat Godfried Bomans er nooit iets interessanters over heeft opgemerkt dan het vlakke: “Met één zin de hele situatie tekenen, dat is de kracht van schrijven.”

Maar meer nog dan de kwaliteit van de teksten is het de rangorde van de auteurs die vragen oproept. Voor de kleinste coupures leek Doeser naar zijn zeggen de kinderliteratuur het meest geschikt. Een open vraag onder boekhandelaren leverde hem 'zonder één uitzondering' de naam van Roald Dahl op. De onder het protestantse volksdeel nog altijd zeer geliefde Van de Hulst vond hij een goede tweede. Daarna waren de schrijvers voor een breed publiek aan de beurt, waarbij de plaatsing van Couperus tot doel heeft 'hem wat meer naar de populaire, oneerbiedig gezegd de wat makkelijker liggende literatuur' te trekken, aldus de Boekenbon-directeur. Zo kwamen Bomans, Carmiggelt en Annie Schmidt automatisch terecht op de bonnen van ƒ 15,- tot ƒ 25,- die de meest verkochte zijn. “En de hogere bedragen waren voor de literatuur voor de liefhebbers.”

Dat er geen levende auteurs tussen staan, behoeft geen verbazing te wekken: ook gemeentelijke straatnamencommissies kiezen uitsluitend voor overledenen. Bij nog levende prominenten loopt men, aldus de theorie, het gevaar dat zij alsnog een misstap doen en daarmee een smet werpen op de naar hen genoemde straat of boekenbon. Maar het spijt Doeser wel dat in deze eregalerij de naam van W.F. Hermans ontbreekt; diens familie wilde geen toestemming geven. De nazaten van de anderen hebben zich intussen verheugd getoond over het eerbetoon. “Er waren er, die zeiden dat ze de boekenbon boven hun bed zouden hangen. Dat vind ik een groot compliment.”

De boekenbon is Nederlands oudste geschenkbon. Hij dateert uit 1934 en werd toen door de Commissie Collectieve Reclame voor het Nederlandse Boek op rijm aan de man gebracht: “Van het bedenken van cadeaux / werd hij bijna radeloos. / Want het is niet ieders zaak / te raden naar een anders smaak. / Voortaan zond hij een boekenbon, / het beste wat hij geven kon.” Zes jaar later, toen de verkoop onbevredigend bleef, werd de bon overgenomen door de Nederlandse Boekverkopersbond die nog steeds enig aandeelhouder is van de BV Boekenbon.

Inmiddels hebben ook andere sectoren het succesvolle voorbeeld gevolgd. Na de cadeaubon van de VVV's en de tot cd-bon omgebouwde platenbon is de boekenbon qua omzet nu 'een heel goede derde', aldus Doeser, die eraan toevoegt dat de verkoop de laatste jaren 'heel langzaam stijgend, zeg maar stabiel' is. Zo is vorig jaar voor 37 miljoen gulden aan boekenbonnen verkocht. “Maar ik verwacht wel dat we met deze restyling een duidelijke sprong naar voren zullen maken.”

De nieuwe boekenbon zal van de gever, hoe dan ook, meer aandacht vergen dan de vorige. Wie een Carmiggelt-hater een bon van ƒ 20,- cadeau wil doen, dient eraan te denken om twee Couperussen te vragen, of om vier Dahls, of om twee Dahls en een Couperus. En wie eigenlijk niet meer dan ƒ 25,- had willen besteden aan een Vestdijk-bewonderaar, zal nu sneller geneigd zijn er in vredesnaam maar een tientje bovenop te doen.

Er moet, kortom, over worden nagedacht. Misschien is het, om ergernissen te voorkomen, voortaan zelfs verstandiger een boek te kiezen dan een bon te kopen.

    • Henk van Gelder