ALGER HISS (1904 - 1996); Verrader of held

WASHINGTON, 18 NOV. Alger Hiss, de Amerikaanse diplomaat die eind jaren veertig het middelpunt was van een veelbesproken spionage-zaak, is vrijdag op 92-jarige leeftijd overleden in een ziekenhuis in New York. Tot het eind van zijn leven heeft Hiss ontkend dat hij in de jaren dertig een communistische spion was, de beschuldiging die een einde maakte aan zijn glanzende carrière. Maar het debat over zijn schuld of onschuld, dat de gemoederen decennia heeft beziggehouden en een forse stapel boeken en een aantal films heeft opgeleverd, duurt tot op heden voort.

De zaak-Hiss bezorgde Richard Nixon landelijke bekendheid en vormde de opmaat voor de communistenjacht van senator Joseph McCarthy. Het begon in augustus 1948 met een verklaring van een medewerker van het weekblad Time, Whittaker Chambers, tegenover de commissie voor on-Amerikaanse activiteiten van het Huis van Afgevaardigden. Chambers zei dat hijzelf tussen 1934 en 1938 als communist koerier was geweest van geheime documenten die Hiss had ontvreemd op het ministerie van Buitenlandse Zaken.

Hiss had carrière gemaakt in de regering van president Roosevelt, een hoge functie bekleed bij Buitenlandse Zaken en in 1945 als adviseur deelgenomen aan de Jalta-conferentie - waar Roosevelt, Churchill en Stalin de grenzen van het naoorlogse Europa trokken en de kaarten schudden voor de Koude Oorlog. Ook was hij betrokken bij de opstelling van het Handvest van de Verenigde Naties. In 1946 had hij de buitenlandse dienst verlaten voor het voorzitterschap van de Carnegie Endowment for International Peace, een prestigieuze 'denktank' die zich bezighoudt met internationale betrekkingen.

Hiss ontkende de beschuldiging van Chambers twee dagen later tegenover dezelfde commissie; hij zou Chambers zelfs nooit gekend hebben. Op de commissie-leden maakte de onberispelijk geklede Hiss, met zijn Harvard-opleiding en zijn indrukwekkende loopbaan, een goede indruk. Alleen de jonge Afgevaardigde van Californië, Richard Nixon, hield vast aan het verhaal van de obscure en groezelige Chambers.

Nixon onderzocht de zaak verder, op de voet gevolgd door het Amerikaanse publiek dat geïntrigeerd was door de twee zo verschillende hoofdpersonen en de kleurrijke details. Voor sommigen was Hiss een verrader, voor anderen een held die in diskrediet was gebracht uit politieke motieven. De zaak hield het land bezig zoals een kleine vijftig jaar later de moordzaak van O.J. Simpson.

Chambers bleek allerlei persoonlijke bijzonderheden over het privé-leven van Hiss te kennen, die erop leken te duiden dat ze elkaar wel degelijk gekend hadden. Hij troonde Nixon en zijn onderzoekers mee naar zijn boerderij, waar hij uit een uitgeholde pompoen een aantal microfilmpjes van geheime documenten tevoorschijnhaalde. Ook beschikte hij over handgeschreven notities van Hiss.

Uiteindelijk werd Hiss veroordeeld voor meineed, waarvoor hij drie jaar in de gevangenis heeft gezeten. De rest van zijn leven besteedde hij vergeefs aan het zuiveren van zijn naam, terwijl hij werk vond als handelsreiziger in kantoorartikelen. Hij hield vol dat hij onschuldig was en het slachtoffer van een samenzwering. Af en toe komen er nieuwe feiten aan het licht die voor verdedigers of aanklagers van Hiss het definitieve bewijs zijn van zijn schuld danwel onschuld, maar het debat is nooit beslecht. Chambers, die in 1961 stierf, werd in 1984 postuum onderscheiden door president Reagan.

    • Juurd Eijsvoogel