Iliescu slaat in paniek wild om zich heen

De campagne voor de parlements- en presidentsverkiezingen van 3 november in Roemenië verliep naar Roemeense begrippen rustig. Maar sinds die derde november lijkt een dam gebroken: voor de tweede en beslissende ronde van de presidentsverkiezingen heeft de zittende president, Ion Iliescu, alle retorische registers opengetrokken.

In de eerste ronde eindigde Iliescu, staatshoofd sinds de revolutie van december 1989, met 32,2 procent van de stemmen op de eerste plaats. Maar zijn voorsprong op uitdager Emil Constantinescu was klein: de geoloog en ex-rector van de universiteit van Boekarest kreeg met 28,2 procent van de stemmen meer dan op grond van de peilingen was verwacht.

Bovendien zijn de vooruitzichten van Constantinescu voor de tweede ronde eigenlijk heel goed, want van de in de eerste ronde uitgeschakelde mede-kandidaten hebben de meesten hun aanhang opgeroepen morgen op Constantinescu te stemmen. Dat deed oud-premier Petre Roman, die in de eerste ronde 20,5 procent van de stemmen kreeg, en dat deed ook György Frunda van de UDMR, de partij van de Hongaarse minderheid (6 procent in eerste ronde).

Zelfs uit onverwachte hoek kreeg Constantinescu steun toegezegd. De (neo-communistische) Socialistische Partij van de Arbeid (PSM) beval Constantinescu aan bij haar bescheiden aanhang (1,3 procent van het electoraat) met het argument dat de regering en de president dezelfde politieke kleur moeten hebben - en de volgende regering wordt nu eenmaal een coalitie van de oppositiepartijen van Constantinescu en Roman. Ook de aanhang van de extreem-nationalistische PUNR van de Gheorghe Funar (3,2 procent van de kiezers) kreeg te horen dat Constantinescu de voorkeur verdient. De even extremistische en openlijk racistische Partij van Groot Roemenië (PRM) van Corneliu Vadim Tudor (4,7 procent in de eerste ronde) wilde zich evenmin achter Iliescu scharen: CV, zoals zijn volgelingen hem noemen (zijn vijanden maken er VC, ofwel WC, van), liet zijn aanhangers vrij: ze mogen “volgens hun geweten stemmen”, al is het menigeen in Roemenië onduidelijk of de aanhang van CV wel een geweten heeft. Zelfs ex-tennisheld Ilie Nastase, eerst verslagen als kandidaat voor het burgemeesterschap van Boekarest en daarna voor een parlementszetel, nota bene op de lijst van Iliescu's partij, viel de president gisteren af.

Het is niet waarschijnlijk dat alle aanbevelingen morgen worden opgevolgd. De kans dat de aanhang van de Hongarenvreters Tudor en Funar of de PSM-communisten hun stem uitbrengen op Constantinescu (een anticommunist die de steun geniet van de Hongaren) is niet zo groot. Maar de kans dat Constantinescu dankzij de steun van Roman en Frunda morgen boven de vijftig procent uitkomt, is onverminderd reëel.

Dat vooruitzicht, en zijn eigen politieke isolement, heeft Iliescu in paniek gebracht. De president heeft deze twee weken in zijn toespraken een keiharde toon aangeslagen - een toon die zo prettig had ontbroken in de campagne voor de parlementsverkiezingen.

Iliescu verweet Constantinescu's partij, de Democratische Conventie (CDR), de winnaar van de parlementsverkiezingen, beloften te hebben gedaan die ze niet kan nakomen en “te tweeslachtig te zijn voor een democratie”. Het CDR-programma, zo riep Iliescu, is “demagogisch” en “ontbeert een basis”. Wie voor Constantinescu kiest, “kiest voor de terugkeer naar de jaren dertig, toen de rijken aan de macht waren”. Constantinescu, aldus Iliescu, gaat de bejaarden hun pensioen afpakken, de boeren hun land en de arbeiders hun werk. Hij wil volgens de president alle landbouwcoöperaties en industriële combinaten sluiten, waardoor “een legioen van werklozen” zal ontstaan en “honger” zal uitbreken. Het grootgrondbezit doet zijn herintrede. Huizenbezitters raken hun huis kwijt. Zelfs 's lands territoriale integriteit loopt gevaar, aldus Iliescu, want Constantinescu gaat de Hongaarse minderheid concessies doen, en die minderheid “wil Transsylvanië van Roemenië afscheiden” en wel “in Joegoslavische stijl”. Ook de constitutionele orde loopt gevaar, want Constantinescu is een monarchist. En een dictator is hij ook, want, aldus de president in een advertentie op de televisie, “als hij wint, is het gevaar van een rechtse dictatuur reëel.” Trouwens, Constantinescu verdient het presidentschap niet, vindt Iliescu, wegens zijn “politieke onverantwoordelijkheid” en zijn “frequente politieke gestamel”.

Aldus probeert de geschrokken Iliescu paniek te zaaien onder de Roemenen die in de eerste ronde niet op hem hebben gestemd of zijn thuisgebleven: iedereen (behalve de jongeren en de intellectuelen die Constantinescu's onvervreemdbare achterban vormen) wordt angst aangejaagd, de boeren, de arbeiders, de bejaarden: een zege van Constantinescu leidt tot honger, werkloosheid en onderdrukking, zo luidt, samengevat, de boodschap van de president.

Iliescu's toespraken maken, meer dan ooit sinds 1989, duidelijk waar hij zijn vooropleiding heeft genoten: hij is niet voor niets in de vroege jaren zeventig propagandachef en tweede man van dictator Ceausescu geweest. De president heeft zeven jaar gevochten tegen het verwijt een communist en een ex-medewerker van Ceausescu te zijn; deze twee weken heeft hij zelf het failliet van die moeizame pogingen veroorzaakt.

Het is niet ondenkbaar dat de president in zijn opzet slaagt. Constantinescu heeft de demagogie en de paniekzaaierij van zijn rivaal veroordeeld - “Haat, manipulatie, giftige woorden: dat is het ware gezicht van Ion Iliescu” - en ontkend op wraak of een regime van rijken uit te zijn: “Tijdens mijn presidentschap zullen er geen straatgevechten, geen ophitsing tot haat en geen mijnwerkers op straat zijn” (een verwijzing naar het bloedige optreden van door Iliescu ontboden mijnwerkers in Boekarest in 1990). Maar het is niet ondenkbaar dat veel Roemenen zich door Iliescu's optreden morgen toch tot een paniekstem laten verleiden.

Als dat gebeurt, en als Iliescu wordt herkozen, kan zijn keiharde campagne van nu hem nog problemen opleveren, want van een soepele samenwerking tussen hem en de nieuwe regering van zijn rivalen Constantinescu en Roman kan nu geen sprake meer zijn. Iliescu heeft beloofd de nieuwe coalitie te steunen bij het realiseren van haar programma “als dat in het belang van het land is”. Maar duidelijk is dat de zegevierende oppositie hem de toon van de campagne niet zal vergeven en dat in het geval van een zege van Iliescu de relaties tussen de president en de nieuwe regering gespannen zullen zijn.