Moldavië kiest tussen Oost en West

De president, de premier en de voorzitter van het parlement van Moldavië treden zondag tegen elkaar in het krijt voor presidentsverkiezingen, die - via de taalkwestie - worden gedomineerd door de vraag of het land naar het oosten dan wel het westen moet kijken.

In de verkiezingen vertegenwoordigt president Mircea Snegur, die Moldavië sinds de onafhankelijkheid bestuurt, de centrum-rechtse Partij van Wederopbouw en Verzoening (PRCM), premier Andrei Sangheli de centrum-linkse regerende Agrarische Democratische Partij (PDAM) en Petru Lucinschi, de voorzitter van het parlement, de linkse Partij van Sociale Vooruitgang (PPSM). De partijen van Snegur en Lucinschi zijn afsplitsingen van de PDAM, de partij van de vroegere communistische nomenklatoera. Lucinschi, die ten tijde van Michail Gorbatsjov nog lid is geweest van het Sovjet-politburo (en tweede man van de Tadzjiekse partij) en die geen geheim maakt van zijn nostalgie naar Sovjet-tijden, heeft nog gehengeld naar de steun van de communistische partij, maar die gaf er de voorkeur aan zelf haar leider Vladimir Voronin kandidaat te stellen. Snegur wordt gesteund door zeventien partijen, waaronder oppositiepartijen als het nationalistische Christen-Democratische Volksfront, de voorvechter van de Moldavische onafhankelijkheid en nauwe samenwerking met Roemenië.

Een belangrijk thema in Moldavië is nog steeds de strijd tussen het 'moldavisme' en het 'roemenisme'. Moldavië maakte lang deel uit van wat nu Roemenië heet; de noordoostelijke regio van Roemenië heet vanouds Moldavië en de huidige republiek vormt de oostelijke helft van die historische regio. De talen van Moldavië en Roemenië zijn identiek. Vóór 1991 stoelde de onafhankelijkheidsbeweging in de Sovjet-republiek Moldavië op de stelling dat het beweerde 'eigen' Moldavische karakter van taal, cultuur en bevolking een halve eeuw lang een Sovjet-leugen was geweest.

De aanhangers van het 'roemenisme' hangen die these nog altijd aan. Snegur probeert al jaren het parlement te bewegen de staatstaal niet langer als Moldavisch te bestempelen, maar de taal gewoon Roemeens te noemen. In 1995 leidde de kwestie wekenlang tot demonstraties en onrust.

De 'roemenisten' staan lijnrecht tegenover de 'moldavisten', die het nationale zelfbewustzijn willen vestigen op de uniciteit van het Moldavisch en Moldavië: zij stellen dat Moldaviërs etnisch en cultureel 'anders' zijn dan Roemenen en dat het Moldavisch een aparte taal is. Achter die stelling verbergt zich de angst dat het opgeven van het unieke Moldavische karakter op termijn leidt tot nauwe samenwerking met en zelfs aansluiting bij Roemenië. In 1994 leidde het geruzie tot de oprichting van een fel anti-Roemeense nationalistische en volgens velen reactionaire organisatie, de MPPM (Moldavische Patriottische Beweging), die de Moldaviërs wil leren dat hun land een natie met eigen geschiedenis en eigen waarden is. Veel MPPM-leden behoorden vroeger tot het tweede echelon van de Sovjet-nomenklatoera. Hun voorman is premier Sangheli.

Sangheli raakte in maart in conflict met zijn president toen die minister van Defensie Pavel Creanga trachtte te ontslaan. Er volgde een bittere politieke worsteling tussen Sangheli en het parlement enerzijds en Snegur anderzijds, die de president na ingrijpen van 's lands hoogste rechtbank verloor. Sindsdien verwijt Snegur zijn premier verantwoordelijk te zijn voor de sociale ellende van de hervormingen en “een bolsjewistische dictatuur” te willen vestigen en zich tegen de privatisering van grond en de opheffing van landbouwcoöperaties te verzetten. Sangheli van zijn kant verwijt Snegur op een presidentiële dictatuur uit te zijn. Tegen de achtergrond van de taalstrijd speelt de vraag of Moldavië naar het oosten (Rusland) danwel het westen (Roemenië, en over Roemenië heen de EU en de NAVO) moet kijken: de taalstrijd is een metafoor voor een politieke richting. Sangheli wil meer samenwerking met Rusland met het argument dat Moldavië afhankelijk is van Russische energie. Ten aanzien van hervormingen is Snegur radicaler dan zijn premier, die de Moldaviërs een 'sociaal vangnet' belooft om de gevolgen van de hervormingen te verzachten.

Ook de slepende kwestie-Transnistrië compliceert de verkiezingen. Transnistrië bevocht onder leiding van orthodoxe Russisch-Oekraïense communisten in 1992 zijn eenzijdige afscheiding van Moldavië in een korte (door de Russische generaal Aleksandr Lebed beëindigde) oorlog. Jarenlang overleg over de herintegratie van dit stukje Moldavië op de linkeroever van de Dnjestr heeft geen oplossing opgeleverd. Moldavië biedt Transnistrië autonomie, maar Transnistrië eist de status van een “staatsterritoriale formatie in de vorm van een republiek”.

Transnistrië wil met de verkiezingen in Moldavië niets van doen hebben: het houdt in december zelf presidentsverkiezingen en verbiedt de vestiging van stembureaus voor de Moldavische verkiezingen in Transnistrië. Al mag iedereen die dat wil de Dnjestr over om zijn stem uit te brengen.

    • Peter Michielsen