De 'eik' Hans Tietmeyer doorstaat alle stormen

BONN, 15 NOV. “De Bundesbank is geen staat in de staat. Onze bank is geworteld in de Duitse samenleving. Daarom wijs ik ook op het belang van een stabiele Europese muntunie. Als landen hun economie cosmetisch optuigen om te kunnen meedoen, noem ik dat windowdressing. Dan krijg je politieke en economische conflicten en zijn we er in Europa uiteindelijk slechter aan toe dan nu het geval is.”

Klare taal van Hans Tietmeyer, de 65-jarige president van de Duitse Bundesbank uit Frankfurt. Hij is de machtigste bankier van Europa. De 'hoeder van de D-mark' wordt hij genoemd. Tegelijkertijd wordt hij in Duitsland in toenemende mate afgeschilderd als een golfbreker tussen Helmut Kohls' politieke streven een Europese muntunie tot stand te brengen en degenen die willen rommelen met de criteria waarmee de stabiliteit van een monetaire unie moet worden veiliggesteld.

Voormalig bondskanselier en sociaal-democraat Helmut Schmidt gaat daarbij zover dat hij Tietmeyer de “machtigste tegenstander van de muntunie noemt”. Vorige week veegde Schmidt in zijn weekblad Die Zeit de vloer aan met de centrale bankier uit Frankfurt. In een open brief verweet hij Tietmeyer dat de Bundesbank een 'staat in de staat' is. Heel Europa ergert zich aan de Bundesbank, beweerde de oud-bondskanselier. “Onze buren willen niet naar het pijpen van de Duitse hoeders van de munt dansen.”

Schmidt, die als bondskanselier in de jaren zeventig met zijn toenmalige Franse collega Giscard d'Estaing aan de wieg stond van het Europese Monetaire Stelsel, wierp Tietmeyer zelfs voor de voeten dat hij met zijn harde opstelling het Europese integratieproces “in gevaar” brengt. De sociaal-democraat nam het zowaar op voor Helmut Kohl voor wie hij doorgaans niet veel respect kan opbrengen. Als Tietmeyer, met zijn “weigerachtige politiek” een streep haalt door de strategie van Kohl, is niet alleen de bondskanselier van zijn enige legitieme taak beroofd, maar zou Duitsland opnieuw een Sonderweg kunnen inslaan, aldus Schmidt die zich in het artikel toch ook tot goedkope polemiek laat verleiden.

Nu zijn de SPD-er uit Hamburg en de CDU-er uit Frankfurt zeker geen vrienden. Schmidt had het tijdens zijn regeringsperiode wel vaker aan de stok met de Bundesbank. Schmidt kan het nog altijd moeilijk verkroppen dat zijn regering in 1982 ten val werd gebracht en verwijt Tietmeyer, die destijds bij het ministerie van financiën werkte, een van de 'actoren' achter zijn aftreden te zijn geweest.

De centrale bankier uit Frankfurt kan zich er geen zorgen om maken. Tijdens een ontmoeting in Bonn met buitenlandse correspondenten reageerde hij gisteren lakoniek. “Ik kom uit Westfalen en word wel eens vergeleken met een eik die vast geworteld in de grond staat”, zegt Tietmeyer. “En een eik kan veel stormen doorstaan”, zegt hij en kan niet nalaten te gniffelen. “Er moet natuurlijk wèl naar de kwaliteit van de argumenten worden gekeken”, voegt hij er direct serieus aan toe en wappert met een kleurige folder. Der Euro kommt, staat erop. Wir sagen Ihnen, was dahinter steckt. In een geel, rood en oranje getinte wegwijzer wordt in heldere taal verteld waarom, hoe en wanneer de Europese munt er zal komen.

“Natuurlijk ben ik voor de euro. Ik pleit zelf bijna dagelijks voor een stabiele munt. Maar de Bundesbank is geen propaganda-instituut”, vindt Tietmeyer. De bank hecht aan haar politieke onafhankelijkheid en doet dan ook niet mee aan een advertentiecampagne van de regering voor de Euro. “Bij geldzaken zoals wij die bedrijven, houdt het maken van reclame op. Wij zijn nuchtere adviseurs.”

Het lijkt Tietmeyer niet te hinderen dat hij als een 'strenge' bankier wordt afgeschilderd die zich in criteria vastbijt of als een 'scepticus'. “Het mag allemaal waar zijn, alleen bèn ik geen scepticus. Ik ben een overtuigd realist. De Europese muntunie moet vanaf de eerste dag geloofwaardig zijn. Als dat niet het geval is, omdat de deelnemers met hun cijfers gaan manipuleren, wordt het vertrouwen in de munt ondermijnd. Dan kan de EMU een zware terugslag voor Europa worden en zijn we verder van huis.”

De bankier vindt het zijn plicht ook te wijzen op de gevaren die de monetaire unie met zich kan meebrengen. “Ik heb zelf als onderhandelaar lang genoeg in Brussel meegedraaid, bijvoorbeeld bij vergaderingen van ministers van financiën, om te weten hoe er kan worden gemarchandeerd als je van tevoren niet duidelijk bent”, aldus Tietmeyer. Daarom hecht hij aan Selbstbindung. En dat is zeker niet alleen een vingerwijzing voor Italië en Spanje, die gestimuleerd door rozige cijfers van de Europese Commissie, vurig hopen in 1999 tot de gelukkigen te horen.

Tietmeyer is zeker zo streng voor de Duitsers zelf die momenteel niet eens in aanmerking komen voor het lidmaatschap van de door Bonn zo gepropageerde Euro-club. Het begrotingstekort valt dit jaar met vier procent van het bruto nationaal produkt één procent hoger uit dan is toegestaan. Het tekort moet alleen al omlaag om de enorme rentelast te kunnen drukken, meent Tietmeyer. Het werkt remmend op investeringen.

De centrale bankier vindt het belangrijk dat er op initiatief van minister Theo Waigel van financiën een 'stabiliteitspact' is ingesteld, zodat ook na invoering van de Euro een streng financieel beleid is gewaarborgd. Alleen ging Tietmeyer niet in op eventuele vertraging van het pact vanwege onenigheid tussen Duitsland en de EU-partners over “uitzonderlijke en tijdelijke omstandigheden” waaronder EMU-leden met een hoger tekort dan drie procent gevrijwaard blijven van financiële sancties.

Wel wilde hij kwijt dat “de sancties voor overtreders zo fors moeten zijn dat ze landen, die er een laks beleid op na willen houden, voldoende afschrikken”. Het is in ieders belang dat leden van de monetaire unie zich aan de spelregels houden, meent Tietmeyer. Ook de sociale partners, werkgevers en werknemers, moeten zich dat volgens hem realiseren.

“Als een land bij voorbeeld een loonpolitiek heeft die in strijd is met de produktiviteitsontwikkeling, kan dat een potentiële bron zijn voor conflicten tussen de lidstaten. Er zijn geen veiligheidskleppen meer. Devaluatie of revaluatie van de munt is niet meer mogelijk zodra de EMU er eenmaal is. Dat moet iedereen zich goed realiseren. De inflatie hoeft maar te gaan stijgen of de zwakkeren krijgen de klappen. Dat kan niet de bedoeling zijn van de muntunie.”

    • Michèle de Waard