Komische foto's in vier soorten

Te lachen viel er weinig, de eerste tachtig jaar na de uitvinding van de fotografie. De vrolijkheid beperkte zich tot een knipoogje of een geforceerde glimlach.

Het was lange tijd ook geen pretje om een foto te maken. Met een klem zette de fotograaf het hoofd van zijn model vast, minutenlang moest er worden stil gezeten. Pas na de Eerste Wereldoorlog, toen fotograferen eenvoudiger en minder kostbaar was geworden, ontdeed de fotografie zich van haar keurslijf en ontstond een nieuwe beeldtraditie waarin ruimte was voor spontaniteit. Komische foto's zijn er sindsdien in vier soorten: gefotografeerde humor en humoristische fotografie en van beide categorieën bestaat zowel een spontane als een gezochte variant. Bij gefotografeerde humor registreert de fotograaf een komisch verschijnsel. Het onderwerp dient zich toevallig aan (zie geheel rechtsonder) of de fotograaf bedenkt een mop en fotografeert haar. Een bekend voorbeeld uit de laatste categorie is een foto uit 1948 van Robert Doisneau. Hij hing in de etalage van een antiquair twee schilderijen: een landschapje en een vrouwelijk naakt. Door een gat in de achterwand van de etalage legde Doisneau de verdeelde belangstelling vast van een passerend echtpaar (zie foto rechts, de tweede van onder). Op veel grappige foto's van de eerste twee categorieën figureren dieren. Het Amerikaanse weekblad Life had vroeger een kolderfotorubriek die 'Miscellany' heette. De rubriek stond vol vaak door amateurs gemaakte dierenfoto's: een hond die over een hekje klimt, een poes die bij de varkens slaapt. De kwaliteit van de opnamen liet dikwijls te wensen over, maar uit de foto's sprak een lotsverbondenheid ('Zie je wel, ze zijn net als wij') die de verklaring vormde voor de populariteit van deze rubriek. De Amerikaanse schilder William Wegman sublimeerde de dierenfoto. Al vijfentwintig jaar lang fotografeert hij zijn hond Man Ray in de vreemdste poses (zie foto rechtsboven)). Bij humorische fotografie is het komische aspect inherent aan het wezen van de fotografie. Soms levert het toeval een komische foto op. Bijvoorbeeld bij dubbelbelichtingen, aanloopstrookjes (het stukje film dat gedachteloos wordt belicht voor de teller op 1 springt) en andere 'mislukte' opnamen. De Hongaarse collectioneur Sándor Kardos verwierf bekendheid door dat soort alledaagse amateurkiekjes te verzamelen en ten toon te stellen (zie foto linksonder). In deze categorie hoort ook de foto thuis die iedere sportfotograaf wel eens per ongeluk maakt, die van de voetballer wiens hoofd schuil gaat achter de bal. De fotograaf kan ook bewust spelen met fotografische kenmerken. In Pisa laat menig amateur zijn geliefde de scheve toren tegenhouden. En vaak maakt de fotograaf een gewone situatie lachwekkend door zijn standpunt of de wijze waarop hij zijn onderwerp uitkadert (zie foto rechts, de tweede van boven).

Foto linksonder. 1940: Mislukte Hongaarse familiefoto. Op het moment van belichten struikelt een kind de foto binnen. (Collectie Sándor Kardos) Foto's rechts, van boven naar beneden: 1981: Ray en Mrs. Lubner kijken in bed naar televisie. (Foto William Wegman, origineel is in kleur) 1973: Nederlandse huiskamer (Foto Elliott Erwitt/Magnum/ABC Press) 1948: Echtpaar kijkt naar schilderijen (Foto Robert Doisneau/Rapho/Transworld) 1974: Bobbies voeren een streaker af. (Foto Ian Bradshaw/Colorific/Transworld)