Bewoners Friesland moeten zelf plan voor natuur maken

LEEUWARDEN, 14 NOV. De omzetting van 556 hectare landbouwgrond in natuurgebied in Gaasterland is van de baan. Een commissie adviseert Gedeputeerde Staten van Friesland bewoners uit de streek een nieuw plan te laten opstellen, waarbij de natuurdoelstellingen overigens wel moeten worden gehaald.

De bevolking keerde zich vorig jaar zomer fel tegen de natuurplannen, waarbij zes boerenbedrijven moesten verdwijnen en 34 landbouwers hectares moesten inleveren. Ze vreesden verpaupering van het platteland en leegstand. De tegenstanders van toen, verenigd in de Initiatiefgroep Verontruste Gaasterlanders, mogen nu zelf een aanpak bedenken, waarbij de nadruk ligt op het beheren van natuur door boeren in de streek.

In Friesland zou negenduizend hectare grond aan de landbouw worden ontrokken en worden omgezet tot natuurgebied. In Gaasterland was door Gedeputeerde Staten in eerste instantie 550 hectare 'ingekleurd' als nieuwe natuur. Maar toen bleek dat de meerderheid van de Gaasterlanders - gesteund door de plaatselijke politiek - tegen was, riepen GS een Commissie Gaasterland in het leven om uit de impasse te komen. De commissie bestond uit R. Zijlstra, voorzitter van de Raad van Toezicht van de Rabobank, directeur P. Nijhoff van de Stichting Natuur en Milieu en J. D. van der Ploeg, hoogleraar Rurale Sociologie. Natuur kan niet tegen de zin van de bevolking ontwikkeld worden, concluderen de commissieleden. Natuur en landschap kunnen behouden en ontwikkeld worden door agrarisch beheer ervan. Dat is een 'zoektocht' die uiteindelijk, zo stellen de commissieleden, kwalitatief dezelfde natuur kan opleveren als die van de oorspronkelijk aangewezen gebieden. Zijlstra betitelde het Friese experiment als een landelijke noviteit. “We hopen dat met dit advies de vrede getekend kan worden. Binnen een jaar moet er een plan zijn.”

De Friese gedeputeerde S. Jansen noemde het advies “verrassend”. “We gaan een waagstuk aan.” Hij hoopt dat het vertrouwen in de streek zal groeien nu men zelf aan de wieg staat van een nieuw plan. Dat moet overigens wel aan bepaalde voorwaarden voldoen. Het gaat hierbij onder meer om het behoud van bepaalde plantensoorten, vogels en zoogdieren.

Voorzitter H. Kroes van de Friese natuurbeschermingsorganisatie It Fryske Gea kan leven met het advies. “Het gaat er om dat de natuurdoelen gerealiseerd worden, niet wie dat doet. Dit is een enorme uitdaging voor de streek.” M. de Heer van de Friese Milieufederatie, voorstander van het oorspronkelijke plan, vindt het goed dat de bevolking nu zelf aan zet is. “Men krijgt nu verantwoordelijkheid te dragen. Als je de streek meehebt, kan er heel veel. De bevolking wordt nu bondgenoot gemaakt met de natuur.”