Zuid-Holland tegen Haagse stadsprovincie

DEN HAAG, 13 NOV. Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland wijzen een stadsprovincie Haaglanden af. Wel gaan GS onder voorwaarden akkoord met de vorming van een grootstedelijk bestuur in de regio Rotterdam, zo is gisteren bekendgemaakt.

Het standpunt wordt binnenkort besproken door Provinciale Staten. Volgens het college van GS is er in de Haagse regio geen draagvlak voor de vorming van een stadsprovincie zoals de commissie-Andriessen onlangs heeft voorgesteld voor de Rotterdamse regio. De huidige samenwerking van de zestien Haaglanden-gemeenten in het Regionaal Openbaar Lichaam kan volgens GS het beste worden vervangen door vrijwillige intergemeentelijke samenwerking, bijvoorbeeld in een provinciale bestuurscommissie.

Het gaat in de Haagse regio vooral om versterking van de financiële positie van Den Haag en om de vraag of Den Haag als centrumgemeente kan fungeren, aldus het standpunt. “Een stadsprovincie is hier niet op zijn plaats.” Wel is volgens GS voor Den Haag schaalvergroting nodig als de ruimtenood van de stad niet wordt opgelost. De provincie denkt aan grenscorrecties om Vinex-locaties bij de hofstad te betrekken of samenvoeging van Den Haag met andere gemeenten, bijvoorbeeld Rijswijk en Voorburg. Ook vinden GS dat er aanvullende financiële steun voor Den Haag moet komen.

GS zijn voorstander van een vorm van grootstedelijk bestuur in de Rotterdamse regio, indien het kabinet snel duidelijkheid verschaft over het takenpakket en de omvang van het gebied. Ook moet snel duidelijk worden of het kabinet denkt aan een nieuw soort provincie, waarmee de zeggenschap van de provincie Zuid-Holland over het gebied verdwijnt, dan wel aan een agglomeratie-achtige oplossing, aldus GS.

Het college vindt verder dat een nieuw grootstedelijk bestuur in de Rotterdamse regio geen groeimodel moet kennen, maar dat meteen wordt vastgelegd wat de omvang van het gebied is of eventueel zal zijn. De commissie-Andriessen stelde voor de stadsprovincie op termijn eventueel uit te breiden met de Hoeksche Waard. GS vinden dat er “zorgvuldig” moet worden omgegaan met de belangen van de Hoeksche Waard en ook Goeree-Overflakkee. Met de invoering van de voorstellen van de commissie-Andriessen moet tegelijkertijd de interregionale afstemming geregeld worden voor de hele zuidvleugel van de Randstad, van Leiden tot en met de Drechtsteden, aldus GS.