Rome of Maastricht

ROMA LOCUTA, causa finita; als Rome heeft gesproken is de zaak afgedaan. Met deze stelregel hebben de Britten het maar moeilijk. Dat gold al voor Hendrik VIII in het geval van de paus.

En nu botst premier Major met het Verdrag van Rome over de Europese Gemeenschap. Dat is de basis voor een Europese richtlijn over arbeids- en rusttijden waar de Conservatieve regering in Londen onoverkomelijke bezwaren tegen heeft. Maar nu heeft zo niet Rome dan toch Luxemburg - het Hof van Justitie van de Europese Unie - gesproken en de Britse bezwaren afgewezen.

Major legt zich niet neer bij deze uitspraak en wil over het hoofd van de rechters heen alsnog zijn gelijk halen bij de Inter-Gouvernementele Conferentie (IGC) die nieuwe structuren voor de Europese samenwerking moet afspreken. Als de IGC de Britse veroordeling niet ongedaan maakt, blokkeert Londen de besluitvorming. Dit is een bekend recept, dat wel wat aan het verwateren is. Nog niet zo lang geleden legde Major een blokkade uit protest tegen het Europese uitvoerverbod van rundvlees in verband met de gekke-koeienziekte. In Florence ging hij alsnog door de bocht. Eerder blokkeerde hij de benoeming van zijn Belgische collega Dehaene tot voorzitter van de Europese Commissie om vervolgens akkoord te gaan met de even 'federalistische' Santer. Ook op het gebied van meerderheidsbeslissingen binnen de Unie heeft Groot-Brittannië een veto uiteindelijk omgezet in een compromis.

LONDEN BLIJFT nu ook gewoon meepraten in de IGC. Van een blokkade is pas sprake op de slotconferentie. Die is voorzien nà de Britse verkiezingen. Deze vormen naar het zich laat aanzien dan ook een belangrijke drijfveer voor Major en tegelijk een reden van hoop voor de Europese organen. Want na de verkiezingen zouden die wel eens te maken kunnen hebben met Labour-leider Tony Blair, die een minder krampachtige houding tegenover Europa inneemt.

De Britse werkgevers reageren opmerkelijk laconiek op de gesmade richtlijn. Ze kunnen er kennelijk mee leven. Toch is het niet geheel onbegrijpelijk dat premier Major het gevoel heeft dat hem een kunstje is geflikt. Hij had in het Verdrag van Maastricht een speciaal voorbehoud afgedwongen ten aanzien van de sociale paragraaf. Dit voorbehoud wordt nu omzeild met behulp van bepalingen over veiligheid en gezondheid in het Verdrag van Rome die dateren van voor Maastricht. Het werk aan de gewraakte richtlijn zelf dateert overigens ook al van voor Maastricht zodat Londen nu niet moet doen alsof het slachtoffer van een overval is.

De nu gebruikte juridische omweg doet onmiskenbaar af aan het Britse voorbehoud in Maastricht. En het is niet waarschijnlijk dat het zal blijven bij de regeling van werk- en rusttijden. Maar wat had Londen eigenlijk gedacht? De sociale paragraaf betreft een niet te verwaarlozen aspect van de internationale concurrentieverhoudingen. Toen Major in Maastricht zijn voorbehoud doordrukte, was al zonneklaar dat de Unie zich op zo'n belangrijk punt niet blijvend twee soorten van toepasselijk recht naast elkaar zou kunnen veroorloven.