Romantisch homoseksueel achterbuurtsprookje

Beautiful Thing. Regie: Hettie Macdonald. Met: Glen Berry, Scott Neal, Linda Henry, Tameka Empson. In Amsterdam, Cinecenter en Rialto; Rotterdam, Lantaren/Venster; Haags Filmhuis; Utrecht, 't Hoogt en Nijmegen, Cinemariënburg.

Als Sandra net heeft ontdekt dat haar 15-jarige zoon Jamie homoseksueel is, snottert ze: “Vroeger reed ik hem rond in een kinderwagen van het merk 'Queen of the streets'.” Deze relativerende opmerking is kenmerkend voor het romantische en ironische sprookje Beautiful Thing, de debuutfilm van theaterregisseuse Hettie Macdonald over twee buurjongens in een Londense arbeiderswijk die de oude wijsheid herontdekken dat Liefde het Kwade overwint.

Sandra (Linda Henry) en haar zoon Jamie ontworstelen zich aan de troosteloze achterbuurt als Sandra een baan krijgt als kroegbazin en haar zoon zijn ware aard ontdekt. Natuurlijk slagen ze in hun streven te ontkomen an hun deprimerende achtergrond, want dit is een working class sprookje. De manier waarop ze dat doen is verrassend en geestig.

De liefde tussen de impopulaire Jamie (Glen Berry) en zijn sportieve buurjongen Ste (Scott Neal) bloeit op als de moeder van Jamie, Sandra, haar buurjongen redt uit de klauwen van zijn alcoholische vader en agressieve broer.

Ste slaapt wegens ruimtegebrek in Jamies bed en van het een komt het ander. De sombere voorgevoelens over hun relatie die Ste de volgende morgen heeft, worden bewaarheid als het buurmeisje Leah roddels over hen begint te verspreiden. De naturel spelende acteurs en geestige dialogen zorgen ervoor dat het eeuwenoude thema van de door de buitenwereld bedreigde liefde in de film nuchter wordt behandeld. Je wordt daardoor niet wee als de hoofdpersonen elkaar aan het eind van de film in de armen vallen.

De enscenering van het verhaal is doeltreffend. Het grootste deel van de film speelt zich af in de benauwde huisjes en op de smalle galerij van de flat. De laatste scène, waarin de hoofdpersonen al dansend op het weidse plein vóór de flat loskomen van hun benauwde Britse omgeving, is indrukwekkend en stemt droevig en vrolijk tegelijk.

De regisseuse zei onlangs in een interview dat ze hoopt dat jongens die hun homoseksualiteit ontdekken zich gesteund voelen door deze film. Als Beautiful Thing een opvoedkundig doel moet dienen, had de achtergrond van de jongens misschien iets minder clichématig moeten zijn. Ze hebben beiden geen vader om zich aan te spiegelen. Het vooroordeel wil dat jongens daar vanzelf homoseksueel van worden, en dat vooroordeel versterken kan toch niet de bedoeling zijn geweest van een zo maatschappelijk betrokken regisseur.

Tegen het einde van de film verandert ook moeder Sandra haar seksuele voorkeur. Zou dat dan komen door haar sukkelige vriend, die de anti-man uithangt in een te klein, lichtblauw dustertje en op elke tegenslag reageert met een machteloos 'It's cool'?

Een kniesoor die zo ver doordenkt. Deze film is geen psychologisch drama, het is een komedie, waarin gespeeld wordt met clichés.

    • Martine van Eck