Het kalme verdriet van gekromde armen

Voorstelling: Het Nationale Ballet. Ramifications. Choreografie: Rudi van Dantzig; muziek: Ligeti, Purcell. La Gaze des Rideaux. Choreografie: Susan Pond; muziek: Hector Zazou, Ramuntcho Matta. Lamentation. Choreografie: Martha Graham; muziek: Zoltán Kodály. Embattled Garden. Choreografie: Martha Graham; muziek Carlos Surinach. Gezien: 12/11 Stadsschouwburg Amsterdam. 13/11 Stadsschouwburg Eindhoven, 14/11 Theater aan de Parade, Den Bosch. Tournee t/m 22/11.

De avond waarop Het Nationale Ballet viert dat ze twintig jaar bij het gezelschap danst, vertolkt Jeanette Vondersaar een weeklacht. Gezeten op een bankje, maar vier minuten lang. En in een tricot zak die nauwelijks meer dan haar gezicht, voeten en armen laat zien: Martha Grahams Lamentation uit 1930 is een distillaat van dans, gezuiverd van alles wat uitdrukkingskracht zou kunnen versluieren. Vondersaar brengt met het minimum aan middelen dat haar ter beschikking staat (een paar gekromde armen, stijf gebogen handen, een traag deinen van de romp), een soort kalme explosie van verdriet teweeg. Schrijnend mooi is haar mimiek, waarmee ze Grahams strengheid niet negeert en toch van Lamentation háár relaas weet te maken.

Martha Grahams Lamentation uit 1930 is een extraatje dat de Martha Graham Trust aan artistiek directeur Wayne Eagling gunde. Hij wist te bewerkstelligen dat Het Nationale Ballet zeven Graham-stukken op het repertoire mag nemen. Tot haar dood in 1991 werd het werk van de 'moeder van de moderne dans' zelden door anderen dan haar eigen gezelschap uitgevoerd, en nog steeds is de trust streng. Met Grahams werk wordt niet gesold, haar klassiek geworden choreografieën dienen volmaakt in haar geest te worden uitgevoerd.

Drie jaar na Grahams Diversion of Angels uit 1948 geeft Het Nationale Ballet een even getrouwe vertolking van Embattled Garden (1958) in het nieuwe reisprogramma 'Drie generaties modern'. Hierin toont Graham een Hof van Eden waarin men zich tot de tanden dient te bewapenen. Het bed van Adam en Eva is hier evenzeer een bron van kwaad als de Boom der Kennis waar zich de bedreigende Vreemdeling en de demonische Lilith ophouden: zowel bed als boom zijn sculpturen met gemene stekels. Goed en kwaad worden onontwarbaar: Lilith, de 'eerste vrouw van Adam', oogt vaak lieflijker dan de bijna panische Eva. En Adam en de Vreemdeling blijken spiegelbeeldig wanneer De Vreemdeling op zijn handen achter Adam staat.

Meer nog dan Grahams bewegingen die vaak ieder een gepeperde mededeling op zich vormen, en die vooral in de vertolking van Valerie Valentine (Lilith) en Yumiko Takeshima (Eva) allure krijgen, maakt Embattled Garden indruk door het dwingende perspectief. Dat is te vergelijken met wat in filmtaal een pan heet: een horizontale beweging van de camera die het oog dwingt zich op een nieuw middelpunt te richten. In Embattled Garden verplaatst het zwaartepunt in de bewegingen zich net zo onontkoombaar tussen de dansers. Zo móet het oog van de toeschouwer wel volgen: van Adam en Eva naar Lilith en de Vreemdeling. Kiezen tussen goed en kwaad wordt zo ook voor publiek onmogelijk.

De andere generaties 'modern' zijn in dit programma Susan Pond en Rudi van Dantzig. Van Dantzigs Ramifications uit 1973 is stukken koeler van toon dan Embattled Garden, maar past er toch heel goed bij. Van Dantzig zegt in zijn rusteloze estafette voor zes dansers eveneens veel over menselijke onaangenaamheden zonder een beweging te veel, en plotseling valt je een handstand op die lijkt op die van Graham.

Danseres Susan Pond is al jaren een trouw deelneemster aan de jaarlijkse choreografie-workshop voor dansers van Het Nationale Ballet en mag nu echt debuteren. Ze zet met La Gaze des Rideaux meteen hoog in door een aantal gedichten van Rimbaud in dans te willen vatten. Verschillende elementen uit zijn poëzie zijn terug te vinden in de voorstelling: zijn zwerversbestaan in een grote landkaart en soms exotische klanken van Hector Zazou; zijn decadente trekjes in de fluwelen pakjes van de acht dansers, zijn grillige stemmingen dankzij de wisselende dansers die de ikfiguur vertolken. Maar in de bewegingen zelf lukt dat wat minder. Die zijn vaak niet krachtig genoeg voor de ritmische klanken van de muziek, met uitzondering van het deel Mes petites amoureuses, waarin Clint Farha door de vier gehate liefjes wordt verleid. Vooral Marieke Simons danst dan een prachtig irritant, zich aan hem vastklampend schatje.

    • Margriet Oostveen