Gedetineerden als eigen rechter

Over geweld tussen gedetineerden is weinig bekend. Je hoort soms de gruwelijkste verhalen over buitenlandse gevangenissen, maar zou het in Nederlandse gevangenissen in alle opzichten gunstiger zijn? Waarom eigenlijk? Toch niet omdat de Nederlandse gedetineerde per definitie een beter soort mens is?

Zedendelinquenten kunnen nog wel eens klagen over de bejegening door medegedetineerden in Nederlandse gevangenissen. Hun advocaten beginnen er al over nog voordat de gevangenisstraf is opgelegd. Overdrijving? Voorbarige zieligheid?

Misschien valt er iets te leren van de zaak van de 36-jarige Rien Benpers. Hij zat gevangen in het huis van bewaring te Utrecht toen De Telegraaf over het ernstige zedendelict berichtte waarvan Benpers de mogelijke dader was. (Hij is later inderdaad veroordeeld.) Het artikel ging vergezeld van een foto van Benpers. Om herkenning te voorkomen, was er een blokje over zijn ogen aangebracht. Dat bleek niet voldoende. Toen De Telegraaf die dag was uitgekomen, ging het in het huis van bewaring al snel als een lopend vuurtje rond: Benpers was een viespeuk.

Viespeuken zijn ideale prooien voor mannen die zichzelf een soort heldenmoed toedichten, omdat ze een bankbediende bij een overval overhoop hebben geschoten, of omdat ze een lastige politieagent hebben geliquideerd - dat is tenminste macho.

Ze zouden Benpers wel even te grazen nemen. Had hij het er niet naar gemaakt? Dat was de bikkelharde slotsom van een zeer informeel vooroverleg tussen een groepje loodzware jongens in dit huis van bewaring. Ze hadden Benpers nog gevraagd of hij inderdaad de-man-van-de-foto was, maar hij had ontkend.

Na het luchten kwam Benpers met negen à tien medegevangenen terecht in 'de sluis', een soort doorgang die aan twee zijden met een deur kan worden afgesloten. De deuren zijn een kort moment beide dicht voordat de mannen verder kunnen lopen. Daarvan maakte een groepje gevangenen gebruik door zich op Benpers te storten en hem in elkaar te slaan. De twee bewakers bevonden zich op dat moment buiten de sluis.

Benpers moest bewusteloos naar zijn cel worden gebracht. Later bleek dat hij blijvende doofheid heeft opgelopen, naast kneuzing van zijn nieren en tijdelijke verlammingsverschijnselen. Benpers werd bovendien ernstig depressief na het incident, de angst voor herhaling is groot.

Bij de Utrechtse rechtbank staat Farouk Khalid (24) vandaag als enige terecht voor de aanval op Benpers. Alle andere betrokken gedetineerden zwijgen als het graf over de toedracht. Benpers had alleen Khalid later herkend van een foto, en bovendien had Khalid in een onderschepte brief aan een medegevangene beweerd dat hij een van de daders was. “Ik zat er als eerste bovenop, hahaha!” schreef Khalid triomfantelijk.

“Ik schreef dat omdat ik me kut voelde”, verklaart Khalid nu tegenover de Utrechtse politierechter, mr. D. Bakker. “Ik wilde erbij horen. Het was bluf.”

“Maar feitelijk klopt elke mededeling in die brief. Alleen dit ene zinnetje zou niet waar zijn?”

“Ik heb hem echt niet geslagen. Ik kon goed met hem overweg voor ik het wist.”

“U wist dat ze hem zouden pakken. Die dingen gebeuren altijd in zo'n gangetje of bij de wc. Waarom waarschuwde u hem niet?”

“Dan hadden ze mij gepakt op de luchtplaats.”

De officier van justitie, mevrouw mr. J. ten Hoope, begint vragen te stellen die als giftige pijlen Khalids verdedigingslinie raken. “Tegen de politie heeft u gezegd dat drie, vier man hem in elkaar sloegen, met het schuim op de lippen.”

“Dat hoor je later.”

“Nee, u heeft tegen de politie gezegd: dat zag ik.”

“Nou moet u goed luisteren...”

“U praat zo niet tegen de officier”, onderbreekt de rechter hem scherp, “ik wil niet dat u haar in de rede valt.”

“U zei tegen de politie dat hij zijn hoofd met zijn armen beschermde”, vervolgt de officier.

“Dat zag ik toen de deur openging. Toen waren ze nog aan het trappen.”

“Dat is een andere verklaring dan bij de politie. U wilde toen trouwens geen namen noemen.”

“Ik wil geen problemen.”

'Gaddafi', noemen ze Khalid in de gevangenis. Hij vindt dat niet prettig, beweert hij, maar hij lijkt er ook wel een beetje trots op te zijn: in een brief noemde hij zich ook zelf naar de Libische leider. Hij blijft hardnekkig ontkennen dat hij een rol heeft gespeeld in de mishandeling. Hij wilde er graag bij zijn, omdat het spannend beloofde te worden, maar hij had als enige zijn handen keurig op zijn rug gehouden toen Benpers belaagd werd.

Volgens Khalid was het zó donker in de sluis dat Benpers nooit wat gezien kan hebben. Als we Khalid goed begrijpen, sloegen de gedetineerden in de duisternis per ongeluk meer naar elkaar dan naar Benpers. Maar Benpers is van meet af aan stellig geweest met zijn bewering dat hij door een Marokkaan geschopt werd.

“Was er soms nog een andere Marokkaan bij betrokken?” vraagt de rechter. “Dat zou u meer lucht geven.”

Khalid moet het antwoord schuldig blijven. Hij heeft al diverse veroordelingen voor geweldsdelicten achter de rug: de laatste was liefst drie jaar gevangenis.

Benpers is niet zelf bij de behandeling van de zaak aanwezig, hij laat zich vertegenwoordigen door zijn moeder en een advocaat, mr. R. Wortelboer. Deze dient een claim in van 25.000 gulden voor letselschade en 7.000 gulden voor een gouden ketting die in de sluis van Benpers' lichaam gerukt zou zijn.

“Hoe moet ik zo'n boete betalen?” vraagt Khalid.

“Werkt u?” vraagt de rechter.

“Nee.”

“Heeft u een uitkering?”

“Nee.”

“Waar woont u?”

“Bij mijn ouders.”

De officier eist drie maanden onvoorwaardelijke gevangenisstraf en een vergoeding van 15.000 gulden voor de letselschade - de diefstal van de ketting acht zij onbewezen. “Wat mij de overtuiging geeft dat hij de dader is, is de wellust waarmee hij er in de brief over schrijft.”

Khalids advocaat, mr. R. van der Velde, vindt de brief geen bewijs. “Er zit altijd bravoure in dergelijke brieven.”

De rechter heeft bedenktijd nodig om voor de schadeclaim te overleggen met collega's uit de civiele sector. De uitkomst is dat hij de eis van de officier overneemt, met dit verschil, dat hij nog 2.000 gulden aan de boete toevoegt.

De namen van de verdachten en getuigen in deze rubriek zijn om redenen van privacy gefingeerd.