Bedelaar boet voor vervuiling straatbeeld

AMSTERDAM, 12 NOV. Een dakloze bedelaar is gisteren door de Amsterdamse politierechter veroordeeld tot vijftig gulden boete of een dag hechtenis. Tegen de man was een geldboete van 150 gulden geëist.

Vorige maand was tegen de man proces-verbaal opgemaakt omdat hij op het Damrak zat met een bord om zijn nek waarop stond: “I'm homeless and hungry.” Hoewel de bedelaar niemand lastigviel, werd hij door de politie gearresteerd.

Bij zijn aanhouding verklaarde hij geld nodig te hebben om zijn harddrugsverslaving te bekostigen. Officier van justitie J. Steenbrink stelde tijdens de zitting dat bedelarij - net als drugsgebruik in de metro - een 'overlastveroorzakende' overtreding is. “Bedelarij draagt bij aan een verloederd straatbeeld”, aldus de officier. De rechter gaf hem ten dele gelijk, maar vond de eis van 150 gulden boete te hoog.

De bedelaar was zelf niet op de zitting aanwezig. Dat kon ook niet, omdat hij als dakloze de dagvaarding nooit heeft ontvangen. Hij zal het nieuws van zijn veroordeling horen als hij opnieuw gearresteerd wordt. Op dat moment heeft hij nog twee weken de tijd om in beroep te gaan.

Het komt zelden voor dat een bedelaar terechtstaat en zelden gebeurt dat ook op Sint Maarten, de feestdag die is vernoemd naar de heilige die de helft van zijn mantel aan een bedelaar gaf.

Onder de Amsterdamse bedelaars is over de vervolging grote onrust ontstaan. Ze zijn bang dat hiermee een heksenjacht op hen geopend is. Bedelaar Nick (22) kwam twee maanden geleden vanuit Engeland met zijn vriendin op vakantie naar Amsterdam. Ze zijn hier nog steeds, omdat ze geen geld hebben voor de terugreis. “Je bedelt natuurlijk alleen als je het echt nodig hebt”, meent Nick. Het bedelen levert volgens hem maar weinig op. “De markt is verpest door de vele junkies die bedelen. Mensen denken dat ik ook gebruik en geven me dan niets. Maar ik ben zelf al drie keer beroofd door verslaafden.”

Ook Ramon (28) is kwaad over de rechtszaak. Hij is vanaf zijn veertiende dakloos met uitzondering van de zes jaren die hij in de gevangenis heeft doorgebracht.

De aanklacht tegen de bedelaar vindt hij tekenend voor de onverschilligheid die volgens hem heerst jegens dak- en thuislozen. “Iemand geeft liever 25 gulden uit aan de hoeren dan aan iemand die ergens dood ligt te gaan van de honger.”