Hollands regentendom op de Antillen

De saturday night fever in Willemstad moet zich nog ontladen; de avond is ook nog jong. Antilliaanse jongeren maken op de hoek van de Columbusstraat de geraffineerde bewegingen van de Pinocchio-dans. Maar niemand van de Antillianen die aandacht heeft voor de Hollandse operette die zich onder hun ogen afspeelt.

“Meneer Bolkestein, hoe was het”, roept een groepje Nederlandse journalisten de fractieleider van de VVD in het hartje van Willemstad toe. De aangesprokene steekt zijn duim op, roept iets nietszeggends en beent verder. In zijn kielzog volgt collega Enneüs Heerma glimlachend en zwijgend. Even later schuift Kamervoorzitter Wim Deetman in tegenovergestelde richting langs. Ook hij heeft haast. “Horen we nog iets”, roept het groepje opnieuw. “Wacht u maar af”, maant Deetman. Het groepje bromt en mort. De journalisten hebben het idee dat ze in de regenteske jaren vijftig zijn beland, toen zwijgen regel was.

Het is een historisch en beladen bezoek dat de fractieleiders van de vier grote partijen dezer dagen aan de West brengen. Nooit waren de Big Four van het Nederlandse parlement samen op de Antillen. Sterker nog, op Gerrit-Jan Wolffensperger van D66 na waren de fractieleiders er nooit geweest. En Wolffensperger dan alleen nog in zijn jonge jaren als koopvaardijofficier bij de KNSM. Wallage was in het verleden regelmatig bestraffend toegesproken door de vroegere Antillen-specialiste van de PvdA-fractie, de flamboyante Wijni Jabaaij. Heerma wist zich geïnspireerd door de warme betrokkenheid bij de West van zijn vroegere anti-revolutionaire makker en minister voor de Antillen, Jan de Koning. En Bolkestein? Die kondigde zijn komst al in het voorjaar aan. Vanuit Zuid-Afrika welteverstaan, waar hij waarschuwde dat de Antillen dreigden af te glijden naar een Surinaamse positie: die van 'rovernest'.

Woedend waren ze op de Antillen geweest. De witwaspraktijken en de drugsconnecties die met Aruba verbonden worden, werden hun nu ook al aangerekend. Bolkestein moest uitkijken met zijn uitlatingen, zo zeiden ze in Willemstad vooraf tegen elkaar. Achter gesloten deuren kreeg de VVD-leider zaterdag in het gesprek met de Antilliaanse regering repliek. Niet ruw, wel uitvoerig en altijd wellevend. Respect is nu eenmaal een sleutelbegrip in de Antilliaanse cultuur, ook in de politieke. “Is Bolkestein meegevallen”, wordt aan een minister gevraagd die bij het gesprek aanwezig was. Ze ontwijkt de vraag: “Hij is minder dik dan ik gedacht had”, wil ze slechts kwijt.

De Antilliaanse parlementsleden krijgen later van Bolkestein een precieze verklaring wat hij gezegd en bedoeld heeft. De VVD'er neemt niets terug van zijn waarschuwing. Hij legt uit dat hij vooral Aruba op het oog had als potentieel roversnest, zegt hij later in de lounge van zijn hotel tegen Nederlandse journalisten. Die willen weten of hij in de gesprekken met kabinet en Statenleden nog nieuwe inzichten heeft verworven, die hem afbrengen van zijn opvatting. “Nee, vooralsnog niet”, is zijn directe antwoord. Als knikkers vallen zijn ronde Hollandse woorden op de vloer van het Antilliaanse hotel. (KvdM)