Bij aanslag in Moskou 12 doden

MOSKOU, 11 NOV. Twaalf bezoekers aan een Moskouse begraafplaats zijn gisteren gedood bij een bomaanslag, die in verband wordt gebracht met de georganiseerde misdaad. Premier Tsjernomyrdin sprak van een 'terreurdaad' en liet het avondprogramma op de Russische televisie wijzigen als blijk van respect voor de slachtoffers.

Hoewel Moskou er langzamerhand aan gewend raakt dat gangsters elkaar met bommen en automatische wapens uitmoorden, was de aanslag van gisteren opmerkelijk in zijn omvang en door de gekozen locatie. Tsjernomyrdin zag ook in de gekozen datum nog een bijzonderheid: gisteren was juist de Dag van de Militie, een feestdag waarop de politie in het zonnetje wordt gezet. “Dit is een uitdaging die niet onbeantwoord kan blijven”, aldus de premier.

De bom ontplofte op de begraafplaats Kotljakovskoje. Onder de slachtoffers waren leiders van een stichting van Afghanistan-veteranen. Zij maakten deel uit van een groep van ongeveer 130 mensen die bij zijn graf de dood herdachten van Michail Lichodej, de vorige voorzitter van de stichting. Die was precies twee jaar geleden bij een bomaanslag gedood. Zijn weduwe behoorde gisteren tot de slachtoffers. Zijn ouders en een oom werden gewond.

Een kolonel van de staatsveiligheidsdienst die ter plekke het politieonderzoek leidde, Stanislav Zjorin, bracht de aanslag in verband met mafia-structuren waarin het fonds voor Afghanistan-veteranen verstrikt zou zijn geraakt. “Ik denk dat het een voortzetting is van de bendeoorlog die ook al leidde tot de dood van Lichodej”, verklaarde Zjorin.

De stichting is in 1991 opgericht om gewonden uit de oorlog in Afghanistan (1979-89) bij te staan. Om fondsen te werven kreeg de stichting toestemming belastingvrij alcohol en sigaretten te importeren. De controle op de omvang en de opbrengst van de importen liet echter te wensen over. Zo kon deze nevenactiviteit van de stichting uitgroeien tot een miljoenenonderneming waarbij, zo wordt aangenomen, andere belangen speelden dan alleen die van de veteranen.

Pag.5: Stichtingen Rusland raken vaak in handen van mafiosi

Een lid van het stichtingsbestuur dat de aanslag overleefde, Franz Klintsevitsj, zei dat de organisatie voor de verkoop van de produkten de hulp had moeten inroepen van “commerciële structuren die werden gedomineerd door mafia-bendes”. De stichting kampte volgens hem voortdurend met interne twisten en herhaaldelijk waren de stichtingsbestuurders al bedreigd.

De stichting is slechts een van de vele liefdadigheidsinstellingen die zich dankzij belastingvrijstelling hebben ontwikkeld tot schimmige ondernemingen. De bekendste is de Nationale Sportstichting, waarin de ex-lijfwacht van president Jeltsin, Aleksandr Korzjakov, een belangrijke rol speelde. De regering heeft vorig jaar aangekondigd een eind te maken aan de commerciële activiteiten van de fondsen.

De journaals toonden gisteravond beelden van uiteengerukte lichamen waarvan sommige delen zelfs in de bomen hingen. Door de kracht van de explosie bestond aanvankelijk verwarring over het aantal slachtoffers. Premier Tsjernomyrdin en minister van binnenlandse zaken Koelikov hebben een groot politieonderzoek aangekondigd. Maar onderzoeken naar eerdere geruchtmakende aanslagen, zoals die op de journalist Dmitri Cholodov (1994), de tv-presentator Vladislav Listjev (1995) of de Amerikaanse zakenman Paul Tatum (vorige week) hebben nooit wat opgeleverd.