UURTJE ENGELS

Van harte ben ik het eens met het standpunt van de docenten die in het artikel 'Wat moet je nou met Engels' (W&O van 12 oktober) stellen, dat één uur Engels en Duits per week in het beroepsonderwijs veel te weinig is. Ik heb 38 jaar Engels gegeven in het MBO-HBO-onderwijs, drie uur per week in het HBO en twee uur per week in het MBO.

In het HBO is drie uur voldoende, maar in het MBO is twee uur aan de magere kant, laat staan één uur.

Wellicht dat mijn ervaring in het MBO enkele nuttige adviezen bevat voor de huidige docenten in dit onderwijs. In de eerste plaats is het noodzakelijk dit ene uur zo efficiënt mogelijk te besteden. Heel belangrijk daarbij is de leerlingen aan te zetten tot een grote mate van zelfwerkzaamheid thuis. Ik werkte in de sector motorvoertuigentechniek. Goed lesmateriaal was er niet, blijkbaar net zo min als nu. Aan de hand van uiteraard Engelse fabriekshandleidingen heb ik toen een zo volledig mogelijke lijst van automobielonderdelen samengesteld met inbegrip van uitdrukkingen op het gebied van reparatie en onderhoud. Deze lijst werd in stencilvorm aan de leerlingen uitgereikt. Dus vooral nooit dicteren, want dat kost te veel tijd.

Grammatica behandelde ik aan de hand van zelfgemaakte Nederlandse zinnen, eveneens op stencil, die ik ter vertaling thuis aanbood, zonder te diep op de theorie in te gaan. Door steeds grammaticaregels in zinnen te verwerken, worden deze als het ware ingeslepen. Voor algemene zinnen, zoals 'Ik ben gisteren in Amsterdam geweest' was te weinig belangstelling, maar de motivatie steeg aanzienlijk als de zin iets met auto's te maken had, zoals 'De automonteur heeft gisteren de vrije slag van de handrem afgesteld'.

Wat communicatie betreft liet ik een klas thuis een onderwerp bestuderen op autogebied. In de klas vormde ik dan twee groepen leerlingen. Een leerling uit de ene groep moest dan in het Engels een vraag stellen aan een leerling uit de andere groep, die op zijn beurt het antwoord in het Engels moest geven. Dit spelelement verrichtte wonderen. Voor de schriftelijke communicatie liet ik de leerlingen thuis eenvoudige handelsbrieven schrijven, zoals verkoopbrieven, aanvragen, offertes, order-, klachten-, en vorderingsbrieven, maar ook vertegenwoordigersrapporten. Dit alles ook weer op automobielgebied of daaromtrent. Voorts heb ik in Engeland vaak uitstekend en didactisch verantwoord lesmateriaal kunnen vinden, ook in BBC-cursussen.

Wat op automobielgebied kan moet ook in andere sectoren van het MBO mogelijk zijn, niet alleen in het Engels, maar ook in het Duits en Frans. Het is de hoogste tijd aan laatstgenoemde taal aandacht te gaan besteden, zeker in Europees verband. Ik hoor te vaak van oud-leerlingen dat dit hard nodig is.