Leve de DDR!

Je verwacht het niet meteen van een McKinsey-slager, maar Wouter Huibregtsen heeft heimwee naar de DDR.

Sport kan niet zonder de overheid, dat had Walter Ulbricht en na hem die ouwe Honecker goed gezien. In 1989 was het plotseling over met het sprookje van de staatsamateurs, staatszwemstertjes, staatsturnstertjes en staatscoaches. De ontmaskering was wreed: Stasi-bemoeienis, geprepareerde foetussen, transsexuele manipulaties, corruptie natuurlijk en geautoriseerde pedofilie. Alles kon, alles mocht als er maar gewonnen werd. En dat deden die Oostduitse atleten met de cadans van een mitrailleur. Het hele Westen sprak doodvonnissen uit over de DDR als sportnatie. De hel zijn de anderen.

Natuurlijk was de karikatuur van verdoemenis eenzijdig en hypocriet. Wat Flo-Flo allemaal door de aderen heeft laten gutsen kwam niet uit Oost-Berlijn; EPO is niet het spookhormoon dat in een afgebladderd laboratorium in Dresden werd samengesteld en de bodybuilders in Texas hebben sinds jaar en dag meer anabole steroïden in de ijskast staan dan Katrin Krabbe ooit van dichtbij heeft gezien. De Muur is gevallen en nog steeds wordt er bij het leven geslikt, gespoten en gefraudeerd - ook in Nederland. Maar omdat bobo's per definitie politici zijn deed het wel deugd een grote natie af te kunnen rekenen op haar schurftige sportmoraal.

Wouter Huibregtsen wil nu dat de Nederlandse overheid zich wat dieper ingraaft in het DDR-model, natuurlijk zonder doping. De overheidsbijdrage voor sport moet flink omhoog. De hele sportpiramide staat volgens de NOC*NSF-voorzitter op wankelen. “We gaan de kritieke fase in.” En dat kan Nederland niet hebben want de maatschappelijke positie van de sport is mede in het geding. Grote woorden die je nooit uit de mond van een zichzelf respecterende bedelaar zult horen. Ook dat is bekend: er zit meer rek in het zelfrespect van bobo's dan in hun organische inhaligheid.

De jeremiades van het NOC*NCF over geld zijn te grof voor woorden. Met hun prestigebudget waarmee de heren zichzelf, hun geliefden en genodigden in Atlanta fêteerden kunnen wel drie basketbalbonden in lengte van jaren in leven worden gehouden. Met het (besmette) geld van de krasloterij dat dagelijks op Papendal binnenstroomt kan heel Nederland tot de winter 2010 aan gas en licht. De bijdragen van officiële en semi-officiële sponsors zijn ook niet kinderachtig. Nog is het niet genoeg. Geeuwhonger heet dat.

Tot hun verbijstering hebben de sportbonden vastgesteld dat de spectaculaire sucessen in Atlanta (hockey, volleybal, roeien) niet tot de verbeelding van de jeugd spreken. Die verbeelding moet dus worden afgekocht met subsidies van de overheid. Zou het helpen? En wat is er eigenlijk op tegen dat jongeren meer voelen voor rietstengeldansen dan voor het spastische gedoe met een geparfumeerde hockeystick? Als een sport niet meer tot de verbeelding speekt dan betekent dit dat de beoefeaars en organisatoren te ver van het volk staan. Daar kan de overheid weinig aan doen. Zoals de overheid ook niet kan garanderen dat er over vijf jaar een nieuwe Marco van Basten bij Heracles staat te stunten. Of ze zou de Stasi-geheimen moeten doorpluizen, dan misschien wel.

Even werd gedacht aan een harde actie. Zoals bijvoorbeeld het stilleggen van de totale sport in Nederland gedurende een weekeinde. Als dat zou kunnen! Twee dagen zonder geschreeuw en gekrijs, oudjes die op zondag weer kunnen lachen in de trein, liefkozende paartjes die elkaar spiegelen in de grachten, en 's avonds op Nederland 2 drie Spaghetti-westerns achter elkaar ... wat zou dit landje vredig en liefdevol zijn! De gedachte aan een Witte Boycot werd helaas gauw verlaten, waarschijnlijk om Sport7 de finale doodsklap te besparen. Want laf zijn ze ook bij het NOC*NSF.

O lieve Erica, wat kan een mens zich verkijken op vriendschappen, nietwaar? Jaren heeft het mens zich als een monster van goedertierendheid naar de vier windstreken van de wereld gesleept, zonneklep op, vlaggetje in de hand, en nu wordt ook zij door de megalomanen van Papendal uitgekotst. De vrije val van Erica Terpstra, losgelaten door haar vrienden en gelijken, wie had dat gedacht, zo kort voor Kerstmis?

Ze had het nochtans kunnen weten. McKinsey-proleten hebben geen hart voor sport. Zij hebben alleen oog voor geld.

    • Hugo Camps