Hof Israel verbiedt foltering Palestijn

JERUZALEM, 9 NOV. Het Israelische Hooggerechtshof heeft de binnenlandse veiligheidsdienst, de Shin-Bet, gisteren voorlopig verboden een Palestijnse gevangene te folteren. Het verbod geldt in elk geval tot een nader te bepalen hoorzitting over de zaak. De Palestijn had de bescherming van het Hof ingeroepen tegen zijn ondervragers.

Volgens een gerechtelijke woordvoerder in Jeruzalem had de Palestijn Abu Nasser geklaagd dat hij sinds zijn aanhouding op 25 oktober langdurig en zeer hevig heen en weer was geschud. Deze verhoormethode heeft in april 1995 de dood veroorzaakt van een andere Palestijnse gedetineerde.

Abu Nasser was naar eigen zeggen voorts urenlang opgehangen aan de deur van zijn cel, verhinderd te slapen en onderworpen aan alle soorten vernedering.

Het openbaar ministerie had namens de veiligheidsdiensten verklaard dat in het huidige stadium van het verhoor van de Palestijn de ondervragers het niet meer nodig achtten “fysieke druk” op de Palestijn uit te oefenen. Maar mogelijk beschikte de arrestant nog over “hoogst belangrijke” informatie over een ophanden zijn de aanslag, en zo nodig zou de Shin-Bet het Hof vragen om zijn standpunt te herzien, aldus de aanklager.

Israel staat sinds 1987 het gebruik van “gematigde fysieke druk” toe bij ondervraging en “versterkte fysieke druk” tegen personen die verdacht worden van lidmaatschap van terroristische groepen die bomaanslagen beramen. Volgens mensenrechtengroepen komt het erop neer dat in Israel foltering is toegestaan.

In een andere zaak zei een Israelische advocaat dat ondervragers “dwang en geweld” hadden toegepast om vier ultranationalistische joodse jongeren tot een bekentenis te brengen in de zaak van een granaataanslag in Jeruzalem in 1992, waarbij een Arabier was gedood en zeven waren gewond. De advocaat zei een beroep op het Hooggerechtshof te hebben gedaan de daaropvolgende veroordeling van de jongeren, tot 5 tot 15 jaar gevangenis, nietig te verklaren omdat de bekentenissen onder druk waren afgelegd en daarom onder de Israelische wet ontoelaatbaar waren. De advocaat zei te beschikken over bandopnames van de ondervragingen. Volgens hem waren de vier onder andere geslagen en met hete koffie overgoten. (Reuter, AFP)