Renners Italië willen controle op bloeddoping

ROTTERDAM, 8 NOV. Enkele gerenommeerde Italiaanse wielrenners pleiten voor bloedcontroles bij wielerkoersen in eigen land om daarmee een einde te maken aan de geruchten over dopinggebruik. Een delegatie onder leiding van tweevoudig wereldkampioen Gianni Bugno komt dit weekeinde op een speciale vergadering in Milaan bijeen om de toenemende geruchtenstroom een halt toe te roepen.

In een vraaggesprek met La Gazetta dello Sport spreekt Bugno zijn ongerustheid uit: “Het is tijd om te reageren op alle verdachtmakingen”.

De discussie over bloedcontroles in de wielersport is ontstaan door het toenemende gebruik van EPO. Dit eiwithormoon staat voor erythropoiëtine, dat bij toediening aan het eigen bloed extra rode bloedlichaampjes produceert en daardoor de prestaties van de sporters bevordert. In plaats van hoogtestages of onderdrukkamers maken de coureurs in toenemende mate gebruik van hormonale injecties om zo het zuurstoftransport te vergroten. EPO is tot dusverre niet via urinemonsters op te sporen en daardoor niet aantoonbaar tijdens de dopingcontroles.

Buitenlandse onderzoekers zijn druk bezig een opsporingsmethode te vinden, maar het controleren op EPO in urine zal in de praktijk altijd problemen opleveren. Om het hormoon te ontdekken is meer dan een liter urine nodig. Volgens de Limburgse arts L. Schattenberg, lid van de anti-dopingcommissie van de internationale wielrenunie (UCI), kunnen de controleurs alleen EPO in de urine ontdekken als het hormoon een paar dagen voor de controle in het lichaam is geïnjecteerd. “Alles wat daarvoor is gebeurd, krijgen we niet te weten. We kunnen de renners dus alleen op heterdaad betrappen”, aldus Schattenburg.

Vooral de Italiaanse wielrenners worden de laatste jaren geassocieerd met EPO, dat bij ondeskundig gebruik kan leiden tot een vertraagde doorbloeding en trombose. In Italië is de ophef des te groter, aangezien ook de junioren steeds vaker gebruik zouden maken van bloeddoping. Verschillende Italiaanse politici hebben deze week hun ongerustheid over de gezondheid van topsporters uitgesproken in het nationale parlement.

De discussie over officiële bloedcontroles heeft in wielerkringen tot dusverre vooral negatieve reacties uitgelokt. Volgens H. Verbruggen, de Nederlandse voorzitter van de UCI, kleven er ethische bezwaren aan. De menselijke integriteit is in het geding, meent Verbruggen. Volgens E. Vrijman, directeur van het Nederlands Centrum voor Dopingvraagstukken (NeCeDo), zitten er praktische problemen aan uitgebreid bloedonderzoek. “Je hebt dan bij elke controle een arts nodig. De kosten schieten als een raket omhoog.”