Hongkong zal eindelijk sociale knelpunten moeten aanpakken

De media doen vaak verslag van de politieke en constitutionele omwenteling in de Britse kroonkolonie Hongkong als voorbereiding op de integratie als 'Speciale Administratieve Regio' (SAR) van China, volgend jaar. Over de sociale transformatie van een koloniaal, kosmopolitisch, ongeïntegreerd allegaartje naar een meer samenhangende Zuidchinese sub-natie wordt nauwelijks bericht, ook in Hongkong zelf.

HONGKONG, 8 NOV. Nadenken over andere zaken dan geld is niet erg gebruikelijk in het puissant rijke Hongkong, stad van bankiers, onroerendgoedmagnaten, reders, investeerders en advocaten, die al hun vrije tijd besteden aan galadiners, zeilen, golfen en tennissen. Zelfs een deel van de slinkende arbeidersklasse is zeven dagen en nachten per week in de weer om het karige salaris aan te vullen door handel in aandelen, onroerendgoedspeculatie, paardenrennen en gokken met mahjongsteentjes of in de casino's van Macau, de 70 kilometer westelijk gelegen Portugese enclave, die als het Las Vegas van Azië dienst doet.

Apolitiek materialisme zit de meeste Chinezen in het bloed, naar democratie was tot midden jaren tachtig geen vraag en dat kwam de Britse koloniale regenten goed uit. Het was een 'kleine' regering, die steunde op de plaatselijke elite en een beleid van 'positief non-interventionisme', laisser-faire-kapitalisme en sociaal darwinisme voerde. De regering hield de rechtsstaat hoog, handhaafde de openbare orde, bestreed corruptie effectief, maar deed niets aan nation-building en weinig aan sociale ontwikkeling.

Het inkomensverschil tussen de steenrijke bovenlaag en de lagere klasse is wellicht het hoogste ter wereld. Een grotere mentale kloof dan die tussen Hongkongs potsierlijke, spilzieke glitterati en normale mensen is nauwelijks denkbaar. Nergens ter wereld ziet men overdag zo'n onwaarschijnlijke concentratie van Rolls Royces, Daimlers, BMW's 735, Jaguars, Mercedessen en Toyota's Lexus met geüniformeerde chauffeurs, die vrouwen van miljonairs, opgemaakt als filmsterren, naar de honderden juweliers en modeontwerpers brengen.

Op de Forbes' lijst van rijkste mensen ter wereld voor 1996 staan 20 multimiljardairs uit het zes miljoen inwoners tellende Hongkong tegenover 149 uit de VS met 300 miljoen inwoners. Onroerendgoedmagnaat Lee Shau-kee van Henderson Land Development is 12,7 miljard dollar waard en daarmee de vierde rijkste man ter wereld, gevolgd door Li Ka-shing van Cheung Kong/Hutchison Whampoa die goed is voor 10,6 miljard dollar. Beiden vluchtten in 1949 met lege handen en zonder schoolopleiding voor het communisme naar de Britse kroonkolonie, die naar verwachting spoedig door de rode hordes overrompeld zou worden. De geschiedenis is wonderlijk onverwacht geheel anders gelopen.

Hongkong is onder de ondemocratische, maar zachte hand van Britse koloniale regenten een paradijs geworden om snel rijk te worden. De inkomstenbelasting is maximaal 15 procent. De belangrijkste bron van regeringsinkomen is sinds midden jaren tachtig de pacht uit grondtransacties met zogeheten kroonland geweest. Sinds China en Engeland in 1984 een verdrag tekenden over de teruggave van Hongkong in 1997 heeft de pro-Britse elite zich geleidelijk van haar koloniale meesters gedistantieerd en is ze naar het Chinese kamp overgegaan, waar zij hun meeste miljoenen inmiddels geïnvesteerd hebben.

De opendeurpolitiek van de Chinese leider Deng Xiaoping en diens marktgerichte economische hervormingen hebben Hongkong de meest spectaculaire kansen op economische schaalvergroting gegeven. Het was voor 1980 een kleine, veelbelovende nieuwe industriële economie; daarna werd het een hoofdrolspeler in de modernisering van de Chinese markt van inmiddels 1,2 miljard mensen.

Wat tijdens de laatste jaren van het Britse bestuur heeft vormgekregen is een monsterverbond van China's communisten en Hongkongs miljonairs. De laatste, populistische, Britse gouverneur, Chris Patten, heeft de ondersteuningsbasis voor het koloniale regime verlegd van de elite naar het democratische kamp en de arbeidersklasse en die twee vreemde, onhoudbare coalities hebben de laatste jaren voor weergaloos krakeel gezorgd.

Hongkongs politieke systeem zal in elk geval ingrijpend veranderen volgens de bepalingen van de Basic Law voor de SAR, maar voor de hervorming van de samenleving bestaat geen plan. China wil dat Hongkong een economische stad, een geldmachine blijft, waar investeringskapitaal gegenereerd wordt, waar de sociale status-quo van plutocratie blijft voortduren en waar al helemaal geen sociaal-democratie komt.

De vraag is of de 'natuurlijke' sociale evolutie van Hongkong kan worden tegengehouden. Een van de leidende denkers op dit gebied is prof. S.K. Lau, voorzitter van de Faculteit der Sociale Wetenschappen aan de Chinese Universiteit van Hongkong, tevens lid van het 'Voorbereidend Comite', dat China adviseert bij het opzetten van de Speciale Administratieve Regio (SAR). Lau zegt dat er onmiddellijk na het neerhalen van de Union Jack en het vertrek van Patten een feest zal zijn, maar dat het pro-China kamp de volgende dag uit elkaar zal vallen. “Het is een heterogene coalitie van traditionele linkse patriotten, grote zakenlieden en koloniale overlopers, die niets gemeen hebben. Pro-China is na de overdracht geen bruikbaar label meer. Er zullen allerlei conflicten uitbreken en de chief-executive (de Chinese gouverneur) moet die verzoenen en een nieuwe coalitie bouwen.” Volgens Lau zal het restant van de koloniale regering met het bestuursapparaat en de Uitvoerende Raad een coherente groep met veel respect en goodwill blijven en de chief-executive moet daarop blijven steunen. De rijke elite aan de top zal proberen met steun van China aan de macht te blijven en opwaartse mobiliteit van de middenklasse proberen tegen te houden.

De belangrijkste grief van de middenklasse is dat de prijzen van onroerend goed zo absurd hoog zijn - anderhalf miljoen gulden voor een flatje van 90 vierkante meter - en dat er te weinig medezeggenschap is. Dan is er wegens Hongkongs de-industrialisatie tijdens de jaren tachtig (de verplaatsing van nagenoeg alle lichte, arbeidsintensieve industrieën over de grens naar Zuid-China) een groeiend lompen-proletariaat. Hongkong is voor meer dan 80 procent een diensten-economie geworden en er worden nauwelijks meer nieuwe industriebanen gecreëerd. “Een deel van de middenklsse is hierdoor zelf aan het degenereren tot onderklassestatus”, zegt Lau. Ook de perceptie dat Hongkong een kansrijke samenleving was neemt af. “Vroeger werden de rijken rijker en de armen minder arm. Nu worden de rijken dankzij hun banden met China nog steeds rijker, maar de armen niet. Integendeel. De arbeidersklasse haat de rijke elite omdat zij geen sociaal geweten heeft en wantrouwt China omdat het steunt op de elite.”

De drie belangrijkste kandidaten voor de post van chief-executive hebben alle drie openlijk gezegd dat zij nooit enig contact met minder bedeelden hebben gehad. Een van hen, ex-opperrechter T.L. Yang reist nu voor het eerst in zijn leven met bus en metro door Hongkong en bezoekt krottenwijken waar vooral de bejaarden in erbarmelijke omstandigheden leven. Een poging van gouverneur Chris Patten om nog voor de Britse terugtrekking een soort AOW in te voeren is door Hongkongs geld-adel met de steun van China getorpedeerd.

Lau vreest dat het potentieel voor een klassenconflict in Hongkong toeneemt, hoewel het nog geen crisis-afmetingen heeft bereikt. Dankzij de hervormingen van gouverneur Patten hebben de lagere klassen kanalen gekregen om hun opvattingen te uiten en samen met de Liberalen en Democraten moeten zij druk op de toekomstige regering uitoefenen. “Als wij een goede chief-executive krijgen zal die zich bij tijd en wijle met de Democraten en de arbeidersklasse verbinden om de macht van de elite in te perken en Hongkong een rechtvaardiger maatschappij te maken”, aldus Lau. De vraag is echter of de Democratische Partij een belangrijke machtsfactor kan blijven. De afgelopen jaren is ze de populairste partij geworden dankzij de anti-China-stemming wegens het bloedpad in Peking van 1989 en dankzij de steun van Patten. China zal echter proberen de Democratische Partij met allerlei methoden, zoals verdeel en heers, een nieuwe kieswet etc., te decimeren. China's prioriteiten in Hongkong zijn tweeërlei: het wil Hongkong stabiel houden en voorkomen dat het een (internationale) basis voor ondermijning van het socialisme in China wordt (c.q. blijft) en het wil dat het miljarden aan investeringskapitaal voor de modernisering van China blijft genereren. Overijlde democratisering à la Patten ondermijnt die stabiliteit en bedreigt zowel China als de plutocratische elite.

Maar China beseft ook dat als bepaalde sociale knelpunten niet aangepakt worden de stabiliteit in Hongkong in gevaar komt. Vandaar dat sommige economen erop speculeren dat China zal proberen, een nieuwe grondpolitiek te introduceren, waardoor prijzen van grond en onroerend goed aanzienlijk kunnen dalen. In ruil daarvoor zouden de lagere en middenklassen hiervoor vertraging en/of terugschroeven van de democratisering moeten aanvaarden.

Professor Lau meent dat 'Eén land - twee systemen' een nieuw experiment is en dat China de interne ontwikkeling in Hongkong nauw zal volgen. Het zal de interne autonome zaken van Hongkong aan de chief-executive overlaten, en alleen ingrijpen als het zich zeer oncomfortabel voelt, aldus Lau. De chief-executive moet niet alleen het vertrouwen van de Chinese regering hebben, maar ook van het internationale zakenleven en de lokale publieke opinie. “Volgens de Basic Law is het onmogelijk dat China de chief-executive ontslaat. Daarom kan hij dreigen ontslag te nemen. Dat is zijn manoeuvreerruimte. Hij kan handig en weloverwogen de lokale publieke opinie, internationale steun en zijn vriendschap met Chinese leiders gebruiken om zijn zin door te drijven. Als hij de wil en de vindingrijkheid heeft om dat effectief te doen, dan zit het goed met de toekomst van een autonoom Hongkong”, aldus professor Lau.