Eindprodukt uit een plant - een stoel van kool

Produkten uit agrarische grondstoffen zijn afbreekbaar en CO-neutraal. En dus minder belastend voor het milieu dan produkten uit aardolie. Tot voor kort had de industrie er weinig belangstelling voor, maar nu is er een doorbraak. Zevende en laatste deel in een serie over produkten uit groene grondstoffen: worteltafels en koolstoelen.

Boeren zien toekomst in niet-voedingsgewassen. In aardappelen en suikerbieten voor bioplastics, in vlas voor bouw- en constructiemateriaal, in hennep voor papier. Kunstenaar Reinier Lagendijk en ontwerper Jan Velthuizen zitten op dezelfde lijn als de akkerbouwers, maar gaan wat korter door de bocht. Hun planten maken meteen al een eindprodukt, worteltafels en koolstoelen.

De stoelen van Velthuizen staan op een akkertje bij Eindhoven. Ze groeien als kool. Aan het eind van het jaar worden ze geoogst: tien stoelen, vers van het land. Het idee om de giant channel islands cabbage van het eiland Jersey in de vorm van stoelen te laten groeien, ontstond toen Velthuizen in een Engelse krant een artikel las over deze bijzondere planten. Velthuizen: “In dat stuk stond dat de kool van Jersey drie tot zes meter hoog wordt. De stammen werden in het verleden gebruikt voor bouwconstructies, onder andere als spanribben voor schuren. Tegenwoordig maken ze er wandelstokken van voor de toeristen.”

Afgelopen voorjaar plantte de ontwerper tientallen koolstekjes, steeds vier bij elkaar die de poten van een stoel moesten worden. De planten zijn inmiddels één meter hoog en Velthuizen is er aardig druk mee. “Oorspronkelijk was het de bedoeling om de kool in mallen te laten groeien. Stammen die de zithoogte hebben bereikt, wilde ik in een mal stoppen om ze in horizontale richting te dwingen. Op die manier zou een raamwerk voor de zitting ontstaan. Maar van dat idee ben ik afgestapt. Ik maak nu een basis voor het zitvlak door dwarsverbindingen te enten op de stammen. Intussen kunnen de stammen rustig doorgroeien voor de rugleuning.” Velthuizen teelt ook nog wat koolplanten in potten. Door de planten naar de zon te draaien, probeert hij de groeirichting te beïnvloeden. Over het resultaat van dat experiment is hij niet erg tevreden. De planten blijven in hun ontwikkeling achter bij de kool die op de akker staat.

Jan Velthuizen werkt alleen met afvalmateriaal als notendoppen (voor meubelen) en mosselschelpen (als vulmiddel voor tegels) en met vernieuwbare materialen. Voorlopers van z'n koolstoelen zijn de kalebassen die hij met behulp van mallen in de vorm van flessen laat groeien. Velthuizen: “Het idee achter deze teelexperimenten is om produkten te maken zonder dat er materiaal verloren gaat. In Japan zijn ze daar ook mee bezig. Ze onderzoeken daar of het mogelijk is om bamboe in een vierkante vorm te laten groeien. De vierkante bamboestokken kunnen meteen gebruikt worden voor allerlei toepassingen.” Ook bij zijn koolstoelen gaat geen materiaal verloren, zegt Velthuizen. “Bij het maken van houten stoelen wordt vijftig procent van het materiaal verspild door het verzagen. Mijn stoelen leveren geen afval op. Zelfs het blad van de kool wordt niet weggegooid, dat wordt als veevoer gebruikt. Een voordeel van mijn stoelen is ook dat ze binnen één jaar klaar zijn. Bij een houten stoel duurt het twintig jaar voordat het materiaal gegroeid is.”

Wat Velthuizen doet met stoelen, doet de Enschedese kunstenaar Reinier Lagendijk met tafels. Lagendijk maakt mallen in de vorm van tafels. De holle mallen vult hij met aarde, waarna hij planten in de uiteinden stopt. In zijn eerste tafel plantte hij vijgenbomen. Na twee jaar was de aarde uit de mal verdwenen en zaten de poten en het blad van de mal helemaal vol met wortels van de planten. Lagendijk: “Toen ik de mal er afhaalde, was het de vraag of de tafel zou blijven staan. Dat was inderdaad het geval. Maar na verloop van tijd werd het materiaal toch minder mooi. De wortels droogden uit doordat de luchtvochtigheid in de kamer niet constant was.” Het probleem werd opgelost door planten en wortels niet meer van elkaar te scheiden. “Voor mijn nieuwe tafel gebruik ik een gatenplant. Ik heb de mal zo gemaakt dat de plant geïntegreerd is in het tafelblad. Door de plant water te geven, houd ik ook de tafel in leven. Van uitdroging van de wortels is geen sprake meer”, aldus Lagendijk.

Het nieuwste groenobject van de kunstanaar is een grote rubberboom die zelf schilderijen maakt. De lange wortels van de rubberboom worden in drie mallen geleid, die de vorm van schilderijen hebben. Als de mallen worden weggehaald, hangen er drie levende wortelschilderijen in de boom. Wat zo'n wortelschilderij moet kosten? Lagendijk heeft er nog niet over nagedacht. Hij maakt zijn worteltafels niet om het geld, zegt hij. “Het gaat me niet om het eindpunt. De weg is mijn doel.”

    • Dieuwke Grijpma